Plus

Hond Takkie is de katalysator van deze wandelroman

Schrijfster Laura van der Haar (36) wordt vier keer per dag op sleeptouw genomen door hond Takkie. De tochten vormen de basis voor haar wandelroman Loslopen. 'Zij is de rode draad om alles aan op te hangen.'

Takkie. Beeld Renate Beense

Laura van der Haar debuteerde in 2014 met de dichtbundel Bodemdrang. Vorig jaar verscheen haar roman Het Wolfgetal en nu loopt ze door het Rembrandtpark om te vertellen over Loslopen, haar nieuwe boek.

Naast haar loopt een kleine, oranjebruine hond die een beetje scheel kijkt. Zodra ze de riem losdoet en nog even liefkozend ­tegen haar zegt dat ze 'zo lelijk is, met die oren,' rent het dier alle kanten op. Dan weer voor haar, achter haar of ­ergens tussen de struiken, waardoor Van der Haar continu alert moet zijn. Daardoor gaat het gesprek nogal van, nou ja, de hak op de...

"Takkie!!! Wacht... O, o, nee, nee. Is dat poep?" mompelt Van der Haar wat paniekerig, terwijl ze richting de ­struiken rent, waar Takkie met haar neus in iets loopt te wroeten.

De angst voor drugspoep - daar later meer over - is een van de redenen waarom een niet-hondenbezitter er misschien tegen op zou zien om vier keer per dag zo'n beest uit te laten. "Ik vind het compleet geen moeite," zegt Van der Haar. "Ik vind het eerder moeilijk om een dag géén hond te hebben. Hoe kom ik de dag dan door, als die niet in vieren is opgedeeld?"

Zwijgende held
Het scheelt dat ze veel thuiswerkt. En ook als ze wel naar kantoor gaat - de redactie van De Speld, de satirische nieuwssite waar ze voor schrijft - kan Takkie gewoon mee. Bovendien woont ze zelf aan de ene kant, en haar vriend aan de andere kant van het Rembrandtpark. "Hij wilde geen hond, maar we wonen niet samen, dus ik moest het zelf weten. We delen haar inmiddels. Twee keer per week bel ik hem of belt hij mij. Mag ik haar nu weer? vraag de een. Nee, zegt de ander dan meestal - hoi!"

Van der Haar groet een passerende hondenbezitter en Takkie trekt even haar linkerachterpoot omhoog zodat de andere hond kan ruiken.

Katalysator

Dat ze het huis niet zou verlaten zonder Takkie, klinkt misschien wat dramatisch, geeft ze even later toe. Maar Takkie is wel een 'continue herinnering aan het nu, die alle mindfulness overbodig maakt', schrijft ze in haar boek. 'Jij weet niet wat manie in de kop is! Jij weet niet wat geld is, om smerige natte hondenbrokjes mee te kopen, wat stress is, strenge eisen voor jezelf, je weet niets van onhaalbare doelen, je weet niet eens wat gewoon een beetje voor je uit denken is.'

Daarmee is Takkie - haar silhouet siert de bijna neongele cover van het boek - de zwijgende, grote held van ­Loslopen, die Van der Haar (en daarmee de lezer) op sleeptouw neemt door het moderne stadsleven. "Ze is de rode draad om alles aan op te hangen. Zij is de katalysator...

"Takkie, nee!" schreeuwt Van der Haar als de hond ­zonder te stoppen de weg over lijkt te steken. "Wacht."

Scherpe observaties
Het boek gaat alleen niet over Takkie. Ze is gewoon de hond, die niets anders doet dan haar baasje meesleuren of begeleiden bij herkenbare, soms ontroerende en vaak ­tragikomische situaties. Daarbij begeef je je als lezer vooral in het hoofd van Van der Haar, die haar scherpe observaties afwisselt met sprankelende en originele gedachten. Door de fantastische, wervelende zinnen die ze schrijft - soms zo lang dat er een pagina mee wordt gevuld - sleept ze je mee in elke situatie.

'Diep in het bos reed een of andere kneus op een mountainbike Takkie bijna dood, dus dat riep ik ook, plus dat ie uit moest kijken en toen riep hij JIJ moet uitkijken met die hond van je en toen ik weer nee JIJ DAN met die fiets van je en die strakke broek en toen zei hij dat ik op ZIJN mountainbikepad liep en ik hoe bedoel je JOUW pad en hij dat er overal bordjes hingen en ik waar héb je het over ik heb geen bordje gezien...' - dit is een kwart van een volledige zin, die eindigt met 'veel plezier bij je hunebed.'

Verwondering
Als Van der Haar treurt over de vermoorde fietsenmaker in de buurt en bloemen neerlegt, vraagt ze zich gelijktijdig af of de manager van de buurtsuper blij is met de verhoogde bloemenverkoop. Zou er extra zijn ingekocht? Ook constateert ze dat er 'gelukkig' heel veel bloemen liggen. 'Dat maakt het misschien 0,001 procent minder verdrietig dan wanneer er heel weinig bloemen hadden gelegen. Je kan veel van bloemen zeggen, maar ze maken net dat tienduizendste stukje verschil op groot verdriet.

Laura van der Haar en haar hond Takkie. Beeld Renate Beense

Na een pagina of honderd heb je het gevoel dat je de buurt in Nieuw-West waar Van der Haar woont begint te kennen, doordat steeds dezelfde karakters terugkeren. Zoals de junkiebuurjongen, de baas van hond Brownie (met zijn Canta) en de immer aanwezige bouwvakkers. ­Tegen het einde van het boek ben je jaloers op Takkie, ­omdat zij vier keer per dag met Van der Haar en haar blik op de wereld door het leven mag wandelen.

Gelukkig kun je dan het boek nog een keer, een soort van, lezen: onderaan de 269 pagina's loopt een balk met een aaneenschakeling van honderden losse, willekeurige ­observaties. Het is alsof het laatste nieuws uit het hoofd van Laura van der Haar bij CNN door beeld scrollt. 'Namen van scootmobielen, bijvoorbeeld de Swift RS 2. ­Aftellen tot je eerste gaap in het museum. Platgeregende molshopen. Je verspreken bij gedag zeggen. Baksteenbehang.'

"Het is een soort constante stroom observaties," zegt Van der Haar daarover. "Die versterken wat een groot deel van het boek uitmaakt. Het is de verwondering over en bewondering van de wereld. Je moet gewoon goed kijken naar de wereld, dat vind ik het allerbelangrijkste. Dan is ­alles toch gauw net iets mooier - hallo, hallo."

Prikkels
Ze groet weer een hondenbezitter. En ja, dat doet ze ­altijd. "Dat is net als met motorrijders: je groet elkaar ­gewoon. Maar als mensen op een bankje zitten, zeg ik meestal ook hoi. Of eigenlijk: ik heb er een handje van om alle mensen te groeten. Ik vind het gewoon vrij zonderling als je langs iemand loopt en niet even hoi te zeggen. Maar het slaat nergens op, ik kan ook weer niet tegen alle mensen in Amsterdam hoi zeggen."

Soms heeft ze het gevoel bijna ten onder te gaan aan de prikkels in de stad, zo wordt duidelijk in het boek. Dan verlangt ze naar een huisje met uitzicht op de bosrand. "Maar dan is ook een naïeve gedachte, want ik neem mezelf dan mee, dus dan is er wel iets anders waar ik aan onderdoor zou gaan. Dat ik heel bang word voor geesten, ofzo. En ik heb een klein autootje waarmee ik elke week naar het bos ga. Ik denk dat als het andersom zou zijn, als ik in een bos zou wonen, dat ik niet elke week naar de stad zou gaan. Het is dus prima zo."

Vieze Gore Stinktakkie
Bovendien: het Rembrandtpark is misschien het park in de stad dat nog het meest op het bos lijkt, vindt ze. "Het is hier soms net een wildernis. Je kan helemaal doorlopen naar de Schinkel, en dan sla je zo linksaf het Vondelpark in. Een groene corridor naar het centr...

Ze loopt weer snel richting Takkie om een paar tellen ­later opgelucht te constateren dat ze geen poep aan het eten is. En ja, misschien is ze iets te panisch. "Maar Takkie heeft het echt meermaals gedaan. Sommige honden doen het niet, maar zij is wat dat betreft een extreem vervelende hond. En in dit park wordt echt heel veel gekakt door junks. Haar beste vriendje Willem heeft aan een bloedtransfusie gelegen, omdat hij heroïnepoep gegeten had. De dierenarts beaamt het ook: het is hier heel erg met de drugspoep."

Van der Haar vertelt dat ze al twee keer een wandeling met Takkie heeft onderbroken om met spoed naar de dierenarts te gaan voor een overgeefprik, zodat de drugs niet in haar bloedbaan terecht zou komen. De details volgen, over de kots, maar ook hoe je zeker weet dat het om mensendrollen gaat (checken op wc-papiertje, ruiken). "Ja, het is allemaal zo goor."

Dit soort incidenten levert Takkie in het boek bijnamen op als Vieze Gore Stinktakkie, Vieze Vieze Vieze Gore Stinktakkie en Vieze Gore Rót Takkie. Maar toch, zegt Van der Haar. "Ik heb Takkie nu vier jaar en twee maanden, en ik kan het echt iedereen aanraden: neem een hond."

Loslopen van Laura van der Haar verscheen deze week bij Uitgeverij Podium (€19,99).

Wekelijks een overzicht van de nieuwste hotspots, uitgaanstips, films en restaurants in je mailbox? Schrijf je dan nu in voor de Stadsgids-nieuwsbrief van Het Parool.

Ook leuk: volg @pshetparool op Instagram.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden