Plus

Identiteit gefusilleerden bekend: 6 nieuwe stoelen voor Rozenoord

Oorlogsmonument Rozenoord in het Amstelpark is uitgebreid met zes stoelen met de namen van zes mannen die er op 18 september 1944 werden gefusilleerd. Hun identiteit is eindelijk achterhaald.

De stoelen zijn gegroepeerd op basis van de executiedatum van de slachtoffers Beeld Jesper Boot

'Honderdveertig mannen zijn hier laaghartig vermoord.' In een vergeeld ooggetuigenverslag uit 1945 valt te lezen hoe de Duitse Sicherheitsdienst van bloementuin Rozenoord in het Amstelpark een 'bloed­oord' maakte.

Veelal jonge verzetsmensen werden van het Huis van Bewaring op de Weteringschans hierheen gebracht en er geëxecuteerd.

Hun lichamen werden in Bloemendaal begraven. Honderd mannen konden na de oorlog worden geïdentificeerd. De identiteit van veertig anderen bleef onbekend, maar onlangs zijn van zes van hen toch nog de namen aan het licht gekomen.

Het begon met een e-mail van Sylvain Matteman (71), de kleinzoon van Hartog Frinkel. Vrijwel het enige dat hij tot voor kort over zijn grootvader wist, was dat hij was geboren en gestorven. De erfenis bestond uit een trouwring en een persoonsbewijs uit de beruchte Polizeigefängnis Weteringschans.

Daarnaast was bekend dat de Joodse Frinkel zich in de Tweede Wereldoorlog had schuilgehouden in de Limburgse mijnen. Er viel weinig meer te vragen, over de oorlog werd in het gezin Matteman gezwegen.

Totdat Matteman enkele jaren geleden van een oude kennis hoorde dat Frinkel in het verzet had gezeten en daarom door de Duitsers was gefusilleerd. Matteman nam contact op met het Niod, Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Geno­cidestudies.

"De Duitse administratie was pünktlich, maar ze hebben veel documenten vernietigd. Bang dat ze na de oorlog zouden dienen als bewijs," vertelt Hubert Berkhout van het Niod.

Afschrift van begrafenisondernemer
Naar aanleiding van de mail van Matteman dook Berkhout de archieven in. Een belangrijke bron in zijn zoektocht was het bonnenboekje van Johannes Bleekemolen.

De Amsterdamse begrafenisondernemer verdiende in de Tweede Wereldoorlog tienduizenden guldens met het 'wegmaken' van lijken.

In opdracht van de Duitsers versleepte hij ook gefusilleerden van Rozenoord naar het crematorium in Velsen en later - omdat het goedkoper was - naar de kuilen in de duinen van Bloemendaal.

Op een afschrift over 18 september 1944 vond Berkhout de naam van Hartog Frinkel én die van vijf andere mannen die op dezelfde dag in Rozenoord waren geëxecuteerd. "Toen had ik ineens een fussiladedatum en ook nog vijf nieuwe namen."

Beeld Jamie Groenestein

In het strafdossier van de beruchte Willy Lages, hoofd van de Amsterdamse Sicherheitsdienst, vond hij vervolgens een getuigenverklaring die de mannen verbindt met Rozenoord. Op hetzelfde carbonpapier staat met getypte letters ook de reden dat drie van hen zijn geëxecuteerd.

Albert Inberg, Edmund Maasen en Frinkel hadden in opdracht van de Amsterdamse knokploegleider 'Zwarte Piet' dynamiet uit de Limburgse mijnen naar Amsterdam gesmokkeld. Het doel: een aanslag op de spoorbruggen bij het Centraal Station.

Mogelijk wilden ze daarmee aanvoerwegen afsnijden. Met een koffer vol springstof pakte het drietal op 31 augustus 1944 de trein van Brunssum naar Amsterdam. Niet wetende dat een verrader de Sicherheitsdienst had ingelicht. Bij aankomst werden ze opgewacht en meegenomen naar het Huis van Bewaring aan de Weteringschans.

Engelse radioberichten
"Toen ik dat hoorde, vond ik het bijna ongeloofwaardig. Mijn grootvader heeft veel meer gedaan dan een verzetskrantje rondbrengen, hij verdient een monument," meent Matteman. Die wens is met de plaatsing van de stoelen uitgekomen.

Over de drie andere gefusilleerden is minder bekend. Caféhouder Cornelis Droog zou zijn geëxecuteerd omdat hij onderdak verleende aan Joden, Jacob Wiersma pikte mogelijk Engelse radioberichten op. Van Josephus Johannes Corduwener is vrijwel niets bekend.

De zes mannen worden op 18 september herdacht, precies 74 jaar na hun dood. Berkhout sluit niet uit dat er nog meer namen worden gevonden.

"Misschien komen er dan weer stoelen bij."

Fusilladeplaats

Aan de Amsteldijk, bij begraafplaats Zorgvlied, lag begin vorige eeuw bloementuin Rozenoord. In de Tweede Wereldoorlog maakten de dagjesmensen er plaats voor de Duitse Sicherheitsdienst, die er de grootste fusilladeplaats van Amsterdam inrichtte.

Tussen 18 september 1944 en 14 april 1945 werden er 140 mensen geëxecuteerd. Voornamelijk mannen uit het verzet, onder wie enkele medewerkers van Het Parool. Van honderd slachtoffers was de identiteit al bekend.

Vernieuwd monument

Sinds 2015 staat in het Amstelpark het nieuwe Monument Rozenoord. Het oude, op de fussiladeplaats bij begraafplaats Zorgvlied, moest wijken voor de verbreding van de A10.

Honderd stoelen representeren de honderd mannen van wie bekend is dat ze op Rozenoord werden gefusilleerd. In het midden van het monument ligt een steen. Tot voor kort stond die voor de 40 slachtoffers van wie de namen nog onbekend waren.

Omdat nu van zes van hen de identiteit bekend is, komen er zes nieuwe stoelen bij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden