PlusPS

Het tilteam van Transvision: 'U vraagt, wij dragen'

136 Amsterdammers maken dankbaar gebruik van het tilteam van vervoersbedrijf Transvision: sterke 'draagchauffeurs' die hen de trap op en af helpen. De buren applaudisseren. 'Jullie doen goed werk.'

Akthar woont op één hoog in de ­Indische buurt in Oost. Door ziekte kan hij ­tijdelijk nauwelijks lopen Beeld Dingena Mol
Akthar woont op één hoog in de ­Indische buurt in Oost. Door ziekte kan hij ­tijdelijk nauwelijks lopenBeeld Dingena Mol

'Lord make it easy. Don't make it difficult. Lord make it ­easier' is in sierlijke letters op de muur van Mahboob ­Akthars slaapkamer geschilderd. Het is waar hij elke dag op hoopt.

Akthar (65) zit in een trainingsbroek op de rand van zijn beslapen bed. De dekens zijn opengeslagen. Om hem heen flessen sap, medicijnen, hulpmiddelen. Het verblijf van iemand die ziek is.

Akthar woont op één hoog in de ­Indische buurt in Oost. Door ziekte kan hij tijdelijk nauwelijks lopen. Dankzij het zogenaamde ­tilteam van vervoersbedrijf Transvision kan Akthar toch een paar keer per week naar buiten. Het ­tilteam, dat onderdeel is van het aanvullend openbaar vervoer (AOV), tilt mensen met een lichamelijke beperking vanuit hun etagewoning naar ­beneden en brengt ze vervolgens naar waar ze heen willen.

Amsterdam is de enige stad in Nederland die zo'n voorziening heeft. Akthar maakt er nu tien maanden gebruik van, totdat hij weer kan lopen. Voor hem is het tijdelijk, maar sommige mensen zijn noodgedwongen jarenlang op het tilteam aangewezen omdat ze wachten op een aangepaste ­woning. Die zijn schaars in Amsterdam.

Mahboob Akthar wordt in een speciale stoel gezet en naar beneden getild door Transvisionchauffeur Guus Mozes (midden) en tilassistent ­Jamal Kalmoua Beeld Dingena Mol
Mahboob Akthar wordt in een speciale stoel gezet en naar beneden getild door Transvisionchauffeur Guus Mozes (midden) en tilassistent ­Jamal KalmouaBeeld Dingena Mol

Met klossende schoenen beklimmen Guus Mozes (50) en tilassistent ­Jamal Kalmoua de steile, houten trap naar één hoog. ­Akthars jongste zoon Muzamet wacht hen op. ­Bezorgd helpt hij zijn vader met opstaan.

"Mijn vader gaat vandaag voor controle naar het ziekenhuis. Maar hij belt het tilteam ook als hij met mijn moeder naar de markt gaat of wil winkelen in de Javastraat," zegt Muzamet.

Akthar geeft toe dat hij de eerste keer heel bang was om getild te worden, nu is hij het gewend. Hij weet wat er gaat ­gebeuren. Dat ze hem met riempjes vastzetten in de speciale stoel waarin ze hem naar beneden tillen, dat de mannen die hem dragen precies weten wat ze doen en dat de buren regelmatig komen kijken naar dat spectaculaire schouwspel.

Nieuwsgierig staan ze op de stoep als Akthar met zijn markante, witte baard in het trapgat verschijnt, als een koning op een troon. Behoedzaam dragen Mozes en Kalmoua hem naar beneden. Mozes brengt Akthar ­vervolgens met de bus naar het ziekenhuis.

Akthar is een van de 136 ­Amsterdammers die gebruikmaken van deze dienst. Dagelijks rijden twee 'tilbussen' door de stad, die gemiddeld zo'n tien ritten maken. Guus Mozes was jarenlang vrachtwagenchauffeur, maar verruilde zijn baan tien jaar geleden voor die van tilchauffeur. "Toen mijn schoonvader tijdelijk in een rolstoel ­belandde, zag ik hoe ze hem naar beneden tilden. Prachtig werk. Dat wilde ik ook: iets kunnen betekenen voor een ander."

Zenuwachtig
Het woord 'draagchauffeur' lijkt voor Mozes bedacht te zijn. Hij is fors in de schouders, kent feilloos de weg, stuurt geroutineerd met zijn handpalm. Een man, kortom, die kan dragen en rijden. Toch ziet Mozes dat zelf niet zo. Zijn werk houdt veel meer in dan dat. Het is louter toeval dat zijn rug wat breed is uitgevallen, want sterk hoef je niet te zijn. "Het gaat veel meer om inlevingsvermogen en ­mensen op hun gemak kunnen stellen."

Toch bereidde hij zich voor op een pittig karwei, toen hij voor het eerst iemand moest tillen. Even power geven, dacht hij. "Het viel erg mee. Je tilt niet met je lichaam, maar met je hoofd. Je moet je heel bewust zijn van waar je mee bezig bent en de juiste tiltechniek beheersen. Dit is specialistisch werk. Het is geen wasmachine die je naar boven draagt. Dit gaat om mensen en die bewegen."

Die mensen moeten zich ­bovendien willen overgeven aan de vrolijke Amsterdammer die op de overloop klaarstaat om ze naar beneden te tillen.

"Soms zijn ze bang of zenuwachtig, vooral als het de eerste keer is. Ik leg dan uit wat hen te wachten staat. Mensen die angstig zijn grijpen bijvoorbeeld naar de leuning. Daardoor raken wij uit ­balans, en dat kan gevaarlijk zijn. We bevestigen dan de riemen over de armen heen, zodat het niet kan gebeuren."

Vracht bier
Tachtig kilo is het maximum gewicht dat de draagchauffeurs tillen. Hoewel enorme spierkracht dus geen vereiste is, bestaat het tilteam uitsluitend uit mannen; vaak grote, soms ruige Amsterdammers. Niet zelden bedrukt met tattoos en behept met een voorliefde voor motoren. 'Je moet rijden alsof je een vracht bier bij je hebt' is een ijzeren wet bij de chauffeurs.

"Heel voorzichtig dus," legt Mozes uit. ­Daarom valt elke hobbel of kuil in de weg hem op. "Lekker, al die drempels bij het OLVG. Mensen met een ­gebroken rug worden daar niet vrolijk van," verzucht hij.

Akthar en zijn zoon zitten zwijgend achterin. Af en toe plaatst Mozes een grap. Het lijkt een tweede natuur te zijn geworden. Soms ­schaterlachen de passagiers daar om, soms zijn ze te zeer verzonken in hun eigen sores. Mozes kijkt uit het raampje naar een voorbijganger en constateert: "Sommigen mensen lopen met hun ziel onder de arm, anderen met een plant."

Guus Mozes: 'Lekker, al die drempels bij het OLVG. Mensen met een ­gebroken rug worden daar niet vrolijk van' Beeld Dingena Mol
Guus Mozes: 'Lekker, al die drempels bij het OLVG. Mensen met een ­gebroken rug worden daar niet vrolijk van'Beeld Dingena Mol

Mozes zet zijn cliënten het liefst af bij de markt of een ­gezellige winkelstraat. "Het geeft me een goed gevoel als ik zie dat mensen er weer op uit kunnen en genieten. ­Lekker naar het Amstelpark, ergens koffiedrinken."

Hij ziet in zijn werk veel narigheid voorbijkomen: mensen die kampen met ernstige ziektes zoals een herseninfarct of een ongeneeslijke spieraandoening, mensen die een ­afschuwelijk ongeluk hebben gehad.

"Soms gaat me dat erg aan het hart. Zoals Guusje, een vrouw van 48 jaar, die ik vaak heb getild. Ze was zo licht dat ik haar ook in mijn ­armen had kunnen dragen. Toen ze buitenkwam, heeft ze lang in de regen gezeten. Zo blij was ze om uit haar huis te zijn. Onlangs overleed ze. Daar had ik het moeilijk mee. Ik ben naar de crematie geweest en heb namens onze collega's een bloemstuk meegebracht."

Na een paar uur haalt Mozes Akthar weer op. Bij zijn huis in de Indische buurt staan de buren hem al op te wachten. "Er moet hier een lift komen!" roept een buurman. "Een lift? Dan heb ik niks meer te doen," zegt Mozes lachend. Een ander slaat hem op de schouders: "Jullie doen goed werk." De buren applaudisseren als Akthar de trap op ­gedragen wordt.

Ontspannen
In de middag rijdt Mozes naar zijn volgende cliënt Henry Mahes (42) in De Baarsjes. Hij moet naar de fysiotherapeut. Mahes kijkt met enig ontzag naar Mozes en Kalmoua: "Jullie doen zwaar werk," zegt hij. "Zal het lukken met mijn been?" Mahes heeft last van spasmes en als zijn been stijf is, bemoeilijkt dat het tillen.

"Wij pakken ook weleens ­iemand bij zijn haar, zodat er wat meer progressie in het dragen komt," zegt Mozes. ­Mahes slaat hikkend van de lach voorover. "Hou op, ik lach me rot," proest hij. ­Mozes probeert hem op deze manier een beetje te ontspannen. Zo werkt het starre been beter mee.

Het is de vierde keer dat Mahes wordt getild. "De eerste keer dat ik buitenkwam, had ik tranen in mijn ogen van blijdschap," bekent hij. "Ik wist heel lang niet dat dit bestond. Toen ik ziek werd, werd ik afhankelijk. Ik maakte me er zorgen over hoe ik ooit de trap nog af moest komen. Dat er mensen bestaan die mij daarbij helpen, vind ik ­bijzonder. Zij zijn mijn helden."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden