Plus

Hoe Jan Reitsema met bluf en list het leven van Joodse kinderen redde

Groninger Jan Reitsema redde in de oorlog de levens van Joodse kinderen. Binnenkort wordt hij geëerd in Laren.

Jorien van der Keijl
Jan Reitsema vecht voor het leven van de Joodse kinderen alsof ze zijn eigen vlees en bloed zijn. Beeld -
Jan Reitsema vecht voor het leven van de Joodse kinderen alsof ze zijn eigen vlees en bloed zijn.Beeld -

Jan Reitsema was in de Tweede Wereldoorlog directeur van een instelling voor uit huis geplaatste Joodse kinderen, de Berg-Stichting in Laren. Van de 106 Joodse jongens en meisjes van 4 tot 21 jaar die daar verbleven, zijn 48 kinderen vermoord in Auschwitz en Sobibor.

De kinderen die het overleefden, dankten dit aan Reitsema, die zelf niet Joods was. Binnenkort wordt in Laren een plantsoen naar hem vernoemd, waar een Holocaustmonument komt.

Strak regime
Documentairemaker Ineke Hilhorst zamelde 70.000 euro in voor een monument om de omgekomen Joodse kinderen te herdenken. Met historicus Teun Koetsier en burgemeester van Laren Elbert Roest schreef zij het boek De slag om de Berg-Stichting, dat het verhaal van het tehuis en de heldhaftige rol van Reitsema beschrijft.

In 1929 wordt Reitsema samen met zijn vrouw Tine aangesteld als directeursechtpaar van het tehuis. Hij is een strenge Groninger, maar onder zijn bewind worden enkele regels in het tehuis versoepeld.

Zo zijn de kinderen niet meer verplicht hun hoofd, zoals gebruikelijk, kaal te scheren. Reitsema voert verder wel een strak regime in om de kinderen, die vaak een problematische jeugd hebben, structuur te bieden.

Slimme zet
Ondanks de tucht en discipline voelt Reitsema zich tijdens de Tweede Wereldoorlog zeer verantwoordelijk voor de kinderen. Hij vecht voor het leven van de Joodse kinderen alsof ze zijn eigen vlees en bloed zijn.

Als Reitsema in de zomer van 1942 opdracht krijgt van de Duitsers om de Berg-Stichting in Laren te ontruimen, huurt hij in het geheim een aantal panden van het Leger des Heils in Amsterdam op Rapenburg.

Hij regelt voor de honderd kinderen een vervalste verhuisvergunning, maar laat hen in Laren ingeschreven staan. Een slimme zet, omdat de kinderen zo via de burgerlijke stand niet meer te traceren zijn.

Straatrazzia
De enorme verhuizing is niet zonder risico. Bij het Muiderpoortstation in Oost gaat het mis. De kinderen belanden in een straatrazzia en Reitsema verzint razendsnel een slim maar gevaarlijk plan. Met een paar bevelen stelt hij de kinderen op in rijen, die hij marcherend laat weglopen.

De Duitsers denken dat hij een groep Joden naar de voormalige Joodsche Schouwburg - nu bekend als de Hollandsche Schouwburg - laat afvoeren, maar in werkelijkheid marcheren de kinderen naar het verderop gelegen pand op Rapenburg.

Op de motor mee
Reitsema bedenkt nog een ander plan om de Joodse kinderen te redden. Nederlanders met een Joodse en een niet-Joodse ouder kunnen zich laten registreren als Mischling om niet gedeporteerd te hoeven worden.

Omdat veel kinderen in het tehuis uit probleemgezinnen komen, beweert hij dat veel kinderen zijn verwekt door niet-Joodse vaders. Het lukt hem zo om bij een aantal kinderen hun persoonsbewijs van de stigmatiserende 'J' te ontdoen.

Jan Reitsema Beeld -
Jan ReitsemaBeeld -

Jan Reitsema

Kreeg de Yad Vashem- onderscheiding; stierf in 1968.

Na een inval waarbij veertien kinderen zijn afgevoerd, zorgt Reitsema ervoor dat de overige kinderen kunnen onderduiken. Hij geeft de ondergedoken kinderen als weggelopen of vermist op. Als de Amsterdamse politie hem vraagt waarom er opeens zoveel kinderen weglopen, antwoordt Reitsema dat hij het onbegrijpelijk vindt dat hij deze vraag krijgt gesteld.

Goede voorbeeld
Het is 6 mei 1943 als in Amsterdam een grote razzia wordt gehouden. Als tientallen pupillen van de Berg-Stichting op een rij staan om afgevoerd te worden, is Reitsema net op tijd ter plaatse. In het Duits schreeuwt hij: "Niemand gaat hier weg zonder mijn toestemming. Ik heb hier de verantwoordelijkheid en niemand anders."

Hierna wordt hij door Duitse ordonnans op de motor meegenomen naar een café op het Waterlooplein. Daar weet hij de beruchte Duitse SS-officier Ferdinand aus der Fünten te overtuigen om de kinderen niet te laten deporteren. Na die dag wonen in het centrum van Amsterdam bijna geen Joden meer.

Ter nagedachtenis van de rol van Reitsema komt in Laren een Reitsemaplantsoen. Scholieren kunnen na zeventig jaar nog steeds leren van zijn dappere optreden, vindt Hilhorst. De vervolging van de Joden en pesten op school hebben een zekere overeenkomst. "Beide ontstaan door het uitsluiten van anderen. Reitsema geeft het goede voorbeeld."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden