PlusReportage

Hoe een verdienmodel de brute traditie van besnijdenis intact houdt

Een meisje van de Kuriastam (met bepoederd gezicht) loopt in de processie na afloop van haar besnijdenis.Beeld Arie Kievit

Het is ‘cutting season’ in Tanzania. Jonge meisjes van de Kuriastam worden massaal besneden. Terre des Hommes biedt 520 meisjes een schuilplek in een opvangtehuis.

Ze is twaalf. Misschien dertien. Midden op een landweg sloft een meisje met een paraplu en ballonnen boven haar hoofd. Haar gezicht is wit gepoederd. Ze draagt een plastic zonnehoedje, waar aan de rand snoepjes bungelen, alsof ze de vierdaagse heeft gelopen. Langs haar enkels loopt bloed.

Ze mag niet huilen. Stilletjes schuifelt ze door, terwijl om haar heen uitbundig wordt ­gedanst door vrouwen uit haar dorp met ­gekleurde omslagdoeken, fluitjes in de mond en oranje modder op de huid. Ze versperren de weg, stampen met hun voeten en bewegen hun hoofd als een ja-knikker. Er zijn ook mannen, joelend met kapmessen, speren en speelgoedtoeters.

Het is ‘cutting season’ bij de Kuriastam, een volk in het noorden van Tanzania dat traditioneel leeft in clans waar ouderen de regels ­bepalen. Elk jaar worden in de maand december, tijdens de kerstvakantie, duizenden Kuriameisjes besneden. Het verwijderen van de clitoris wordt gezien als overgangsritueel van meisje naar vrouw, ook al zijn de meisjes tien tot dertien jaar oud. Soms nog jonger. De Kuria ­geloven heilig dat een onbesneden meisje niet zwanger kan worden en dat ze nooit een man zal vinden.

Het Tarimedistrict grenst aan Kenia en ­Serengeti, het beroemdste nationale park van Oost-Afrika. Er wonen twaalf clans van in totaal zo’n 1,5 miljoen mensen. Welke clan dit jaar feest viert hangt af van een ‘teken’ dat de stam­oudsten van hun voorvaderen krijgen, zoals een heilige boom die in bloei staat. Het komt erop neer dat elke clan om het jaar besnijdt, ondanks het wettelijke verbod.

“Hoor je dat?” Valerian Mgani steekt zijn vinger in de lucht. Het is elf uur ’s avonds en aardedonker. Pauw, paaauw. Stilte. Pauw. Paaauw, klinkt het opnieuw. “Dit is hun manier van communiceren. Door deze fluittoon weet de ­gemeenschap: maak je klaar voor een nieuwe reeks besnijdenissen.”

Gelyncht

Mgani is projectleider van een opvanghuis in het Tarimedistrict waar inmiddels al 520 meisjes zijn ondergedoken. Op een paar kilometer ­afstand wordt een tiener van haar bed gelicht, weet hij. Er worden koeien geslacht, feestmalen bereid. Het meisje krijgt een nieuwe jurk en wordt bij het krieken van de dag, ergens tussen de maïs- en cassavevelden, in het openbaar ­besneden. Samen met haar leeftijdsgenootjes zal ze in een lange rij worden gelegd. Haar ­benen worden uiteen gehouden door een tante, of ander familielid, die de rest van de dag haar chaperonne is en tijdens de eretocht naar huis de paraplu boven haar hoofd houdt. Maar mocht een meisje de besnijdenis niet overleven, dan wordt haar lichaam gedumpt in het bos. Volgens het bijgeloof van de Kuria is ze ­vervloekt en verdient ze geen begrafenis.

In deze decembermaand kan Mgani – 39 jaar, gladgeschoren hoofd, sikje – niet zonder politiebewaking over straat. Hij is de man die een eeuwenoude traditie wil stoppen. Dus leidt hij zijn bezoek over onverharde paden in een ­geblindeerde wagen. Die rijdt dwars door de processies op straat. “Als we stoppen, worden we gelyncht.” Met diezelfde wagen haalt Mgani samen met de politie bijna elke dag een paar meisjes op, vlak voor hun grote dag. Hij heeft in het hele district informanten die hem in het ­geheim sms’en over de locatie.

Het opvanghuis werd tien jaar geleden geopend door de plaatselijke parochie, nadat een paar kinderen zich daar wilden verstoppen. Inmiddels wordt het gesteund door de Vereniging ­tegen meisjesbesnijdenis (ATFGM) en het ­Nederlandse Terre des Hommes. Het safehouse is in de wijde omtrek zo bekend dat elk jaar meer meisjes er aankloppen.

Onderduiken

Het terrein, dat buiten de kerstvakantie een basisschool is, wordt dag en nacht bewaakt door agenten in burger. Eén van hen komt voorbij rennen met zijn kalasjnikov. “Er zijn ouders die hun kind proberen weg te halen,” roept hij over zijn schouder. Hij is net op tijd bij het hospitaal­tje, buiten het hek van het opvanghuis, waar ­afgelopen week al een stuk of vijf meisjes zijn behandeld aan ernstige verwondingen aan hun genitaliën. Afgelopen jaren bleef het bij woeste ouders die verhaal kwamen halen, niemand raakte gewond.

Maar de spanning neemt toe. De leiders van de Bwiregeclan, met een half miljoen mensen de grootste gemeenschap in de regio, hebben ­bezworen dat ze een inhaalslag maken nu in eerdere jaren zo veel meisjes zijn ondergedoken. Ze voegen de daad bij het woord. Op hun huizen zijn vlaggen gehesen, een teken dat hun dochter in de afgelopen 24 uur besneden is.

’s Ochtends vroeg trekken ze in groten getale met toeters en messen langs het opvanghuis en besnijden hun kinderen expres vlakbij, om de ondergedoken ‘msaganes’ (scheldnaam voor onbesneden meisjes) angst in te boezemen.

Beeld Jamie Groenestein

Binnen de muren van het opvanghuis wordt voor zo veel mogelijk afleiding gezorgd. Op het grasveld staan speeltoestellen, wordt gevolleybald en grazen een paar koeien. De meisjes ­slapen met z’n veertienen in lege klaslokalen, op matrassen op de grond. Er is – net als thuis – geen stromend water. Overdag krijgen ze seksuele voorlichting en les over de levensbedreigende infecties en pijnlijke bevalling die de besnijdenis veroorzaakt. Op het schoolbord is een ­vagina mét clitoris getekend.

Elf maanden in het jaar proberen hulporganisaties ATFGM en Terre des Hommes voorlichting te geven via scholen en kerken. Zo wist ­Elmerida Hura Mariba (13) wat haar te wachten stond. Haar oudere zus, die een paar jaar geleden bloedend thuis was gekomen, had haar niets willen vertellen. “‘Je ziet het vanzelf’, zei ze. Vanaf dat moment was ik bang.” Drie weken geleden was het zover. Haar ouders hadden een zonnehoedje en een nieuwe gele jurk gekocht. “Toen mijn vader vertelde dat de besnijdenis zou komen, bleef ik stil. ‘Als je niet wilt, ben je niet langer mijn kind,’ riep hij.” Met een smoes wist Elmerida te vluchten.

10 euro per besnijdenis

Ghati (15, niet haar echte naam) zal in de rechtbank moeten getuigen tegen haar oma. Die ­ontdekte dat haar kleindochter wilde vluchten, vervroegde de besnijdenis en lichtte het meisje in het holst van de nacht van haar bed, zonder de gebruikelijke feestelijkheden. “Het moest ­allemaal vlug. Naderhand moest ik op iets kauwen om de pijn te verzachten. Dat hielp niets.”

De afgelopen weken zijn met hulp van het ­leger 35 mensen gearresteerd, onder wie ouders en besnijdsters. De politie, die naar eigen zeggen zwaar onderbezet is, kan tijdens de druk­bezochte processies niet ingrijpen. Te gevaarlijk. Een politiefunctionaris vertelt dat hij vanavond weer op pad gaat om drie meisjes te redden. “Jullie mogen wel mee,” zegt hij. “Maar ik heb ook een verzoek: zouden jullie geld willen bijdragen voor mijn vervolgopleiding?”

Het draait in dit straatarme land vrijwel altijd om geld, blijkt uit alle gesprekken. Dit is ook een van de redenen waarom er zo hardnekkig wordt vastgehouden aan de genitale verminkingen. De hele gemeenschap verdient aan het ritueel. Voor één meisje krijgt een besnijdster 25.000 Tanzaniaanse shilling. Ongeveer 10 euro. Als ze tientallen meisjes in een nacht besnijdt, levert dit een aanzienlijk salaris op, zélfs wanneer ze verplicht een groot deel moet afdragen aan de stamoudste. Maar ook verkopers van jurken, ­paraplu’s en andere feestprullaria verdienen goed aan de processies. Bovenal profiteert de ­familie ervan. Een besneden meisje levert een hogere bruidsprijs op – een stuk of acht koeien.

School afmaken

Elf maanden in het jaar proberen de hulp­verleners de clans ervan te overtuigen een alternatief ritueel in te zetten. Bij één van de twaalf is dat gelukt. Bij de Butimbaruclan worden de gezichten van de meisjes ingesmeerd met een wit poeder door ex-besnijdsters. Voor zijn eigen onbesneden dochters kreeg Mwita Nyasibora, een traditioneel leider, nog altijd drie tot vijf koeien. “Ik heb liever dat ze hun school afmaken en zo voor meer inkomen zorgen,” zegt hij.

Mgani en anderen proberen na 31 december, wanneer het cutting season voorbij is, te praten met families over terugkeer van hun dochter. In een contract moeten de families beloven dat ze hun kind tijdens het volgende seizoen, in 2021, met rust laten. Maar dat valt moeilijk te hand­haven. Ook strafvervolging verloopt door gebrek aan getuigenissen moeizaam. In 2016 werden 22 besnijdsters opgepakt, van wie er voor zover bekend maar twee veroordeeld zijn tot twee jaar cel en een boete van 5 miljoen Tanzaniaanse shilling, omgerekend 1953 euro.

De inzet van het leger geeft de hulpverleners hoop. Maar als de nacht invalt, horen zij een bekend geluid in de verte.

Pauw. Paaauw.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden