'Het nieuwe hotel op Bickerseiland is vooral spuuglelijk'

Los van de vraag of nóg een nieuwbouwhotel in het centrum wenselijk is, vindt Arthur Claassen het vooral verbijsterend dat de gemeente het opvallende ontwerp heeft goedgekeurd. 'Het zou een crematorium kunnen zijn,' schrijft hij in een opinieartikel in Het Parool.

Het 'Shortstay-hotel' op het Bickerseiland in stadsdeel Centrum. Beeld Joris van Gennip

Op het Bickerseiland ligt vlak achter het spoor een gezellig pleintje. Daar, aan de waterkant, staat sinds kort een opvallend gebouw. Het heeft de vorm van een langwerpige bunker. De gehele gevel bestaat uit een pantser van grote platen met een kreukelreliëf erin.

De kleur van het pantser is merkwaardig: een soort grijsachtig paars. Het ding heeft geen deuren aan de zijkant of straatkant. Het heeft wel ramen, ook op vreemde plaatsen als op enkelhoogte. Op het eerste gezicht is niet duidelijk wat het gebouw voor functie heeft. Het zou een crematorium kunnen zijn, maar ook een afkickkliniek.

Shortstay
Na enig onderzoek blijkt het gebouw een project te zijn van de Short Stay Group. Dat is een onderneming die in verscheidene Europese steden shortstay-appartementen bouwt en beheert. Shortstay is een vorm van verhuur, oorspronkelijk bedoeld voor zakenmensen die een week tot een aantal maanden in de stad verblijven. Omdat de markt voor shortstay verzadigd is, heeft de gemeente besloten dat shortstay-appartementen getransformeerd kunnen worden naar appartementenhotels: hotels-zonder-receptie, gericht op de doorsnee toerist.

Met shortstay (een minimum van zeven nachten) heeft dat niets meer te maken; met nog meer toeristen in het centrum proppen en een mooie winst pakken des te meer. Veel van dit soort appartementenhotels bevinden zich in gerenoveerde grachtenpanden.

Zo openen binnenkort hotels op de Zoutkeetsgracht en Oostenburgergracht. Het hotel op de Bickersgracht, dat 18 december officieel wordt geopend, is echter geheel nieuwbouw.

Architect
Architect van het complex is Tijmen Ploeg. Een onconventionele architect, zo lijkt het. Hij werkt op het nabijgelegen Prinseneiland in een betonnen blokkendoos met een felroze toegangspoort en knalgele deuren. Op zijn website feliciteert de beste man zichzelf door te stellen dat zijn ontwerp 'een schitterend voorbeeld is van integratie met de historische context'. Daarmee doelt Ploeg op het feit dat het complex ongeveer dezelfde vormen heeft als een oude bedrijfsloods die voorheen op deze plek stond.

Het is echter even onduidelijk als onbegrijpelijk waarom het nieuwe ontwerp gebaseerd moest zijn op een vervallen loods die puur een functioneel uiterlijk had. Blijkbaar doet de 'historische context' van de grachtenpanden aan de Bickersgracht niet ter zake. Want waar deze panden gedetailleerde gevels hebben die charme en levendigheid uitstralen, is het complex eentonig en zonder enige versiering. Het straalt daarmee vooral kille zakelijkheid uit.

Door het ontbreken van deuren aan de zij- en achterkant staat het complex met de rug naar de straat toe. Blijkbaar is het niet de bedoeling dat toeristen en buurtbewoners contact maken. En dan die kleur... die grauwe, paarsachtige sluier. Volkomen onnatuurlijk in deze omgeving. Net als die manshoge, gekreukelde platen. Eigenlijk is het gebouw alles wat zijn omgeving niet is. Massief, monotoon, afstandelijk en onpersoonlijk. Het complex is werkelijk spuuglelijk. Een monster van een gebouw.

Verrommeling
Eerlijk gezegd kun je het de architect niet kwalijk nemen. Sommige architecten zijn nu eenmaal tot alles in staat. Maar waarom staat de gemeente dit toe? Waarom in dit geval niet kiezen voor iets dat in de historische omgeving past? Enig contrast kan interessant zijn, maar te veel contrast leidt tot verrommeling van de openbare ruimte.

Neem het Ibishotel naast het Centraal Station. Of het Marriott Hotel tegenover het Leidseplein. Of de expositievleugel van het Van Gogh Museum (de 'pillendoos') op het Museumplein. Allemaal voorbeelden van te ver doorgevoerde architectonische experimenten in een historische (negentiende-eeuwse) omgeving. Ongetwijfeld zijn het de natte dromen van modernistische architecten en hun volgelingen, maar de gemeente kan beter iets neerzetten wat over een aantal jaren door de meeste mensen nog als mooi wordt ervaren. Maak het dus niet te bont.

Los van de vraag of het wenselijk is nóg een nieuwbouwhotel in het centrum te realiseren, is het teleurstellend dat op een idyllische plek als de Bickersgracht gekozen is voor een extreem contrasterend bouwsel. Wat ontzettend zonde. En wat onnodig! Voor deze 'shortstaykliniek' moet de gemeente zich diep schamen.


Wil je reageren op dit artikel? Dat kan! Scroll (een beetje) naar beneden om een reactie te plaatsen.

Arthur Claassen
is politicoloog en jurist en woont in Amsterdam
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden