PlusAnalyse

Hoe preventief fouilleren uitliep op een pr-drama

Preventief fouilleren in Urk. Beeld ANP
Preventief fouilleren in Urk.Beeld ANP

Voor het eerst in jaren experimenteert de Amsterdamse politie weer met preventief fouilleren. Onder toezicht van waarnemers die elkaar controleren. Hoe daadkracht tegen messengeweld uitdraaide op een publicitair debacle.

Ruben Koops

Deze week was het zover. Op woensdag in Oost, donderdag in Noord, en vrijdagavond weer ergens anders in de stad stonden agenten klaar om willekeurige voorbijgangers staande te houden, de tassen te doorzoeken en hen te fouilleren. De meeste voorbijgangers vinden de fouilleeractie geen probleem, maar de aanwezigheid van waarnemers die de betrokken agenten in de gaten houden én vertegenwoordigers van politievakbonden die de waarnemers controleren, bewijst hoe gevoelig het opsporingsmiddel ligt.

Na vele geweldsincidenten, hoofdzakelijk met messen, onder jonge jongens op diverse plekken in de stad, kondigde de nieuwe politiechef Frank Paauw in 2019 aan de wapencontroles te willen herintroduceren. Hij had hier immers goede ervaringen mee in zijn oude standplaats Rotterdam. Niet als wondermiddel, benadrukte hij donderdag in de gemeenteraad nog maar eens, maar als instrument om de spiraal van wapenbezit en -geweld onder jongeren te doorbreken. Een meerderheid van (progressieve) partijen in de raad was destijds tegen, maar voor een tijdelijke proef kreeg Paauw de steun van burgemeester Femke Halsema. Die heeft de bevoegdheid het middel eigenstandig in te voeren.

‘Fout’ verklaard

Begin 2014 zagen toenmalig burgemeester Van der Laan en politiechef Aalbersberg af van preventief fouilleren. Niet alleen omdat het te veel capaciteit kostte tegen een geringe opbrengst wapens, ook omdat het volgens Van der Laan een ‘inbreuk op de levens van Amsterdammers’ was. De inefficiëntie ervan was als argument niet genoeg, het middel werd door hem ook ‘fout’ verklaard. Dat het in de rest van Nederland een legitiem opsporingsmiddel bleef, daar had hij geen boodschap aan. Hierdoor begon preventief fouilleren bij te dragen aan de alleingang van het progressieve Amsterdam ten opzichte van de rest van het land.

Opvallend, in 2014 waren er 25 doden door geweld, vorig jaar 10. Ook stond de criminaliteitsindex in 2014 op 101, in december 2020 op 75. Amsterdam is nu veel veiliger dan toen de wapencontroles werden afgeschaft. De feitelijke onderbouwing voor preventief fouilleren blijft dus in nevelen gehuld.

Motie van wantrouwen

Toch kreeg Paauw zijn zin, maar voor hem en Halsema is het experiment uitgedraaid op een publicitair drama. Deze zomer ontstond ineens veel aandacht voor een relatief klein aspect van het experiment: de burgerwaarnemers die bij de wapencontroles mogen zijn. Die hadden Paauw en Halsema toegezegd in pogingen steun te krijgen van een weifelende raad. Waarnemers zouden erop toezien dat de controles ­a-selectief zijn en dat mensen van kleur niet vaker gefouilleerd worden dan witte Amsterdammers, een bekend risico van preventief fouilleren.

De politiebonden beschouwden dit echter als een motie van wantrouwen aan het adres van de dienders, en kondigden aan zelf waarnemers mee te sturen die de burgerwaarnemers in de gaten gaan houden. Het absurde gezicht van elkaar controlerende toezichthouders werd deze week genadeloos vastgelegd door de tv-camera’s van de landelijke journaals.

Monty Python

Donderdag vroeg Bij1-raadslid Jazie Veldhuyzen zich half serieus af of het niet nodig was waarnemers aan te stellen die de waarnemers van de politiebonden controleren, die toezien op de burgerwaarnemers. Daarmee begint de discussie te lijken op een sketch van Monty Python, zei Paauw met gevoel voor zelfspot.

Paauw praat zich een slag in de rondte om de onrust rond zíjn experiment weg te nemen. Naar eigen zeggen heeft hij de vakbonden zo ver gekregen dat ze hun waarnemingsacties gaan afbouwen, toen duidelijk werd dat de burgerwaarnemers niet voor complicaties zorgen. In de raad noemt hij de ophef ‘een storm in een glas water’ en verzekert hij dat de eerste acties deze week goede resultaten opleveren.

De raad hoorde het aan. In een tijd waarin orde en veiligheid grote prioriteit van kiezers krijgen, hebben weinig partijen zin om in botsing te komen met politievakbonden. Paauw wilde graag fouilleren, nu mag hij de publici­taire puinhoop opruimen, is de gedachte. Of de proef uiteindelijk leidt tot minder wapens moet nog blijken. Maar dat weinig onderwerpen in Amsterdam gevoeliger zijn dan preventief fouilleren, is eens te meer bewezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden