Plus

Het stille verdrinken: subtiele signalen van een doodsstrijd

Het gevaar van zwemmen wordt zwaar onderschat. Alleen deze maand al verdronken twee volwassen zwemmers in Amsterdam. Het grote gevaar: een echte verdrinking herken je nauwelijks.

Afgelopen maand kwamen in Amsterdam zeker twee mensen om het leven tijdens het zwemmen Beeld Rink Hof

Bij kinderen lijkt het op spelen. Koppeltjeduikelen. Hoofdje boven water, hoofdje onder water. Tot ze opeens rustig worden - en dan is het zaak er zo snel mogelijk bij te zijn. Een minuut later is het waarschijnlijk al te laat.

Afgelopen maand kwamen in Amsterdam zeker twee mensen om het leven tijdens het zwemmen. Een 59-jarige man op Blijburg en een 24-jarige student uit Ecuador bij Java-eiland. In beide gevallen heeft niemand het zien gebeuren - ze waren opeens weg.

Verdrinken, zegt Walter Weg (44), voorzitter van de Reddingsbrigade Amsterdam, is ongelooflijk moeilijk te zien. Sterker: als je iemand wild om zich heen ziet spetteren, is dat niet de daadwerkelijke verdrinking. Dat is de fase ervoor - die vaak nauwelijks lang genoeg duurt om op te vallen.

Daarna vervalt het lichaam in reflexen, waarbij om hulp schreeuwen al niet meer gaat. "De echte verdrinking is stil. Het lichaam schakelt instinctief alles uit wat ademhaling in de weg kan zitten." Dus wordt de spraakfunctie tijdelijk geblokkeerd: ademhalen gaat voor roepen.

Stilvallende benen
Walter Weg vergelijkt wat er gebeurt met een ui: van buiten naar binnen vallen er functies weg. Het gaat grofweg in vier fases. Eerst de huid: ­iemand die verdrinkt, krijgt het koud. Die raakt onderkoeld, ook in water van twintig graden. Daarna houden de lichaamsdelen op met bewegen. Het lichaam blijft verticaal in het water, de benen vallen helemaal stil.

Alleen de armen bewegen, die spreiden zich, om zo het hoofd nog enigszins boven het wateroppervlak te krijgen. Om hulp zwaaien gaat echter niet. In de korte tijd dat het hoofd boven water is, wordt er uit- en een beetje ingeademd. Dompelen heet dat in hulpdienstenjargon. Vaak komt dan ook water mee, dat in de longen terecht kan komen.

In fase 3 vervallen allerlei interne functies, zoals de spijsvertering, om het hart te ontlasten. En dan, als laatste, vallen hersenen, hart of longen uit. "Dan is het einde oefening."

Weg werkt als vrijwilliger bij de Reddings­brigade Amsterdam. De vereniging geeft voorlichting en is als hulpdienst aanwezig bij allerlei evenementen in de stad: de Canal Parade volgende week, de intocht van Sinterklaas, straks bij Sail 2020.

Geen watertrappelen
Mensen verdrinken als ze niet goed kunnen zwemmen, zegt Weg, of als ze kramp hebben gekregen. "Ook in dit warme weer kan het water koudestromen hebben," zegt hij. "Daardoor kun je kramp krijgen."

Soms verdrinken mensen nadat ze in diep water zijn gesprongen. Die kunnen, zegt Weg, ergens tegenaan zijn gestoten waardoor ze onder water buiten bewustzijn raken.

Maar het kan ook al komen door een harde klap óp het water: wie dan in één keer alle zuurstof verliest, raakt in een flauwte en kan vervolgens ook in die instinctieve verdrinkingsstand belanden.

"Kinderen met alleen een A-diploma moeten niet opeens in diep water springen," zegt Weg. "Als je geen lucht meer hebt terwijl je nog onder water bent, gaat het ook mis."

Het komt erop neer dat je binnen een minuut moet ingrijpen als iemand eenmaal aan het verdrinken is. De signalen zijn subtiel: het hoofd helt achterover, de mond staat open, de blik is wazig en ongefocust.

De haren zijn tegen het voorhoofd geplakt, of zitten in het gezicht. "Normaliter vegen we ons haar, als we in het water zijn gedoken, weer naar achteren. Dat doen we allemaal," zegt Weg. "Als iemand verdrinkt, denkt het lichaam daar niet aan."

Je ziet nauwelijks armbeweging, en zeker geen watertrappelen. Weg: "Daarom willen we ook zo graag dat zo veel mogelijk mensen reddend leren zwemmen. Want hier kom je zelf niet meer uit."

4 stappen

Een typische verdrinking verloopt grofweg in vier stappen: van onderkoeling via immobiliteit en stilvallende interne functies tot uitval van hersenen, hart of longen.

Tips van de Reddingsbrigade tegen verdrinking

1. Zorg ervoor dat je weet waar je gaat zwemmen en of het daar veilig is.
2. Kies voor een zwemgelegenheid waar toezicht is.
3. Wees je bewust van mogelijke gevaren zoals diep water, ­stroming en golven.
4. Waarschuw je kind voor de mogelijke gevaren, geef duidelijke instructies en maak afspraken.
5. Houd vooral jonge kinderen ­constant in de gaten en laat ze niet alleen in het water gaan.
6. Je kunt een zwemvest of zwembandjes gebruiken, maar pas op bij harde wind. Je kind kan met zulke middelen 'meegenomen' worden door de wind.
7. Laat je kind al op jonge leeftijd leren zwemmen.
8. Blijf zwemmen na het behalen van de Nationale Zwemdiploma's A, B en C.

Zwemdoden in Amsterdam

16 juli 2018
De 24-jarige Alejandro Paredes Yepez verdrinkt bij Java-eiland.
15 juli 2018
Een 59-jarige zwemmer verdrinkt bij Blijburg.
9 juli 2017
De 5-jarige Kauane verdrinkt in de Sloterplas.
22 juli 2013
De 5-jarige Jaïro verdrinkt bij het surfstrandje bij de Bert Haanstrakade, ­IJburg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden