Hondenpoep is niet meer ergernis nummer 1 voor Amsterdammers

Op de lijst met ergernissen is poep gezakt naar de derde plaats. Nog maar 29 procent van de Amsterdammers heeft veel last van hondenpoep; in 1985 was dat 68 procent.

Beeld anp

Waar Amsterdammers zich tegenwoordig ergeren aan het gebrek aan parkeerplekken, drukte in de stad, hardrijders, bakfietsmoeders en bierfietsen, was dat in de jaren tachtig en negentig hondenpoep. De drollen op straat waren volksvijand nummer 1, met grote voorsprong.

Maar wie staat tegenwoordig nog wel eens met een takje de resten poep weg te schrapen van onder de schoenzolen?

Poepzakjes
Parkeerproblemen zijn tegenwoordig de grootste reden tot woede, gevolgd door hardrijders, blijkt uit onderzoek van Bureau Onderzoek en Statistiek van de gemeente Amsterdam. Poep is gezakt naar de derde plaats: nog maar 29 procent van de Amsterdammers heeft veel last van hondenpoep; in 1985 was dat 68 procent.

Met dank aan de poepzakjes om de drol op te rapen, zegt stadssocioloog Leon Deben. Ook de sociale controle is toegenomen. Deben: 'Als je hond gaat zitten, zijn er altijd wel mensen die een opmerking maken.'

Niet in alle buurten minder irritatie
De daling van irritatie over de hopen stront verliep geleidelijk. In 2001 ervoer 51 procent grote overlast. In 2010 was dit 32 procent. 'In het begin schaamden de hondenbezitters zich met een zakje te lopen. Nu is het idee wijdverbreid dat de hond niet op de stoep hoort te poepen,' zegt Deben.

De overlast is over de gehele linie afgenomen, maar niet in alle buurten van de stad. In Noord is de overlast over het algemeen groot, met de Volewijck als absolute koploper. Ook in West ergeren mensen zich meer dan gemiddeld aan hondenpoep. In delen van Oost is de ergernis juist gering.

Met een beetje goede wil zouden we van een tweedeling kunnen spreken. De hoeveelheid groen, de moraal, het aantal uitlaatplaatsen en de ideeën over het houden van honden spelen een rol bij verschillen tussen buurten.

Bij groen valt het minder op
Neem de Staatsliedenbuurt, die er bovenuit springt met hondenpoepoverlast: 40,7 procent ervaart grote overlast, 81,2 procent treft geregeld drollen aan op straat, de stoep of in perken. 'Dat heeft te maken met sociale controle en voorzieningen, zoals uitlaatplaatsen. De Staatsliedenbuurt is natuurlijk nog wat voller bebouwd dan andere buurten. Dat is een probleem,' zegt Deben.

In Frankendael en de Omval ervaart slechts 8,1 procent grote overlast. Deben: 'Frankendael is wat groener. Er zijn wat meer plantsoenen. Dat scheelt. Waar veel groen is en plantsoenen zijn, valt de poep gewoon minder op.'

Hondenpoepoverlast per buurt

Hoe groot is de hondenpoepoverlast per buurt in Amsterdam?
Bekijk de interactieve kaart.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden