PlusExclusief

Iedereen moet inschikken op deze ongetemde woningmarkt, zegt Ymere-directeur Erik Gerritsen

Amsteldorp is een geliefde buurt van de Watergraafsmeer, maar de woningen zijn oud en versleten.  Beeld Marjolein van Damme
Amsteldorp is een geliefde buurt van de Watergraafsmeer, maar de woningen zijn oud en versleten.Beeld Marjolein van Damme

De wooncrisis kan worden opgelost: iedereen moet inschikken, ook de mensen die al een plek in de stad hebben, zegt de nieuwe directeur van Ymere, Erik Gerritsen. ‘Inspraak is nu wel erg goed geregeld in deze stad, accepteer dat er soms gedoe ontstaat.’

Ruben Koops en Marc Kruyswijk

Na jarenlang te hebben meegedraaid in de bestuurlijke top van politiek Den Haag is Erik Gerritsen terug in Amsterdam. Dit keer niet als topambtenaar of jeugdzorgbestuurder, maar als voorzitter van de directieraad van Ymere, met 40.000 woningen in ­Amsterdam en nog eens 30.000 daarbuiten de grootste woningcorporatie van Nederland. Hij begon aan zijn nieuwe baan in een tijd dat volkshuisvesting weer in het brandpunt van de belangstelling staat en er ook naar woningcorporaties wordt gekeken voor een oplossing.

Na de schandalen rond Vestia en Rochdale werkten corporaties jarenlang in de luwte aan de sanering van hun portefeuille en herstel van de achterstanden binnen hun woningvoorraad. Inmiddels zijn de organisaties er volgens Gerritsen klaar voor om weer grote hoeveelheden betaalbare woningen op te leveren, mits de gemeente én de samenleving gaan meewerken.

Tijdens het Woonprotest op 12 september liep u een eindje mee met de demonstranten. Waarom wilde u daar bij zijn?

“Omdat ik er niet alleen wil zijn voor de mensen die al een Ymerewoning hebben, maar ook voor die grote groep toekomstige huurders. Ik hoorde daar verhalen van jongeren wier leven on hold staat omdat ze geen woning hebben. Wat moet je in deze tijd als je relatie uitgaat, of als je een baan in Amsterdam vindt? Die mensen hoppen nu door de stad, van bed naar bank of logeeradres, vreselijk. Voor de mensen die nu geen positie hebben op de woningmarkt wil ik een oplossing vinden.”

De wachttijd voor een sociale huurwoning is opgelopen tot veertien jaar. Denkt u ook niet dat de aanwezigen bij het Woonprotest Ymere juist als deel van het probleem zien?

“Dat is een gewetensvraag. Ymere en de hele sector komen uit een moeilijke tijd. We hebben onder verscherpt toezicht gestaan, door regelgeving en financiële problemen hebben we onze investeringsportefeuille moeten terugbrengen van 400 naar 100 miljoen euro. De afgelopen jaren zijn de woningcorporaties bijzonder strak in het pak genaaid. Zelfs als de verhuurderheffing door het nieuwe kabinet wordt verlaagd, moeten wij miljoenen euro’s vennootschapsbelasting gaan betalen. De zaak is financieel nu op orde, maar het nadeel is dat we de afgelopen jaren niet het maximale hebben ­kunnen doen, zoals bijbouwen en verduurzamen van de bestaande voorraad. Dus in die zin zijn we onderdeel van het probleem.”

U bent een nieuwkomer in de volkshuisvesting. Wat valt u op?

“Ik heb geluk, want de wooncrisis zorgt ervoor dat corporaties niet meer als probleem maar als deel van de oplossing worden gezien. Corporaties krijgen van Den Haag voorzichtig ruimte om middenhuur te gaan ontwikkelen bijvoorbeeld. Maar er is nog wel winst te boeken in de samenwerking met de gemeente. Kijk naar de ontwikkeling van flexwonen, het snel en goedkoop bouwen van woningen die een tijdelijk karakter hebben. Van de twintig locaties die we op het oog hadden, kunnen we op één locatie gaan bouwen, met een beetje geluk op twee. Woningcorporaties kunnen op korte termijn duizenden van deze woningen neerzetten van een goede kwaliteit.”

“Echter: de gemeente vindt het lastig om tegen bewoners zeggen: hier komt tijdelijke woningbouw. Door de discussie over wind­molens is de gemeente bang dat er gedoe ontstaat, terwijl we in een wooncrisis zitten! We hebben het in Nederland qua inspraak wel erg goed geregeld.”

Belemmeren Amsterdammers die al een plek hebben de ruimte voor nieuwkomers?

“Ik heb geen zin om te wijzen, maar ik constateer dat we op een krampachtige manier met elkaar omgaan. Ik zeg alleen: de bouw van woningen moet sneller. Laat omwonenden twee keer inspreken, in plaats van drie of vier keer. Natuurlijk kunnen we wachten op mooie nieuwbouwwijken, maar die staan er pas over vijf tot zeven jaar. Daar hebben de wachtenden van nu niks aan. Accepteer dat er soms reuring ontstaat. Ook de zonen en dochters van mensen in de buurt van flexlocaties kunnen momenteel geen huis vinden, dat gesprek ­moeten we voeren.”

Flexwoningen, zijn dat niet de krotwoningen van de toekomst?

“Dat is een misvatting die ook in Den Haag hardnekkig blijkt. Dit zijn geen omgebouwde containers, maar volwaardige woningen die in een fabriek worden geproduceerd en op de locatie in elkaar worden gezet. Fabrieksbouw is circulair en duurzaam, de hele klerezooi, maar we hebben wel locaties nodig om ze neer te zetten. Vergeet niet, Floradorp in Noord is ook ooit gebouwd als tijdelijke woningbouw en die wijk staat er nog steeds.”

Wat is de kern van de problemen op de huidige woningmarkt?

“Die vraag veronderstelt dat er één oorzaak is en dus één oplossing. Dat is onjuist. De kern is dat de woningmarkt ingewikkeld is en ongetemd, iedereen die beweert dat er één oplossing is, slaat de plank mis. Onderdeel van de oplossing is in elk geval flexbouwen, dat kan snel duizenden woningen extra opleveren. En de ontwik­keling van middenhuur door woningcorporaties, daardoor ontstaan er doorgroeimogelijkheden voor sociale huurders en schep je daar ook ruimte.”

Moeten we kritisch kijken naar scheefwoners, of ouderen in hun eentje in een groot huur­appartement?

“Huishoudens die rond de 60.000 euro per jaar verdienen, noem je dat scheefwoners? Die dragen ook bij aan de gemengde samenstelling van een wijk. Als wij ze eruit jagen is het enige alternatief 1600 euro huur per maand, dat vind ik niet oké. Dat gaan we ook niet doen. Bovendien, veel mensen gaan na hun pensionering weer achteruit in inkomen, waarom zouden zij hun sociale woning opgeven? We moeten wel scherper gaan kijken naar alleenstaanden die ruim wonen. Zo wonen er 6000 senioren in een grote sociale huurwoning, daarvan verhuren er maar 200 een deel van het huis als hospita. Ook daar moeten we naar durven kijken.”

Oude woningen slopen is een groot taboe in Amsterdam, waarom gaat Ymere het toch doen?

“Laten we de ongemakkelijke waarheid recht aankijken: wij willen bij de Kleine Die in Noord en in Amsteldorp in Oost sloop-nieuwbouw toepassen omdat onze experts zeggen dat die woningen op zijn. Ik begrijp dat bewoners daar boos om zijn. Wij willen daar betere woningen terugbouwen en tientallen extra woningen toevoegen op dezelfde plek door te stapelen. Ik vind dat de terugkeergarantie voor onze huurders niet ver genoeg gaat, die krijgen na sloop een nieuw huurcontract met een nieuwe prijs. Dan denk ik, kunnen we dat niet aanpakken en oplossen? Het is een spannend gesprek, maar ik vraag mensen ook altijd: ben je tegen verhuizing omdat jouw huis zo goed is, of omdat je niet weg wilt? Op plekken waar ons bezit van slechte kwaliteit is en we in staat zouden zijn om meer terug te bouwen, wil ik dat gesprek vaker gaan voeren. En dan wil ik zo vroeg mogelijk beginnen met praten, ook als de plannen nog kunnen veranderen.”

Durft u op een Woonprotest hardop te zeggen dat Ymere en de andere corporaties jaarlijks nog steeds honderden sociale huurwoningen verkopen?

“Ja, we doen het niet voor de lol, maar we blijven het doen. Het kan een wijk verder helpen en we hebben het geld gewoon nodig. Voor een sociale woning van 160 vierkante meter in de Jordaan of in Oud-Zuid mag ik maximaal 750 euro huur vragen, terwijl ik van de verkoop­opbrengst vijf woningen kan terugbouwen. Dat is per saldo winst voor de sociale huur. Maar ik zou ook willen kijken naar oude oplossingen, zoals de dubbeltjeswoningen van vroeger. Arbeiders betaalden toen elke week wat extra’s en dan was hun woning na verloop van tijd hun eigendom. Zo kunnen Amsterdammers een betaalbare koopwoning verwerven.”

Wat zullen de gevolgen zijn van de wooncrisis voor Amsterdam op de lange termijn?

“Deze stad vergroot alles uit. De mooie dingen zijn hier nog mooier maar grote problemen zoals de wooncrisis zijn hier nog ingrijpender. We moeten uitkijken dat we elkaar niet alleen maar gaan afkraken bij het vinden van oplossingen, dan raken de mensen het vertrouwen in het openbaar bestuur kwijt. De wooncrisis is al lang niet meer alleen een probleem van mensen met een kleine beurs of schulden, maar van bijna iedereen. Je moet uitkijken dat de groep mensen die niets meer te verliezen heeft te groot wordt. Niet iedereen die op Donald Trump stemde was gek. Maar als de publieke sector en de politiek geen oplossingen meer kunnen bedenken voor de grote problemen zoals de wooncrisis, dan wordt stemmen als het opsteken van een dikke middelvinger door mensen die aan de verkeerde kant van de streep zijn beland. Ik ben een optimistisch mens, maar we moeten nu wel de schouders eronder zetten. Het zal echt sneller moeten.”

Erik Gerritsen van Ymere.  Beeld Martine Goulmy/Ymere
Erik Gerritsen van Ymere.Beeld Martine Goulmy/Ymere

Bewijs uit Nieuw-Vennep

Ymere wil snellere oplossingen voor het tekort aan betaalbare huur­woningen. Volgens Erik Gerritsen kunnen snel en goedkoop te bouwen flexwoningen van goede kwaliteit de nood lenigen. “Binnenkort gaan we experimenteren met zestig stuks in Nieuw-Vennep, naast het station. In januari worden ze neergezet in april kunnen mensen er in. Dat wordt het bewijs.” De flex­woningen zijn bedoeld voor mensen ouder dan 23 jaar, starters, zoekers met spoed en vergunninghouders.

Erik Gerritsen

Geboren: 23 mei 1962 in Den Haag

Vanaf 1986 werkzaam op het ministerie van Financiën, vanaf 1996 tot 2000 directeur financieel economische zaken en vanaf 1999 ook als plaatsvervangend secretaris-generaal bij het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Tot 2007 werkte hij als gemeentesecretaris en tot 2009 als kennisambassadeur van de gemeente Amsterdam.

Van 2009 tot 2015 was hij bestuursvoorzitter van Bureau Jeugdzorg Agglomeratie Amsterdam en van 2014 tot 2015 was hij werkzaam als bestuursvoorzitter van Jeugdbescherming Regio Amsterdam.

Tussen 1 juni 2015 en juni 2021 was hij werkzaam als secretaris-generaal van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Sinds 1 juni dit jaar is hij de voorzitter van de directieraad van de woningcorporatie Ymere.

Gerritsen is gehuwd, heeft 2 dochters en woont in Amsterdam Noord.

Door in Amsteldorp ruim honderd woningen te vervangen kan Ymere extra woningen toevoegen die hard nodig zijn, redeneert directeur Gerritsen. Beeld Marjolein van Damme
Door in Amsteldorp ruim honderd woningen te vervangen kan Ymere extra woningen toevoegen die hard nodig zijn, redeneert directeur Gerritsen.Beeld Marjolein van Damme
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden