'Ik kan het best loslaten. Denk ik'

'Voor de bedrijvenloop kregen we al snel veel aanmeldingen. Het werkt motiverend voor werknemers omdat collega's elkaar in enthousiasme aansteken.' Foto Amaury Miller - amaurymiller.nl Beeld
'Voor de bedrijvenloop kregen we al snel veel aanmeldingen. Het werkt motiverend voor werknemers omdat collega's elkaar in enthousiasme aansteken.' Foto Amaury Miller - amaurymiller.nl

De Dam tot Damloop is in een kwart eeuw uitgegroeid tot het grootste en populairste atletiekevenement van Nederland. En dat allemaal omdat Cees Lansbergen meer dan 25 jaar geleden beslist wilde dat zo'n loop er kwam.

Niets en niemand kon Cees Lansbergen begin jaren tachtig van zijn idee afbrengen. In zijn hoofd zag de Alkmaarder duizenden mensen van Amsterdam, via de IJtunnel, naar Zaandam lopen. Vierentwintig edities na de eerste Dam tot Damloop zwaait Lansbergen af als directeur van het hardloopevenement dat uitgroeide tot één van de grootste in de wereld.

U heeft dit jaar het directeurschap van de stichting Sportevenementen Le Champion, waaronder de Dam tot Damloop valt, ingewisseld voor de adviseursrol. Was het moeilijk om uw geesteskind over te dragen?
''Als je ziet dat de zaak met passie en gedrevenheid wordt overgenomen, is het niet lastig om een stap naar achteren te doen. De nieuwe directrice, Simone Richardson, is heel enthousiast. Ook daarom kon ik het makkelijker loslaten. Ik wist dat het moment eraan zat te komen, werkte al veertig jaar voor Le Champion. Daar ben ik in de jaren zeventig als vrijwilliger begonnen. In mijn begintijd organiseerde ik veel evenementen, maar na een aantal jaar wilden we iets nieuws. Een groot gebeuren. Ik zat zelf aan iets exclusiefs te denken, een evenement in de stad. Ik had krantenknipsels bewaard van een ludieke wedstrijd van Dam naar Dam. Toen waren er nog geen tunnels. Ik dacht: nu zijn er wel tunnels, laten we het nu te voet doen.''

En iedereen was natuurlijk meteen enthousiast?

''Nee, dat niet. Het kostte me veel moeite om iedereen te overtuigen. Vooral de gemeente Amsterdam wilde niet meewerken. De politie was begin jaren tachtig overbezet en ze wilden de IJtunnel niet een hele dag afsluiten voor verkeer. We kregen wel steun van Zaanstad. Die burgemeester is zelfs nog met zijn collega van Amsterdam gaan praten. Maar hij bleef weigeren.''

Dat bracht u niet van de wijs?

''Ik had dit plan in mijn hoofd. Samen met mensen van Le Champion zijn we gaan pushen met relaties die we hadden. Ook namen we geregeld contact op met de gemeente. Het antwoord bleef nee, totdat we begin 1985 opeens een uitnodiging kregen om naar het stadhuis te komen. Ze vroegen naar meer informatie. Ze wilden het een kans geven omdat Amsterdam zich kandidaat wilde stellen voor de Olympische Spelen van 1992. In juli 1985 kregen we toestemming en vier maanden later deden 4300 mensen mee aan de eerste Dam tot Damloop.''

''Het werd een groot succes met veel publiek. De belangstelling voor de finish in Zaandam was gigantisch. Daarna hoefden we niet eens meer toestemming te vragen van de gemeente. Iedereen vroeg direct aan ons: volgend jaar weer?''

Heeft u ooit een poging ondernomen om het 16,1 kilometer lange parcours af te leggen?

''Op de dag zelf ben ik altijd te druk met het organiseren. Dat is de reden dat ik nog nooit heb meegedaan. Al is het wel voorgekomen dat ik weken van tevoren de route liep. Zodoende kwam ik erachter dat er teveel stille stukken binnen het parcours waren.''

Hoe heeft u dat aangepakt?

''De start en de finish van de loop zijn altijd een grote belevenis geweest. Het was echter veel moeilijker om de stukken daar tussenin sfeervol te maken. Die zijn namelijk niet overal mooi en er wonen weinig mensen. Daarom staan nu op veel plaatsen langs het parcours bandjes te spelen. Ook hangen er versieringen en hebben we publiek gevraagd verspreid te gaan staan. De Dam tot Damloop kent geen stil stuk meer.''

De vernieuwingsdrang die u in de Dam tot Damloop legde, hield niet op. Zo bedacht u de bedrijvenloop waarin collega's in teams meelopen.

''Daarmee zijn we in 1988 begonnen. De voornaamste reden hiervoor was het tekort aan sponsors. Bedrijven overtuigen geld te steken in deze loop was moeilijk.''

''Voor de bedrijvenloop kregen we al snel veel aanmeldingen. Het werkt motiverend voor werknemers omdat collega's elkaar in enthousiasme aansteken. Vanwege dit nieuwe initiatief schreven veel meer mensen zich in en ontvingen we automatisch meer inschrijfgeld. Ook andere organisaties zagen de voordelen van deze constructie. Ze kwamen zelfs bij ons langs voor informatie.''

Hoe kwam u in 2005 op het idee om ook nog een sponsorloop te organiseren?

''Bedrijven bedachten vier jaar geleden zelf dat ze onder de vlag van hulporganisaties konden meelopen. Tot dan liepen alleen werknemers van Het Parool mee onder de naam van een goed doel, de Witte Bedjes. Omdat wij alles graag wilden coördineren hebben we de goededoelenloop bedacht. Minstens vijf teams per goed doel met elk tien lopers. Omdat er altijd een schaarste is aan inschrijfplaatsen, kopen mensen deze plekken graag op. Er lopen nu meer dan veertig goede doelen mee.''

Aan welke editie bewaart u bijzondere herinneringen?

''De eerste editie is voor mij het speciaalst vanwege het succes. Het idee sloeg direct aan. Natuurlijk springen er wel meer edities uit. Zo liep Lornah Kiplagat een wereldrecord in 2006. Maar ik heb van elke jaargang genoten.''

In 1999 werd de Dam tot Damloop door het noodlot getroffen. Voor het tweede jaar op rij mochten ook skeeleraars de route afleggen. Maar vanwege het grote aantal ongeoefende deelnemers ging het voor de ingang van de IJtunnel flink mis.

''In 1998 hadden we met succes de eerste skeelertocht georganiseerd. We wilden vernieuwen en eind jaren negentig was dit een populaire sport geworden. Dat eerste jaar was een groot succes. De deelnemers waren allemaal geoefend en alles verliep goed.''

''Een jaar later schreven vierduizend mensen zich in voor deze tocht. Vanwege het enthousiasme reden er helaas ook veel ongeoefende skeeleraars mee. De afdaling naar de IJtunnel bleek voor hen te moeilijk, waardoor iedereen tegen elkaar aan reed en viel; 44 mensen raakten gewond en zeven mensen moesten naar het ziekenhuis.''

''Het zorgde voor een grote ophef, tot op het overdrevene af. Ik zeg niet dat het niets voorstelde, maar de Volkskrant kopte de volgende dag 'We werden de dood ingejaagd'. Dat scheen een deelnemer te hebben gezegd. Echt een stuk sensatiepers.''

Wat voor gevolgen had het ongeluk voor u als organisator?

''We werden aangeklaagd door de vereniging voor letselschadeslachtoffers. Zij hadden een oproep geplaatst waarin gevraagd werd naar mensen die gewond waren geraakt. Een paar deelnemers hadden hun enkel gebroken. Dat is heel erg, maar dat was de ernstigst0e verwonding. Niemand was in levensgevaar geweest. Die rechtszaak heeft jarenlang geduurd. Uiteindelijk werden we vrijgesproken omdat we er als organisatie alles aan hadden gedaan een dergelijk ongeluk te voorkomen. We hadden van tevoren uitgebreid gecommuniceerd dat ongeoefende skeeleraars niet mee moesten doen. Er wordt nu niet meer van de Dam naar de Dam geskeelerd. Daarvoor is het wandelen in de plaats gekomen. Daar zal weinig mee gebeuren.''

Dit jaar doen 78.000 mensen, verdeeld over twee dagen, mee aan het Dam tot Damevenement. Zo niet lopend, dan wel fietsend of wandelend. Zit er nog heel veel rek in de deelnemersaantallen de komende jaren?

''Het deelnemersaantal is altijd stijgend of stabiel geweest. Met uitzondering van 2000. Het skeelerongeluk zorgde voor een flinke daling het jaar erop. Het positieve was dat het aantal inschrijvingen in 2001 weer explosief steeg. Een supergroei.''

''Drie jaar geleden hebben we nog vergunning gekregen voor een verhoging tot 35.000 deelnemers aan de Damloop. Van de verschillende instanties mag deze limiet niet meer omhoog.''

''Logistiek gezien is een groei ook onmogelijk. Alles zou vastlopen. De vergunning die we dit jubileumjaar voor de zaterdagavond kregen is daarom eenmalig. In de fiets- en wandeltocht zit nog wel rek, daar hebben we geen echte limiet voor. We blijven zeker de grenzen opzoeken.''

Maar voor u zit het er nu op?

''Het is een heerlijk gevoel als je ziet dat mensen je taken goed overnemen. De drang om te vernieuwen blijft. Volgend jaar zal ik de Dam tot Damloop op een heel andere manier bekijken. Misschien ga ik wel lekker langs de kant foto's maken. Vind ik ook leuk om te doen. Het organisatorische kan ik met een gerust hart loslaten, denk ik, maar dat zal moeten blijken. Ik heb het zo lang gedaan en ben er zo in verweven. Al merk ik nu al dat het best lukt.'' (MARTINE VAN DEN HEUVEL)

Foto Amaury Miller - amaurymiller.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden