Plus

Hoe de kaalslag in het stadscentrum tijdig werd gekeerd

In de decennia na de Tweede Wereldoorlog wilden veel grote steden ingrijpend moderniseren. Tim Verlaan onderzocht de strijd die zich daarop ontspon tussen de inwoners en de plannenmakers.

De kerk op de Weteringschans werd in 1967 gekraakt en ontruimd, maar enkele maanden later opende Paradiso zijn deuren Beeld ANP
De kerk op de Weteringschans werd in 1967 gekraakt en ontruimd, maar enkele maanden later opende Paradiso zijn deurenBeeld ANP

Wat maakt de stedelijke ontwikkeling tussen 1950 en 1980 zo interessant?
"In die tijd kende Nederland een enorme welvaartsgroei en veranderde de samenleving ingrijpend. Zo werd niet alleen een grote bevolkingsgroei voorzien, onze steden, die niet altijd in de beste staat verkeerden, zouden ook volledig anders ingericht moeten worden vanwege de opkomst van het vervoer met de auto. Dat had enorme consequenties en marktpartijen hebben een belangrijke rol gespeeld bij de gevoelde noodzaak de steden te vernieuwen, terwijl zij van historici over het algemeen weinig aandacht krijgen."

Welke rol speelden de projectontwikkelaars?
"In mijn onderzoek heb ik naar Utrecht, Den Haag en Amsterdam gekeken, drie grote steden die na de oorlog nog over een oude, grotendeels intacte binnenstad beschikten. Op alle drie steden hebben projectontwikkelaars een stempel gedrukt, hoewel de mate waarin dat gebeurde wel afhing van de ruimte die zij van het openbaar bestuur kregen. Zo is er in Amsterdam geen Hoog Catharijne gekomen en in Utrecht wel. Ook al is dat complex verguisd, het zette Utrecht destijds wel op de kaart als moderne stad."

Amsterdam bleef achter?
"Zo zou ik dat niet willen zeggen. In Amsterdam was het al heel snel duidelijk dat de historische binnenstad zo veel mogelijk behouden moest blijven, ook al zijn er in Amsterdam ook ideeën geopperd voor snelwegen rond de oude binnenstad en de afbraak van de volkswijken in de negentiende-eeuwse gordel die nu juist heel populair zijn. De Wibautstraat als doorbraak door de oude stad is daarvan misschien wel het bekendst uitgevoerde voorbeeld. Het inmiddels gesloopte Burgemeester Tellegenhuis, beter bekend als het Maupoleum, in de Jodenbreestraat werd uiteindelijk mikpunt van tegenstanders van de grootschalige vernieuwing van Amsterdam."

Hebben projectontwikkelaars grote veranderingen in de oude steden in gang gezet?
"Sommige projectontwikkelaars beschikten over afdelingen waar op basis van wetenschappelijk onderzoek op terreinen als mobiliteit, bevolkingsgroei en economie naar argumenten werd gezocht om nieuwe bouwprojecten te legitimeren. Je zou kunnen zeggen dat zij aanjagers waren van een destijds noodzakelijk geachte vernieuwing van de stad die daarmee moest worden klaargemaakt voor de nieuwe tijd. Lokale bestuurders zijn daar ook gevoelig voor geweest omdat zij op trends wilden inspelen."

Toch is er juist in Amsterdam veel verzet tegen die modernisering ontstaan.
"Hier heeft een goed georganiseerd actiewezen zich op heel effectieve wijze verzet tegen grote ingrepen in de bestaande stad en het heeft de lokale politiek daarin uiteindelijk meegekregen. Opeenvolgende wethouders hebben dat ook steeds als een dilemma ervaren. Het was ook een periode waarin steeds meer mensen de stad verlieten. Bestuurders voelden dat zij iets moesten doen om het tij te keren en hebben uiteindelijk toch gehoor gegeven aan de geluiden uit de bevolking van de stad."

Is dat terecht geweest?
"Met de kennis van nu heeft Amsterdam daar zeker niet onder geleden. Historische binnensteden zijn over het algemeen erg geliefd, overigens ook met de nodige negatieve gevolgen zoals een almaar toenemend aantal toeristen, sterk stijgende huizenprijzen en dergelijke. Toch moet je er niet aan denken dat het Centraal Station getransformeerd zou zijn tot een Amsterdamse versie van Hoog Catharijne. In Amsterdam heeft men destijds de verleiding van projectontwikkelaars om de stad ingrijpend te veranderen kunnen weerstaan. Hoewel daar soms ook eigenaardige compromissen uit zijn voortgekomen."

Waar doelt u dan op?
"Een mooi voorbeeld is de vernieuwing van wat nu het Max Euweplein is. De ontwikkelaar die het gebied van de oude gevangenis wilde vernieuwen, kwam aanvankelijk met een plan waarbij niet alleen de oude justitiële gebouwen maar ook de kerk die later Paradiso werd, zouden worden gesloopt. Daar moesten moderne appartementen annex hotelkamers, een theater en luxueuze horeca voor in de plaats komen. Steun voor het plan was er al van de wethouders Joop den Uyl en zijn opvolger Roel de Wit."

"Doordat de architect van de ontwikkelaar overleed, liep de uitvoering vertraging op. De kerk werd gekraakt en het verzet nam verder toe. Het gebied is uiteindelijk een compromis geworden waarbij een deel van de bestaande gebouwen is blijven staan, sociale huurwoningen zijn toegevoegd maar ook een casino is gebouwd. Als je er goed naar kijkt, is het een wonderlijke samenkomst van werelden, een uitkomst van druk vanuit de markt, verzet vanuit de bevolking en een poging van het stadsbestuur verschillende wensen te verenigen."

Welke lessen zijn te trekken uit uw onderzoek?
"Op een andere manier dan destijds staan we in Amsterdam nu ook voor een grote opgave. De stad barst uit haar voegen en de vraag is hoe groei het best vorm kan krijgen. Grootse plannen zijn verleidelijk, maar kunnen een desastreus effect hebben. Maar als je bijvoorbeeld ziet hoe de Wibautstraat door een jongere generatie nu juist als rauw en authentiek wordt ervaren, is ook moeilijk te voorspellen hoe een ingreep na verloop van tijd wordt beoordeeld."

"Wel is duidelijk dat in de periode die ik heb onderzocht maatschappelijk verzet tegen ongewenste ingrepen over het algemeen effect heeft gehad. Dat zou een les voor stadsbewoners kunnen zijn. Want hoewel ik veel individuele tegengeluiden hoor, lijken maar weinig mensen bereid zich te verenigen."

Tim Verlaan Beeld Mats van Soolingen
Tim VerlaanBeeld Mats van Soolingen

Tim Verlaan
Amsterdam, 12 oktober 1984

2006-2011stadsgeschiedenis, Universiteit van Amsterdam, University of Leicester en Technische Universität Berlin
2011-2015 promotie geschiedenis, UvA
2011-heden redacteur Failed Architecture
2015-2017 universitair docent geschiedenis, VU
2016-2017 gastonderzoeker aan Fordham University in New York en het IRS in Berlijn
2017-heden universitair docent geschiedenis, UvA
2017 publicatie De ruimtemakers, projectontwikkelaars en de Nederlandse binnenstad 1950-1980, uitgeverij Vantilt

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden