Plus Column

Hoe tragisch; hun wapen is hun minnares

Theodor Holman Beeld Wolff

We zijn ontsnapt aan een grote aanslag. De jihadisten wilden op een festival een grote hoeveelheid doden veroorzaken.

De AIVD kwam ze op het spoor en wist een aanslag te verijdelen.

De jihadisten stonden gisteren voor de rechter.

Er zijn nog zo'n vijfhonderd jihadisten in ons land.

Je weet dus dat er binnenkort toch iets ernstigs gaat gebeuren.

Waarom wil ik deze column toch schrijven?

Is het omdat ik voel, wat ik al eens eerder heb gemeld, dat we aan dit besef voorbijgaan alsof we langs een lege etalage lopen?

Is het omdat ik het moeilijk te verkroppen vind dat we hier schouderophalend over spreken: 'Het is nu eenmaal zo.'

Of is het omdat ik uiting wil geven aan mijn vrees?

Het jihadisme is voor mij het kwaad.

Het is de willekeur die het tot het kwaad maakt. Het kwaad wordt gedefinieerd door willekeur. Er wordt zomaar gedood, er wordt zomaar iets kapot­gemaakt.

Vrouwen, kinderen, gehandicapten, het maakt niet uit. Schuldig of niet, het moet sterven, het moet worden vernietigd.

Een gemeenschap tracht een moraal te handhaven, al of niet geholpen door een geloof. Maar als de ene moraal de andere tot overgave, tot onderdanigheid wil dwingen door dood en verderf te zaaien, dan lijdt het schip van goed en kwaad schipbreuk. De paranoia gaat dan onze moraal voorschrijven.

Je doet er dan goed aan met een extra paar ogen in je achterhoofd te lopen. Maar dat kan niet.

Uit zelfbescherming zouden we woedend over het kwaad moeten worden. Maar die woede neemt af. Zware aanslagen worden namelijk tot nu toe goddank voorkomen door de AIVD.

Kan de AIVD die overige vijfhonderd jihadi's ook in de gaten houden? En weten we wie de nieuwe jihadisten zijn die ons land binnenkomen? Hoe weten we hoe die denken?

De jihadisten die donderdag voor de rechter stonden, waren tussen de twintig en dertig. Jongens met koffers vol goede bedoelingen voor hun heilstaat, maar die in feite gevuld waren met kalasjnikovs. Bij hun arrestatie droegen ze hun doodshemden. Ze waren al op weg.

Hun advocaat zegt dat het Openbaar Ministerie hun misdaad heeft uitgelokt. Alsof de jongens van plan waren cowboytje en indiaantje te spelen.

Op foto's en filmpjes is te zien dat ze hun kalasjnikovs kusten. Hoe tragisch; hun wapen is hun minnares. Hun kussen willen ze beantwoord zien met doodskussen uit de vuurmond.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden