Plus

Hoe overleef je op het Binnenhof?

De Amsterdamse gemeenteraad is een ideale springplank voor de Tweede Kamer. Ook D66-leider Jan Paternotte gaat naar Den Haag. Een zachte landing is niet gegarandeerd. Tien tips voor de overstappers.

Staatssecretaris Eric Wiebes van Financiën en Minister Jeroen Dijsselbloem van Financiën in de Tweede Kamer Beeld ANP

1. Doe de gordels om

Een brugpieper. Zo voelde ex-stadsdeelvoorzitter en voormalig gemeenteraadslid Ahmed Marcouch (PvdA) zich na zijn entree in de Tweede Kamer. Daniël van der Ree (VVD) leeft 'in een achtbaan' sinds hij enkele weken geleden overstapte van de raad naar het Binnenhof.

Na de verkiezingen vertrekken ook Jan Paternotte (D66), Peter Kwint (SP) en Dilan Yesilgöz (VVD) naar de Tweede Kamer. "Alsof je als goede amateur tussen profs terecht komt," zegt Harry van Bommel (SP), die in 1998 Amsterdam verruilde voor Den Haag.

Het tempo ligt hoger en iedere fout wordt genadeloos afgestraft, zegt VVD-Kamerlid en oud-raadslid Bas van 't Wout.

Temper de verwachtingen

"Hallo, ik ben Lodewijk en ik ga u teleurstellen." Dat zei Lodewijk Asscher in zijn eerste maanden tegen iedereen die dacht dat de verlosser vanuit Amsterdam was neergestreken op het Binnenhof. Hij had geleerd van hoe het oud-burgemeester Job Cohen verging na zijn transfer van Amsterdam naar Den Haag.

Beloof geen dingen die je niet waar kunt maken, is ook het advies van Kamerlid Jasper van Dijk (SP), die in 2006 vanuit de Amsterdamse raad naar Den Haag vertrok. "In de Tweede Kamer sta je veel meer in de schijnwerpers. Je struikelt snel over je eigen voeten."

3. Zorg dat je fit bent

Kamerleden zijn opgejaagd wild, zegt Harry Van Bommel. In de gemeenteraad vergaderen politici op gezette tijden, maar dat is in Den Haag voorbij. "Ik weet 's ochtends niet of ik 's avonds thuis eet, veel parlementariërs blijven slapen in Den Haag, omdat vergaderingen uitlopen."

Tel daarbij op extra reistijd, diners en bijeenkomsten door het hele land; een Kamerlid moet fit zijn. "Ik ben nog niet voor elf uur 's avonds thuis gekomen," aldus Van der Ree.

Zeker in het begin is het hard werken. "Je stapt op een rijdende trein. Mijn eerste grote debat was de begrotingsbehandeling VWS. Dan moet je wel weten waar je het over hebt," zegt Van 't Wout.

Kamerleden voor aanvang van de Algemene Financiële Beschouwingen in de Tweede Kamer Beeld ANP

4. Laat je Amsterdamse branie thuis

Van der Ree keek wel even op toen hij de zaal binnenkwam voor zijn eerste vergadering van de VVD-fractie in de Tweede Kamer. Aan tafel zaten net zoveel politici als in de voltallige gemeenteraad.

Het woord voeren ging per microfoon. Dan komt niet iedereen aan het woord. Als nieuwkomer kun je dan, met de nodige Amsterdamse branie, direct hoog van de toren blazen om gehoord te worden, maar het is beter om 'eerst te luisteren en dan te fluisteren,' zegt Van der Ree.

Zorg dat je goed bent ingewerkt. Lees alles wat verschijnt over het onderwerp waarover je het woord voert.

5. Vecht voor een goede portefeuille

Het moment om wel assertief te zijn is als de portefeuilles binnen de fractie worden verdeeld.

Voor je het weet mag je vier jaar lang het woord voeren over kokkelvisserij, en zie dan maar eens aan tafel te komen bij Pauw. "Buitenlandse zaken, financiën, zorg, dat zijn de belangrijke portefeuilles," zegt Van Dijk. "En bij D66 is onderwijs de hoofdprijs."

6. Maak gebruik van de media

Voor het wekelijkse vragenuurtje en na belangrijke debatten staan journalisten te dringen om Kamerleden voor de microfoon te krijgen. In de raad komen alleen Het Parool, AT5 en soms De Telegraaf.

"De lokale journalistiek besteedt vooral aandacht aan de inhoud, de parlementaire pers is meer gericht op spanningen en conflicten," aldus Marcouch. Het mediageweld kan nieuwkomers schichtig maken, bang om fouten te maken. Veel beter is om gebruik te maken van al deze aandacht.

"De pers is altijd aanwezig en dus makkelijk te benaderen," zegt Marcouch. Een uitglijder ligt op de loer, maar hoort er ook bij. "Iedereen heeft wel eens spijt van een uitspraak," zegt Van Bommel. "Een kwestie van ervaring."

Waak voor overschatting

In Den Haag staat een grote val open, zegt Van Bommel: jezelf te belangrijk gaan vinden. "Kijk naar Tofik Dibi, die is ten onder gegaan aan zelfoverschatting."

Solisten schoppen het volgens Van Bommel niet ver in Den Haag. "Die worden gehaat bij andere partijen, maar ook bij fractiegenoten." Hij waarschuwt met name Paternotte, die in zijn ogen hoog spel speelde toen hij op de proppen kwam met betwiste lijsten van kinderen op Gülenscholen. Zo werkt dat niet in de Kamer.

"Soms denkt een politicus goud in handen te hebben. Maar als hij denkt in z'n eentje ervandoor te gaan met de buit, is altijd wel iemand bereid hem pootje te lichten."

"Als je BN'er wilt zijn, moet je geen Kamerlid worden, zegt Van 't Wout.

Minister van Veiligheid en Justitie Ard van der Steur bij aankomst op het Binnenhof Beeld ANP

8. Blijf Amsterdams

In Den Haag is alles groot en lijkt de Amsterdamse problematiek ineens enorm kneuterig; lantaarnpalen en stoeptegels. De werkelijkheid is anders, vindt Marcouch.

Juist de Amsterdamse wortels zijn belangrijk voor een politicus om zich te onderscheiden. Hij stelt nog altijd vragen of schrijft ingezonden stukken over Amsterdamse kwesties, zoals de probleemjongeren in De Banne.

"Amsterdammers bellen of schrijven mij nog. Ik kan hen doorsturen naar de raad, maar kom liever zelf in actie. Zo blijf ik benaderbaar. En vaak staat een lokaal probleem voor iets groters, kijk naar De Banne en de treitervloggers in Zaanstad."

9. Kijk uit met wie je praat

Kamerleden zijn prooi voor lobbyisten. De rooklobby en de antirooklobby, bedrijfsleven en vakbonden; ze lopen het liefst de deur plat. Dat kost tijd en vreet energie.

Een goede selectie is noodzakelijk. "Het is zaak de lat hoog te leggen," zegt Van Bommel. "Een burgemeester van een gemeente laat je niet wachten, de ambassadeur van Amerika ook niet. Maar de ambassadeur van, ik noem maar, Zwitserland, kan eind volgende maand ook nog wel."

10. Veel is ook hetzelfde

Het spel tussen coalitie en oppositie, het schipperen tussen idealen en compromissen, handig debatteren: er zijn ook een hoop overeenkomsten tussen de lokale en de landelijke politiek.

Ervaring opgedaan in de gemeenteraad van Amsterdam strekt bovendien meer tot de aanbeveling dan in de raad van een slaperig provinciestadje.

Zo groot is het niveauverschil ook weer niet, vindt Van Dijk. "Ik ben vaak behoorlijk onder de indruk van de debatten in Amsterdam, en vaak niet erg onder de indruk van de debatten in de Kamer."

Lees ook:
D66-fractieleider Paternotte naar Den Haag
Jan Paternotte: 'Als je iets wil betekenen, moet je in Den Haag zijn'
[+]

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden