PlusPS

Hoe hygiënisch zijn Amsterdammers?

Was je een handdoek pas als hij begint te stinken? En hoe vaak verschoon je het bed eigenlijk? PS onderzoekt de hygiëne van Amsterdammers. 'Bacteriën zijn geen vervelende gasten.'

'Tegenwoordig groeien generaties op met het idee dat alles glad, schoon en fris moet zijn'Beeld Van Santen & Bolleurs

Hoe vaak gebruikt u uw handdoek voor u hem in de wasmand gooit? Dat was de kernvraag van wat in december 2016 begon als een onschuldig Facebookbeklag van een vader over zijn puberzoon die het normaal achtte voor elke douchebeurt een schone handdoek te gebruiken. De vraag mondde uit in een uitgebreide poll en discussie onder tientallen mensen over het aantal keren dat een handdoek verschoond dient te worden.

Twee dingen werden duidelijk. Een: mensen hadden hier zeer duidelijke ­meningen over. En twee: die meningen liepen behoorlijk uiteen. Waar de een partij koos voor de puberzoon en zijn eenmalige gebruik van de handdoek, meenden anderen dat een handdoek met gemak een week of soms een maand mee kon.

Semiwetenschappelijke theorieën
Over het algemeen hadden mensen zo hun persoonlijke argumenten: "Ik gebruik een handdoek tot hij stinkt." Maar er werd ook verwezen naar semiwetenschappelijke theorieën die waren overgedragen van grootmoeder op moeder of ergens waren gelezen op internet: "Wassen op ­
70 graden, want 60 is niet heet genoeg om bacteriën te doden." En: "Een beetje weerstand opbouwen met een gebruikte handdoek is juist goed! Als een soort inenting."

Niet heel gek, want in de berichtgeving over hygiëne bestaat weinig consensus onder de deskundigen. Dermatologen waarschuwen voor overmatig douchen en zeepgebruik, omdat je daardoor naast de natuurlijke lipiden en oliën in je huid ook de goede bacteriën die je huid juist ­beschermen tegen indringers, wegspoelt.

Maar ho, ho roepen de epidemiologen: je regelmatig wassen is juist noodzakelijk om het verspreiden van schadelijke bacteriën die ziektes veroorzaken tegen te gaan.

Hoog tijd om eens te peilen hoe het ­merendeel van Amsterdam denkt over het vervangen van de handdoek. En om aan de hygiënedeskundigen te vragen wie er nou gelijk heeft: puberzoon of vader. En als we dan toch bezig zijn, waarom dan niet uitzoeken hoe schoon deze stad überhaupt is? Want hoe vaak doucht de ­Amsterdammer per week? En hoe vaak maakt hij zijn toilet schoon?

In opdracht van Het Parool vroeg ­gemeentelijk onderzoeksbureau OIS 505 inwoners naar hun schoonmaakgewoontes, zowel op het gebied van persoonlijke hygiëne (douchen, tandenpoetsen, handen, wassen etc.) als huishoudelijke hygiëne (bed verschonen, toilet schoonmaken, theedoeken wassen etc.).

Handen uit de mouwen
Om te beginnen zijn Amsterdammers ­behoorlijk tevreden als het gaat om hun inzet wat ­betreft het huishouden. Ze steken hier gemiddeld 4,8 uur per week in, bij mensen met een schoonmaker is dit 4 uur. Daarbij zeggen mannen 60 procent van het huishouden voor hun rekening te nemen, terwijl vrouwen aangeven verantwoordelijk te zijn voor 75 procent van de huishoudelijke taken.

Bij zowel mannen (60 procent) als vrouwen (50 procent) is de grootste groep ­tevreden over het aantal uur dat ze per week aan schoonmaak- en opruimactiviteiten als stofzuigen, poetsklussen en de was besteden. Mannen besteden gemiddeld 4 uur per week, vrouwen 5 uur.

Van de Amsterdammers die aangeven ontevreden te zijn met de hoeveelheid tijd die ze in het huishouden steken, is het aantal vrouwen dat er graag minder tijd aan kwijt zou zijn, groter dan de groep vrouwen die zegt er meer tijd in te willen steken. En goed nieuws: bij mannen is dit precies andersom. Hoewel in een kleine meerderheid, is de ontevreden - schuldbewuste? - man best bereid zijn handen wat vaker uit de mouwen te steken.

Wat ook opvalt is dat het aantal uren dat wordt besteed aan het huishouden ­oploopt naarmate men ouder is. De groep tussen 35 en 49 jaar heeft het over 3,9 uur, terwijl 65 jaar en ouder gemiddeld 5,2 uur uittrekt. Bovendien is het zo: hoe ouder, hoe tevredener. De wens om minder aan het huishouden te doen, neemt steeds meer af.

Hygiënehype
Dit valt te verklaren door de om zich heen grijpende hygiënehype van de afgelopen jaren, waarvoor geen biologische indicatie is, maar die eerder het gevolg is van een veranderende wereld en de daarbij behorende sociale codes. Rond 1940 waste de hele familie zich na elkaar in dezelfde teil en tot de jaren dertig bestond er zelfs zoiets als de familietandenborstel.

Tegenwoordig groeien generaties op met het idee dat alles glad, schoon en fris moet zijn en is er een scala aan producten op de markt die in die gecultiveerde behoefte voorzien.

De focus op hygiëne is volgens arts en microbioloog in het VUmc Dries Budding volstrekt doorgeslagen. "Mensen hoeven maar wat aan te raken of ze gaan hun handen al wassen. Ze zijn als de dood voor bacteriën, terwijl dat totaal onterecht is."

Volgens hem komt dat door de negatieve bijklank die bacteriën hebben, doordat ze werden ontdekt aan het einde van de negentiende eeuw in het kader van ziektes. "Tuberculose en de cholera waren ziektes die toen nog veel voorkwamen. Het lot van de bacterie was daardoor bezegeld als vreselijke ziekteverwekker. Op school leer je over het uitbreken van de pest. Dat blijft wel hangen."

Onterecht
Toch is die negatieve reputatie onterecht, want de bacteriën die dat soort ziektes veroorzaken, vormen maar een heel klein deel van een veel groter geheel. Budding: "De eerste 3 miljard jaar bestond het leven op aarde alleen maar uit bacteriën en nu nog is de grootste biomassa op aarde bacterie. Ruwe schattingen zeggen dat het om tientallen miljoenen soorten gaat, maar we worden maar van een paar ziek. Bacteriën zijn geen vervelende gasten, ze zijn een integraal onderdeel van ons lichaam en zelfs onmisbaar voor onze gezondheid."

Hoe vaak vervangt u vaatdoekjes?Beeld Jorris Verboon

In Amerika besloot de FDA (Food and Drug Administration) daarom nog geen maand geleden dat antibacteriële handzeep niet meer mag worden verkocht, omdat het bacterieresistentie in de hand zou kunnen werken. Door de bacterie­dodende werking in deze middelen zouden bovendien niet alleen schadelijke bacteriën gedood worden, maar ook de goede die ons juist beschermen.

De Gezondheidsraad adviseerde in ­december aan minister Edith Schippers van Volksgezondheid desinfecterende producten zoals antibacteriële handzeep en mondwater van de markt te weren.

Iets wat Maria Yazdanbakhsh, hoog­leraar immunologie aan de Universiteit Leiden, naar eigen zeggen al twintig jaar roept. "Ik word gek van die reclames op ­televisie waarin ze dat soort producten aanprijzen. Zo van: deze doek haalt dit en dat weg. Ik wil dan naar de televisie roepen: waarom haal je ze weg, wat doen ze dan? Worden we er ziek van, nee toch? En het is ook nog eens slecht voor het milieu."

Fris en gewassen
Slecht voor het milieu of niet, gemiddeld genomen wast de Amsterdammer per dag zes keer zijn handen met zeep, poetst hij twee keer per dag zijn tanden en gaat hij bijna elke dag onder de douche.
Als het gaat om douchegewoontes zijn mannen en vrouwen vrijwel gelijk. Ze douchen praktisch even vaak, alleen doucht de vrouw gemiddeld zo'n minuut langer dan de man (man: 7 minuten en 28 seconden, vrouw: 8 minuten en 25 seconden).

Wat een duidelijkere rol speelt, is leeftijd. Uit het onderzoek blijkt dat hoe ouder men is, hoe minder vaak en minder lang wordt gedoucht. De jongste groep ondervraagden neigt juist naar vaker en langer douchen. Toch nemen mensen die meer dan vijf tot zeven keer per week douchen, gemiddeld genomen wel korter de tijd per douche.

Al met al loopt de Amsterdammer er dus behoorlijk fris en gewassen bij, alhoewel de persoon die invulde vijftig keer per dag zijn handen met zeep te wassen daar waarschijnlijk anders over denkt.

Volgens microbioloog Dries Budding, die bewust nooit met zeep doucht, zou je met een ­gerust hart ervoor kunnen kiezen nooit meer te douchen. "Je huid is een zelfregulerend ecosysteem. Er groeien zoveel bacteriën op als er voedsel is, waardoor je na twee weken al in de stabiele fase komt waarin de max aan bacteriën die er gaat groeien, is bereikt."

Tandenpoetsen is daarentegen wel van belang, zegt Budding. "We hebben in vergelijking met dieren een veel lager gehalte aan bacteriedodende middelen in ons speeksel en doordat we in ons huidige dieet een stuk minder rauwe planten eten, is er minder sprake van natuurlijke poetsing van de tanden en kunnen zich langs de randjes bacteriën opbouwen die gaatjes veroorzaken."

Vieze plekken
Officiële richtlijnen vanuit de overheid voor het schoonhouden van het huis ­bestaan niet. Het Landelijk Centrum ­Hygiëne en Veiligheid (LCHV), dat onderdeel is van het het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM), houdt zich met name bezig met het adviseren van grote instanties en horecagelegenheden waar grote groepen mensen samenkomen en de kans op infectie met schadelijke bacteriën een stuk groter is.

Op de website van het LCHV staat wel de zogenoemde RIVM Hygiënetoolkit, waarin adviezen worden ­gegeven over hoe en hoe vaak je moet schoonmaken. Op de vraag hoe vaak je moet schoonmaken, geeft het RIVM het volgende advies: wordt een plek snel vies, maak deze dan vaker schoon.

Wat die plekken zijn? De wc en de vloer. En dingen die mensen veel aanraken, zoals deurklinken, lichtknoppen, trapleuningen en kranen.
Uit het onderzoek blijkt dat de grootste groep Amsterdammers elke week de woon-, slaap- en badkamer, het toilet en de keuken schoonmaakt en ook wekelijks de vloer stofzuigt.

Een kleinere groep doet de keuken, het toilet en de vloer zelfs vaker dan eens per week, terwijl de woon-, slaap- en badkamer juist als minder ­belangrijk worden geacht en door velen dus maar een aantal keer per maand worden schoongemaakt.

Dries Budding: 'Bacteriën zijn geen vervelende gasten'Beeld Van Santen & Bolleurs

Laagste prioriteit hebben de ramen, de koelkast en de door de RIVM als vieze plek aangemerkte deurklink. De meeste ­Amsterdammers maken deze plekken lang niet elke maand schoon.

Geen paniek
Toch is dat geen reden tot paniek, zegt Thijs Veenstra van het LCHV, want het verspreiden van infectieziekten via de ­omgeving heb je vooral op plekken waar veel verschillende mensen komen. "En dat is in de thuissituatie bij uitstek niet zo. ­Bovendien zit tussen heel erg schoon en heel erg vies ongetwijfeld verschil, maar het verschil tussen goed schoon en voldoende schoon is te klein om belang aan te hechten."

Theedoeken en keukenhanddoeken ­worden bij de meeste Amsterdammers
(44 procent en 43 procent) wekelijks verschoond; of op de tweede plaats zelfs een aantal keer per week (38 en 40 procent) . Opvallend genoeg achten we de keukensponsjes en afwasborstels dan weer ­onschuldiger. Deze worden door de grootste groep niet standaard elke maand vervangen.

Vaatdoekjes worden door 55 procent van de ondervraagden het liefst een paar keer per week verschoond of vervangen. Een verstandige keuze als je het micro­bioloog Dries Budding vraagt, die zijn vaatdoekjes twee keer per week verschoont: "Doordat het doekje nat in of bij de gootsteen ligt, zit het vol vieze bacteriën. Als je met dat doekje over een oppervlakte smeert waarop je vervolgens eten klaarmaakt, kun je je eten infecteren en een voedselvergiftiging of een darmontsteking oplopen."

Volgens een schatting van het RIVM in 2013 lopen jaarlijks ruim 700.000 ­Nederlanders een voedselvergiftiging op. En hoewel slechts enkele tientallen mensen hieraan overlijden, de ziekmeldingen zorgen jaarlijks wel voor een maatschappelijke kostenpost van zo'n 416 miljoen.
Lakens worden door de grootste groep Amsterdammers (45 procent) een paar keer per maand verschoond, gevolgd door een kleinere groep (34 procent) die dit ­wekelijks doet.

Het wassen of laten stomen van ons hoofdkussen en dekbed gebeurt aanzienlijk minder vaak. Een kwart van de ­Amsterdammers geeft aan dit minder vaak dan eens per jaar te doen en een iets kleinere groep laat het kussen nooit reinigen.

Horrorverhalen over dekbedden en hoofdkussens vol huisstofmijt, zweet en huidschilfers hebben op de hoogleraar ­immunologie Maria Yazdanbakhsh weinig invloed: "Ik heb niet zo'n smetvrees, ik denk dat ik een keer per maand mijn ­lakens verschoon. Ik zou het niet eens weten. Ik ga niet spastisch om met hygiëne en gebruik ook geen heftige schoonmaak- en wasmiddelen. Maar dat is meer uit ­milieuoverwegingen dan uit gezondheidsoverwegingen."

Handdoek
En die handdoek? Hoe zit het daarmee? Helaas voor de puberzoon moet hij het ­onderspit delven, want 35 procent van de Amsterdammers - zowel mannen als vrouwen, jong en oud - gebruikt zijn handdoek vijf keer of vaker.

Hoewel in 1930 uit een onderzoek bleek dat het aantal bacteriekoloniën op een ­steriele handdoek na eenmalig gebruik al zo'n 700 tot 38.000 was en na zes dagen wel 178.000 tot 800.000, vormt dit volgens Budding geen gevaar voor de ­gezondheid: "Dat zijn onschuldige huidbacteriën. Een handdoek wordt dan misschien wel vies, maar in principe zou je zelfs als zou je hem nooit zou wassen nog geen gevaar lopen."

Als we hoogleraar Yazdanbakhsh het eenmalige gebruik van de handdoek door 16 procent van de ­Amsterdammers voorleggen, klinkt een ­ijzige kreet aan de ­andere kant van de lijn. "Eén keer? Waarom!? Die mensen moeten massaal naar de ­rurale gebieden in Afrika worden ­gestuurd."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden