Huis ontruimd om veiligheid

AMSTERDAM - De mobiele eenheid heeft zaterdag twee panden in de Quellijnstraat ontruimd. De krakers boden geen verzet. De enige legale huurster weigerde haar woning te verlaten, maar moest toch.

Twee jaar lang deed Miriam Alouani alles om te zorgen dat de huisbaas wat zou doen aan het achterstallige onderhoud van haar woning, zegt ze. Veel hielp het niet. En toen kreeg ze dit weekeinde van het ene op het ander moment te horen dat ze binnen twaalf uur haar huis uit moest.

Alouani, moeder van twee kinderen en 23 weken in verwachting van de derde, woont al veertien jaar op nummer 39-II. Na klachten over stankoverlast uit de buurt waren vrijdag brandweer en milieudienst een kijkje komen nemen in de twee gekraakte panden, waar de Marokkaanse als enige legaal woont. De situatie bleek zo brandgevaarlijk dat burgemeester Job Cohen besloot tot onmiddellijk ingrijpen. Diezelfde avond om elf uur werden Alouani en de krakers door de politie gemaand binnen twaalf uur te vertrekken. Dat ging Alouani net even te ver.

Als zaterdag rond het middaguur de enige kraakster door de politie uit het pand wordt geplukt, blijft zij in haar woning zitten. ''Over mijn lijk,'' schreeuwt ze de politie toe.

Volgens kraakster Petra, van kraakgroep De Pijp, waren de panden zo'n drie kwart jaar geleden gekraakt en woonden er tien krakers. ''We hebben al jaren gewaarschuwd dat eigenaar Dick van de Oude Wetering de boel laat verkrotten. Hij is een berucht speculant.''

Volgens de kraakgroep heeft de eigenaar al vijftien jaar geen onderhoud meer gepleegd. Petra: ''Het dak is rot en de boel is aan het verzakken. Hij heeft muren weggebroken zodat leidingen nu blootliggen. Wij hebben de boel nog een beetje proberen te repareren en rookmelders aangebracht.''

Maar de krakers, weet een buurvrouw, waren vooral van Oost-Europese origine. ''Polen, Tsjechen en Roemenen. Ze spraken geen woord Nederlands. Ik vroeg me af wat ze daar te zoeken hadden.''
Dat de etages onbewoonbaar zijn, is duidelijk. Stopcontacten bungelen los aan dunne draadjes. Zachtboard plafondplaten krullen naar beneden. Veel van de wanden zijn half of helemaal gesloopt.

De woning van Alouani en haar kinderen steekt daar netjes bij af. Onlangs wist ze na anderhalf jaar procederen af te dwingen dat de huisbaas enkele noodzakelijk verbeteringen aan keuken en ramen aanbracht.

Binnen op de bank schieten haar ogen vuur als de politie met hulp van een medewerkster van het stadsdeel haar probeert te overreden de woning vrijwillig te verlaten. Alouani: ''Nooit! Ik heb om hulp gevraagd bij het stadsdeel en bij de politie. De buurtregisseur is hier op bezoek geweest, maar niemand heeft ooit iets voor me gedaan. Zou ik dan nu ineens van de ene op de ander dag mijn huis uit moeten?''

Het aangeboden tijdelijke verblijf in een pension aan de overkant slaat ze woedend af. ''Ik laat me niet als een beest in een asiel duwen.''

Alouani wil alleen weg als ze een even grote wisselwoning krijgt en na renovatie weer terug mag keren. Woedend: ''Hier zijn mijn kinderen gewend. Hier staan hun bedjes. Ze logeren nu ergens anders dus ze zijn veilig. Laat de boel hier maar affikken met mij erin. Jullie hebben je nooit voor mij en mijn gezin geïnteresseerd. ''

Wanneer haar moeder zich in het gesprek mengt, en roept dat Nederland de mond vol heeft over de mensenrechten in andere landen maar hier bewoners uit hun huizen zet, vindt de stadsdeelmedewerkster het 'tijd om het gesprek af te ronden'.

Buiten zegt Van de Oude Wetering tegen politiechef Leen Schaap dat hij Alouani al vier keer een andere woning heeft aangeboden, maar dat ze niets goed genoeg vindt. Als de moeder van Alouani dat hoort, rent ze naar hem toe en schreeuwt: ''Leugenaar, je hebt mijn dochter maar een keer één woning aangeboden. Niet groter dan veertig vierkante meter, en dat voor een vrouw met twee kinderen.''

Volgens Van de Oude Wetering had hij zijn panden al veel langer willen opknappen, maar ligt het stadsdeel dwars.

Later die middag vertrekt Alouani onder politiedwang alsnog. De brandweer heeft de eigenaar gesommeerd de woning binnen veertien dagen brandveilig te maken.

Cohen laat weten begrip te hebben voor de huurster, maar vindt verdere bewoning onverantwoord. ''Stel dat er wat gebeurt.''

In een van de panden werd een wietplantage ontdekt. Volgens de krakers ging het om vijf plantjes, verdeeld over drie etages. (FRANS BOSMAN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden