Plus

Hoe komt het dat kinderen nu eerder in de puberteit komen?

Ze zijn mondig, kleden zich volwassen en spiegelen zich aan vloggers en sterren. Kinderen komen eerder in de puberteit dan veertig jaar geleden. Hoe komt dat en hoe ga je daarmee om?

'Blijf je het kind als kind en niet als puber behandelen, dan sla je in de opvoeding de plank mis.' Beeld Lizette Schaap

Een prachtige meid is ze. Woeste krullen, lange benen en vrouwelijke rondingen. Twaalf jaar, maar zo van een afstandje zou Sam ook zestien kunnen zijn. Als je beter kijkt, schemert door al die vrouwelijkheid heen nog een kind.

"Op het schoolplein kan ze het nog op een rennen zetten en rare sprongen maken," zegt Leny Klomp (42), moeder van Samantha. "Je ziet het ook aan hoe onhandig ze aan een strap­less topje sjort. Of hoe ze thuis, met haar knuffelbeer tegen zich aan gedrukt, naar een tekenfilm zit te kijken."

Best vroeg
Sam was elf jaar toen ze ongesteld werd. "Volgens de huisarts was dat niet abnormaal jong. Zorgen moet je je pas maken als kinderen voor hun tiende al menstrueren. Toch vond ik het best vroeg. Ik was al bijna veertien toen ik ongesteld werd."

Als je de filmpjes van jonge vloggers bekijkt of meisjes van amper elf jaar bezig ziet met make-up, mode, schoenen met hakjes en geroutineerde dansjes, krijg je het gevoel dat de puberteit tegenwoordig eerder begint.

Zeker als je terugdenkt aan pakweg veertig jaar geleden toen kinderen op hun tiende nog rondbanjerden in een tuinbroek met een geappliqueerde appel op de knie.

Volgens Jiska Peper, hersenonderzoeker en universitair docent aan de Universiteit Leiden, begint de menstruatie bij meisjes inderdaad iets eerder vergeleken met zo'n veertig jaar geleden.

Ander voedingspatroon
"Heel spectaculair is dat verschil niet. Veertig jaar geleden waren meisjes gemiddeld 13,4 jaar toen ze ongesteld werden, nu is dat 12,7 jaar. De intrede van de puberteit bij jongens wordt alleen afgemeten aan de groei van de testikels. Dat valt meestal veel minder op dan bijvoorbeeld borstgroei bij meisjes. Een dalende trend is bij jongens dus lastiger te meten."

Over de oorzaak van het eerder intreden van de puberteit zijn wetenschappers het niet eens.

Peper: "Sommigen denken dat het aan een ander voedingspatroon ligt. Een Engels onderzoek uit 2010 toont aan dat jonge meisjes die veel vlees en ander eiwitrijk voedsel eten, waarschijnlijk eerder zullen menstrueren. Veel vlees is meer dan twaalf porties vlees per week. Jongens werden hierin niet onderzocht. Een vroege puberteit wordt bij jongens en meisjes soms ook gelinkt aan obesitas. Meisjes met meer lichaamsvet menstrueren bijvoorbeeld doorgaans wat eerder."

Onderzoek wijst ook uit dat Afro-Amerikaanse meisjes doorgaans eerder in de puberteit komen. "Verder zijn er weinig culturele verschillen gevonden in studies uitgevoerd in diverse wereld­delen."

Vervroegde puberteit
Normaal gesproken begint de hormonale verandering bij meisjes tussen acht en negen jaar, en bij jongens tussen negen en tien jaar. Het lichaam gaat dan de hormonen testosteron en oestrogeen aan­maken. Oestrogeen zorgt voor borstgroei bij meisjes en voor de groeispurt bij jongens en meisjes; testosteron veroorzaakt haargroei, verandering van de huid (acné), testikelgroei, baard in de keel en zweetproductie. Ongeveer drie jaar nadat de puberteit is begonnen, worden meisjes ongesteld.

"Van een vervroegde puberteit is pas sprake als een meisje voor haar achtste jaar al borsten ontwikkelt. In zo'n geval is het raadzaam naar de huisarts te gaan, vooral als het kind er last van heeft of wordt geplaagd. Bovendien stopt de groei nadat een meisje ongesteld is geworden, waardoor ze kleiner blijft."

"De huisarts bekijkt dan de oorzaak en welke behandeling noodzakelijk is. Hormoonremmers kunnen de puberteit bijvoorbeeld afremmen, maar over het algemeen zijn artsen heel voorzichtig met het voorschrijven daarvan." Bij jongens is de puberteit een langgerekter proces. Zij kunnen nog tot hun achttiende jaar doorgroeien.

Overwogen keuzes
Het is volgens Peper belangrijk om een onderscheid te maken tussen puberteit en adolescentie. Bij de puberteit wordt een hormoonverandering ingezet, terwijl het bij adolescentie gaat om de geestelijke ontwikkeling naar volwassenheid. Die kan vaak veel langer doorgaan dan de lichamelijke puberteit.

"Geestelijk volwassen zijn betekent dat je in staat bent overwogen keuzes te maken, consequenties inziet van je handelen en verantwoordelijkheid kunt nemen. De een kan dat op zijn twaalfde al, bijvoorbeeld door een ingrijpende levensgebeurtenis. Een ander kan misschien pas begin twintig geestelijk volwassen zijn, mogelijk door een beschermde opvoeding en weinig verantwoordelijkheden."

In hoeverre een vervroegde puberteit gekoppeld is aan de psychische volwassenheid is niet bekend. "Daar is nog geen onderzoek naar gedaan. Het kan wel zo zijn dat een meisje op haar tiende al borstontwikkeling heeft, ouder lijkt en daardoor door haar omgeving anders wordt behandeld. Dat wil echter niet zeggen dat zij ook al geestelijk volwassen is."

Kinderlichaam
Klomp maakt zich soms zorgen over haar dochter Samantha (12), die er een stuk ouder uitziet dan ze is. "Jongens reageren anders op haar dan toen ze nog een 'kinderlichaam' had. Ze kijken haar na en flirten met haar. Zelf wordt ze ook verliefd, zoals dat gebeurt bij pubers, maar vaak gaat dat wel om veel oudere jongens. Die zien aan de buitenkant niet hoe jong ze nog is. Ik houd dat goed in de gaten, want ik heb liever niet dat ze met jongens van zestien, zeventien jaar omgaat."

"Het kan in de opvoeding weleens ingewikkeld zijn. Ze heeft vaak een grote mond en wil dingen die in mijn ogen niet bij haar leeftijd passen. Ik vind haar in veel opzichten nog zo kwetsbaar. Ze is lang niet zo stoer als ze zich vaak voordoet."

Anke Donicie (42) wordt als gezinscoach en kindertherapeut regelmatig ingeschakeld door ouders die worstelen met deze problematiek. "Het lastige is dat ouders hun kind nog als hun dochtertje beschouwen, maar op het moment dat het kind ongesteld wordt, is het wel al vruchtbaar en krijgt het een jonge­vrouwenlichaam. Daar wordt anders op gereageerd dan op een kinderlichaam."

Grenzen stellen
"Dat betekent dat je grenzen moet stellen en moet meebewegen in de ontwikkelingssfeer van het kind. Eerder onderwerpen als seksualiteit bespreken. En dat is, zeker als je kind nog zo jong is, een kwetsbaar onderwerp."

Toch is het volgens Donicie wel noodzakelijk om het ter sprake te brengen. "Meisjes die zich zo vroeg ontwikkelen, kunnen verliefd worden, zenden signalen uit naar jongens. Daar is op zich niks geks aan. Pubers zijn bezig met verliefdheden en flirten. Dat hoort bij hun seksuele ontwikkeling. Het wordt pas ingewikkeld als je kind nog zo jong is. Als ouder moet je je kind dan als puber gaan beschouwen, hoe jong het ook is. Voor het kind is het belangrijk dat het niet vervreemd raakt van zijn eigen lichaam en zijn zelfvertrouwen behoudt."

Donicie begeleidde een gezin waarvan de dochter op haar zevende al in de puberteit kwam en op haar achtste ongesteld werd. "Zowel voor de ouders als het meisje was dat moeilijk. Het meisje was de enige in de klas die al zo jong in de puberteit kwam. Met sporten, douchen en gym voelde zij zich steeds anders vergeleken bij de rest. In groep 8 sloeg het om en vond ze het juist wel stoer dat zij dat allemaal alláng had gehad. Het gaf zelfvertrouwen."

Hoogbegaafde kinderen
Donicie heeft in haar werk veel te maken met jongens en meisjes van acht, negen of tien jaar die vaak nog niet lichamelijk, maar wel psychisch in de puberteit zijn. "Bij de gezinnen die ik begeleid, gaat het vaak om hoogbegaafde kinderen of kinderen die op jonge leeftijd al veel ingrijpende dingen hebben meegemaakt. Zij zijn mondiger, zoeken grenzen op, willen zich losmaken van de ouders en zijn geïnteresseerd in heel andere onderwerpen dan hun leeftijdsgenoten."

"Soms hebben ze al jong een gevoel van eenzaamheid. Ze krijgen te maken met onzekere gevoelens die bij pubers voorkomen. Waarom maak ik me er druk over naast wie ik naar school mag fietsen of naast wie ik in de pauze sta? Waarom draaiden die meisjes hun hoofd weg toen ik langsliep? Vinden ze me wel leuk?"

Kinderen al jong in de puberteit vinden moeilijk aansluiting bij anderen. "Leeftijdsgenoten zijn te kinderachtig voor ze en oudere kinderen beschouwen hen weer als 'broekies'."

Een duidelijke verandering
Na ruim twintig jaar ervaring als gezinscoach ziet Donicie een duidelijke verandering ten opzichte van toen zij net begon. "Kinderen zijn veel mondiger geworden en vertonen op jongere leeftijd pubergedrag. Ik heb het dan alleen over de geestelijke puberteit en niet over de lichamelijke. Dat hangt naar mijn mening samen met de opvoeding die is veranderd ten opzichte van twintig jaar geleden."

"Tegenwoordig vragen ouders veel meer naar wat het kind wil. Ze stimuleren een eigen mening. Soms slaat dat door naar de andere kant. Het kind gaat voortdurend tegen het gezag in. Blijf je het kind dan als kind en niet als puber behandelen, dan sla je de plank mis. Er komen alleen maar conflicten van. Beter is het om mee te bewegen in hun nieuwe ontwikkelingsfase door interesse te tonen in hun belevingswereld en het gesprek aan te gaan."

Donicie denkt dat kinderen zich ook eerder 'volwassen' gaan gedragen door wat ze op televisie, internet en sociale media zien. "Ze spiegelen zich aan het volwassen leven of aan bepaalde rolmodellen. Die omgangsvormen en dat taalgebruik kopiëren ze. Ik denk dat dat zeker meespeelt."

Vloggers en sterren
Nina Vink, leerkracht van groep 7 op basisschool Het Vogelnest in Amsterdam-Noord, ziet ook dat kinderen steeds jonger pubergedrag vertonen. "Laatst zat een leerling uit groep 5 stiekem onder tafel op haar Chromebook te chatten met een vriendin. Dat hoort bij groep 8 of bij de brugklas. Ze zijn veel mondiger geworden en zien er anders uit. Het klinkt een beetje ouderwets, maar de manier van kleden is sterk veranderd. Ze zien er soms net uit als jongvolwassenen. Ik heb het idee dat een kind vroeger meer kind was."

Vink vermoedt dat internet daarin een grote rol speelt. "Ze kijken naar vloggers en sterren en willen ook zo zijn."

Ook de lichamelijke puberteit zet volgens Vink eerder in. "Op de school waar ik hiervoor werkte, kwam het nooit voor dat meisjes zo jong ongesteld werden. Hier maakte ik mee dat een meisje in groep 6 al ongesteld werd. Ze kwam zelf naar me toe om het te zeggen. Later gebeurde het plotseling in de klas bij een ander meisje uit groep 6."

"Ze is, begeleid door twee vriendinnen, naar huis gegaan om schone kleren aan te trekken, terwijl ik terloops haar stoeltje uit de klas haalde om schoon te maken. Als een meisje zich ineens niet goed voelt in de klas, weet ik meestal wel wat er aan de hand is. Een vriendin mag dan mee naar de wc, om op wacht te staan bij de deur: héél belangrijk voor ze."

Vroegrijpe jongens
Ze heeft het idee dat meisjes met een migratieachtergrond vaak iets eerder ongesteld worden. "Onderzoek heb ik niet gedaan, maar dat is mijn ervaring." Vink heeft een hoekje in de kast ingericht met maandverband en tampons. "Ze mogen het pakken als ze het nodig hebben."

Hoewel meisjes er volgens Vink meestal eerder bij zijn, komen ook vroegrijpe jongens vaker voor. "Een jongen uit groep 8 kwam eens naar me toe en zei: 'Juf, ik heb dat gehad in bed, weet u wel. Zal ik dat aan mijn moeder vertellen?' Hij bedoelde een natte droom. Tijdens de seksuele voorlichting hadden we het daarover gehad.

Zijn vraag overviel me nogal. Ik wist me even geen houding te geven, maar heb gezegd dat hij het gewoon aan zijn moeder moest vertellen als hij zich daar prettig bij voelde. Hij stak opgelucht zijn duim op."

'Ze spiegelen zich aan het volwassen leven of aan bepaalde rolmodellen.' Beeld Lizette Schaap

Om de kinderen zo goed mogelijk voor te bereiden op de puberteit, krijgen de meeste scholieren in groep 7 en 8 seksuele voorlichting. Vink: "Mijn collega doet dat bij de jongens, ik bij de meisjes, zodat zij zich veilig voelen om zich uit te spreken en vragen te stellen. We vinden het belangrijk dat kinderen weten waarom hun lichaam verandert en snappen dat dat niet raar of abnormaal is. Dat lijkt misschien voor de hand liggend, maar het onderwerp is bij sommige kinderen thuis onbespreekbaar."

Gegniffel
Vink weet nog dat een meisje zich uitkleedde bij gym en een topje als beha droeg. "Een ander riep: 'Dat heb jij toch niet nodig? Je hebt helemaal geen borsten!' Het meisje was daarvan over haar toeren. Het hield haar enorm bezig. Ze wilde weten waarom ze geen borsten had, of dat wel normaal was en of ze die ooit nog wel zou krijgen."

Als Vink gegniffel achter de kast hoort, weet ze vaak meteen: o, ze zitten weer in dat boek te kijken. 'Dat boek' is een geïllustreerde jarenzeventiguitgave over seksuele voorlichting. "We hadden daarover eerst maar één boek op school. Later heb ik voor de mediatheek nog twee boekjes aangeschaft: een voor jongens en een voor meisjes. Ze zijn altijd uitgeleend. Het jongensboek is helemaal stukgelezen."

Hoe groot veel leerlingen zich soms ook voordoen; het is toch vaak een heel nieuwe wereld voor ze, merkt Vink.

"Mijn dochter van elf heeft soms zo'n stoere 'wat moet je nou'-houding, maar ze is tegelijkertijd nog echt een kind. Dat zie ik op school ook. Kinderen blijven uiteindelijk toch kinderen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden