PlusCoronadagboek

Ic-verpleegkundige: ‘We hebben toch maar ons testament vastgelegd’

Martine Minnema: ‘Bescherming is onmisbaar, maar het went niet echt.’Beeld Marc Driessen

Ic-verpleegkundige Martine Minnema (48) van het OLVG draagt urenlang een mondkapje, handschoenen, een overjas en een spatbril. Dat is warm en benauwd, maar zo hoeft ze niet bang te zijn dat ze op haar werk besmet raakt.

“Helemaal in het begin van de crisis heb ik met mijn partner met spoed een samenlevingscontract en een testament bij de notaris laten vastleggen. Hoewel ik niet bang was om besmet te raken, hield ik er toch rekening mee dat het mis zou kunnen gaan. We hebben in Italië immers gezien dat er veel zorgpersoneel op de ic ligt. En ook dat er zorgverleners zijn overleden.”

“Maar als je er wat langer in staat, verandert er ook iets in je hoofd. Een enkele collega op onze ic heeft Covid-19 gehad, maar zij kunnen dat net zo goed buiten het ziekenhuis hebben opgelopen. Juist omdat er zo weinig collega’s besmet zijn, vertrouw ik erop dat het goed gaat met alle beschermingsmaatregelen die we nu nemen. Ik ben dan ook niet bang dat ik op mijn werk geïnfecteerd raak.”

“In het begin heb ik wel getwijfeld. Als ik hoofdpijn had, dacht ik: ‘Hé, deze hoofdpijn heb ik nooit gehad. Heb ik het nu?’ Ik heb me toen ook zorgen gemaakt omdat ik onbeschermd een patiënt had verpleegd die later Covid-19 bleek te hebben. Dat vond ik spannend. Maar de volgende dag dacht ik: als het zo is, dan is het zo. Fingers crossed dat ik dan de milde vorm krijg. Want als je hoort hoe benauwd en beangstigend het kan zijn, dan kijk ik er niet naar uit. Dat is sowieso mijn levenshouding: wat op mijn pad komt, komt op mijn pad. Ik zie natuurlijk zoveel op de ic.”

“De beschermingsmiddelen zijn onmisbaar, maar wennen doet het niet echt. We krijgen veel verschillende maskers, die type FFP2 zijn, maar allemaal van andere fabrikanten. Het ene zit lekkerder dan het andere. Bij het een adem je wat makkelijker in en uit, bij het ander krijg je weer meer striemen van het elastiek. Ik ben wat smaller in mijn gezicht, dus ik heb daar weinig last van. Maar met name collega’s met een wat grotere neus plakken er nog iets op om daar wondjes te voorkomen.”

“Soms denken we ook: ‘O nee, hebben we vandaag weer dit soort maskers!’ Die ruiken dan bijvoorbeeld minder lekker. Je moet toch vier, vijf uur door zo’n masker ademen. Daardoor verlies je veel vocht, dus je moet ook goed drinken, wat niet lukt zolang je een masker op hebt. De schorten zijn warm en de handschoenen zweterig. We hebben ook droge handen door het vaker desinfecteren van de handen. Dat zijn zo’n beetje de praktische probleempjes waar we tegen aanlopen. Al met al, het zit misschien niet altijd lekker, maar waar zouden we zijn zonder al deze beschermende materialen?”

Serie

In deze serie volgen we zorgverleners. Dinsdag Heleen Verwijs, specialist ouderengeneeskunde, donderdag huisarts Marike de Meij en zaterdag ic-verpleeg­kundige Martine Minnema.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden