PlusKlapstoel

Hoogleraar Erik Scherder: Manisch? Dat is prima

Erik Scherder (1951) is hoogleraar neuropsychologie. Hij presenteerde DWDD University Het brein en schreef het boek Laat je hersenen niet zitten. Deze week werd hij week 65.

'Ik ben eigenlijk altijd zo.' Beeld Harmen de Jong
'Ik ben eigenlijk altijd zo.'Beeld Harmen de Jong

Watergraafsmeer
"Ik heb tijdens mijn studententijd vijf jaar op het Damrak gewoond, ook prachtig, nog even in Betondorp, maar daarna weer terug naar de Watergraafsmeer. Daar ligt mijn leven. En ook warme gevoelens. Ik heb een fijne jeugd gehad, altijd fijn gespeeld, mooi gewoond met ons gezin, wat heel prettig was.

"We hadden thuis een zaak van papier en plastic en de drie zonen ­waren eigenlijk voorbestemd om in die zaak te gaan. Twee van de drie hebben dat ook gedaan, ik aanvankelijk ook, maar ik was daar toch wel ongelukkig. Dus op een gegeven moment zei ik tegen mijn vader dat ik wat anders wilde gaan doen. De moeilijkste beslissing in mijn leven."

Tennisleraar
"Dat ben ik toen maar gaan doen, maar dat zag ik ook al snel niet zitten voor mijn hele leven. Ik ben nooit een adonis geweest, maar er waren toch dames die na een half uur al zeiden: kopje koffie gaan drinken? Terwijl ze voor een uur hadden betaald.

"Ik dacht: o shit zeg, hier ben ik helemaal niet voor in de wieg gelegd, voor dit soort grappen. Soms zei ik zelfs: 'Na tien lessen stoppen we ermee, want als u straks niet kunt tennissen, heb ik het gedaan. U moet trainen!' Maar daar kwamen ze niet voor. Niet allemaal, hoor, je moet wel bescheiden zijn."

Laatbloeier
"Via lange omwegen en geluk. Ik deed eerst een opleiding fysiotherapie, daar werd ik docent en toen ging ik in een klein ziekenhuis werken, het Alexander van der Leeuw. 's Avonds na mijn werk deed ik aan de VU mijn doctoraal neuropsychologie. Ik werkte altijd tachtig uur per week, maar die studie gaf me zo veel energie, dus ik wilde ook promoveren.

"In verpleeghuis Sint Jacob deed ik onderzoek naar mensen met dementie, ook weer in mijn vrije tijd. Na vijf jaar ben ik gepromoveerd en dacht ik: nu zullen toch wel alle deuren opengaan! Geen baan. Maar ik laat me door niemand tegenhouden. Bij Sint Jacob was ik inmiddels kind aan huis, ik had de grootste kamer gekregen: de hal. Ik zat altijd bij de jongens van de receptie, heel leuk. Ik schreef mijn papers, deed onderwijs, weliswaar onbetaald maar zó happy. Na vijf jaar kwam dan eindelijk een baan vrij, als docent, parttime. Maar inmiddels heb ik de wind meegekregen."

Op tafel
"Ja, bij Matthijs. Het was niet van te voren afgesproken dat ik daar op tafel ging staan, mensen denken dat misschien weleens. Ik zat daar voor de Universiteit van Nederland. Ik ben ook wel een beetje narcistisch, hoor, maar ik wilde niet alleen de eer krijgen, dus mochten er ook een paar studenten mee.

"En een van die studenten zei: 'Bij ons staat hij gewoon op tafel tijdens colleges.' 'Ga je gang,' zei Matthijs. Zo spontaan was het. Ik dacht: waarom ook niet? Die ene keer dat ik hier ben. Het is een startschot geweest, dat liep van toeval naar toeval."

De Scherderroute
"Cadeautje van de studenten. Het zijn voetstappen hier in de hal, die je vanaf de ingang leiden naar het trappenhuis. Die trappen zijn echt weggewerkt. Je ziet de lift altijd prominent aanwezig, dat is overal zo. Ik verzet me daar echt ­tegen. In het hoofdgebouw van de VU kun je de eerste twee verdiepingen niet met de lift. Alleen als je een beperking hebt, dan krijg je een pasje.

"Het is toch belachelijk dat je daar voor die liften staat. En te laat op college komt, hè, omdat je te beroerd bent twee verdiepingen te lopen. Je moet toch uitgejoeld worden als je er op de eerste verdieping uitstapt. Ja, dat gebeurt. Zeker, er zijn mensen die pissig op me zijn."

Regenpak
"Fietsen, leuk, ja. Fietsen doe ik door heel Amsterdam. Ik lach iedereen in de auto uit natuurlijk. Als je beweging propageert, moet je het zelf ook doen. Ik heb ook een fiets op mijn kamer, dus ik fiets ook nog wel achter mijn laptop. Of fietsend vergaderen. Mensen grinniken nog weleens, in de deuropening. Ik zeg dan altijd: mijn tijd komt nog, dat ik grinnik.

"Niet bewegen is slecht voor je. Je verhoogt de risico's op termijn. Denk aan diabetes type 2. Het geeft een slechte impuls naar de bloedvaten en ook je brein. ­Onze jeugd wordt heel oud en de vraag is of de grens van gezondheid meeschuift. Dat is nog niet zo. Beweging verlaagt ook het risico op ­dementie."

Kauwen=bewegen
"Ja. Dat zou voor de verpleeghuisbevolking nog een stap beter kunnen. Heel veel mensen eten daar zacht voedsel, terwijl ze wel nog kunnen kauwen. Kauwen is eigenlijk een beetje lopen. Als je kauwt, gaat de hartfrequentie omhoog en je krijgt daardoor een betere doorbloeding.

"Bij een herseninfarct is een bloedvat in de hersenen langere tijd afgesloten. Een van de grote ­vaten in het brein is de arteria cerebri media en in dat gebied vindt ongeveer zeventig procent van de herseninfarcten plaats. En uitgerekend deze kwetsbare groep zit de hele dag in een stoel en krijgt vla en pap. Ik chargeer, maar daar zou de verpleging echt nog een stap kunnen maken."

Manisch
"Kom ik zo over? Misschien, zo nu en dan. Nou nee, ja, ik kan me voorstellen dat mensen dat denken. En dat ik wat manisch ben, dat is prima. Ik ben inderdaad toch zoals ik ben. Dat is dan mijn persoonlijkheid. Het begint natuur­lijk met enthousiasme, dat is zeker zo.

"Kijk, bij Matthijs moet je je verhaal binnen tien minuten kwijt, maar ik ben eigenlijk altijd zo. Du moment dat ik ben gaan studeren - en dacht: wow, die spons die nu gevuld wordt! - ben ik dat enthousiasme niet meer kwijtgeraakt.

"Het is een authentiek gevoel, en daarom kost het ook nul moeite. Ik kan niet een verhaal doen zonder dat."

On tour
"We zouden drie voorstellingen doen, het zijn er al vijftien geworden en het loopt nog steeds. Het fitte brein heet het, het zijn grote publiekslezingen in het weekend, door het hele land heen, samen met Dick Swaab en Ard Schenk. Ontzettend leuk. Het is gratis, je moet je alleen opgeven, dus de mensen hebben lol. Er zitten in zo'n zaal duizend, twaalfhonderd mensen en die stemming is gewoon top. Ard, Dick en ik doen ons verhaal, en nu hebben we ook nog Willem Philipsen, hij was de gitarist van Postman, van Anouk vroeger.

"Hij heeft een enorm infarct gehad en is aan een halve zijde van zijn lichaam compleet verlamd, op zijn 23ste. Je huilt, als je het ziet. En toch heeft hij de draad weer opgepakt. Hij is gaan zwemmen, op één kant, de rivier over in Spanje. We laten ook een scan van zijn brein zien. Dan zie je één groot zwart gat aan één kant. Het is zijn missie om te vertellen dat het leven niet voorbij hoeft te zijn. Die zaal is dan helemaal in vervoering."

Oxytocine
"Dat zorgt voor de empathie die je voor elkaar voelt. Denk aan zingen in koren. Dat is ook wat we doen in het Concertgebouw. Een van de stukken die het Camerata speelt, is het thema van Vader Jacob. De hele grote zaal doet dan mee. De rechterkant begint, dan de linkerkant, dan de balkons en dan het podium achter ons. Daarna zeg ik: 'Oxytocine, mensen.' Het is het gemeenschappelijke gevoel dat je krijgt van ­samen zingen. Kijk maar naar kerkdiensten, voetbalstadions, begrafenissen, huwelijken, marsen in het leger."

Geraniums
"Niet voor mij weggelegd dus. Officieel moet ik er 1 september uit, maar ik heb met de VU kunnen afspreken dat ik gewoon kan blijven. Fulltime. Ik ga ook niet iets minder doen - het idee gewoon! Mijn plek komt wel vrij, maar ik blijf ­alles doen wat ik doe, want dat vind ik fantastisch.

"En mijn naarbuitentreden, ik bedoel daar echt helemaal niets arrogants mee, dat vindt de VU ook leuk. Ze komen nooit meer van me af, ik denk het niet, nee. Zolang ik niemand in de weg loop natuurlijk. Het moet wel oké blijven."

Kerstmannenbaard
"Of Sinterklaas, dat wordt wel geroepen. Dat komt omdat de baard zo wit is geworden. Een signature look, ja. Mensen gaan opeens denken: hé, die ken ik. Ik had hem altijd al, maar ik denk wel dat het zo werkt."

Pakjesavond
"Wij doen niks meer met sinterklaas, wij doen cadeautjes met de kerst. Maar ik weet niet of u dat bedoelt. Ik moet me eigenlijk niet in die ­hele discussie mengen. Iedereen thuis roept nu: blijf erbuiten! Maar het heeft me wel verbaasd, dat niemand op het idee kwam gewoon die Sinterklaas wat donkerder te maken. Hij komt nota bene uit Spanje, voor de kinderen althans. Dan is dat verschil tussen de Pieten en de Sint niet meer en is het probleem opgelost. Waarom heb ik daar niemand over gehoord? U kent misschien dat raadseltje wel, hè."

"Er rijdt een jongeman met zijn vader op de motor, kent u dat? Goed, ze verongelukken op de snelweg. De vader overlijdt ter plekke, de jongen wordt meegenomen naar de OK. Er komt een chirurg aan en die zegt: 'Zooo, dat is mijn zoon.' Nou?

"Nee nee, het heeft niks met ­intelligentie te maken. Het is gewoon die jongen zijn moeder. We komen niet uit de gedachte weg dat een chirurg gekoppeld is aan een man. Dat is ook bij dat Zwarte Pietenverhaal. Niemand denkt meer aan die Sint."

Leopold Witte (zat vorige week op de klapstoel)
"Mag ik even googelen misschien? O ja ja ja ja. Volgens mij is het een uitstekende acteur. Ik kijk niet zo heel veel televisie, maar altijd als ik hem zie - in een serie denk ik dan maar - heb ik de indruk dat hij een heel goede acteur is. Maar daar heeft u niet zo veel aan."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden