Plus

Het Mirakel van Amsterdam brengt nog steeds duizenden mensen op de been

De jaarlijkse Stille Omgang herinnert aan het mirakel van de Kalverstraat dat in de 14de eeuw een bruisende bedevaartsplaats maakte van Amsterdam. De bijzondere geschiedenis is nu vastgelegd.

De Stille Omgang. Een deelnemer buigt voor de lantaarn, die de plek van het Mirakel van Amsterdam markeert Beeld Marco Okhuizen

Het is niet meer zoals in de eerste helft van de twintigste eeuw, toen het aantal deelnemers aan de Stille Omgang soms opliep tot wel 90.000 bedevaartgangers. "De omgang moest toen over drie nachten worden uitgesmeerd," vertelt Peter Jan Margry. "En dan nog was er in de Kalverstraat geen doorkomen aan. Katholieken uit het hele land ondernamen de pelgrimage naar Amsterdam."

"Duizenden mannen kwamen vanuit Haarlem lopend in een lange optocht langs het kanaal. Het was ook de tijd van de verzuiling, dus protestantse machinisten en conducteurs weigerden diensten te draaien op het spoor naar Amsterdam. Dat moesten de collega's van katholieken huize maar opknappen."

Scherpe kantjes
Die scherpe kantjes zijn er allang vanaf, maar nog steeds komen elk jaar in maart enkele duizenden gelovigen naar de stad om in het holst van de nacht dezelfde route te lopen: van de Nieuwe Kerk over de Nieuwendijk naar de Prins Hendrikkade en via de Warmoesstraat, het Spui en de Kalverstraat weer terug naar het startpunt.

De deelnemers zijn tegenwoordig van zeer uiteenlopende pluimage, zegt Margry, die met Charles Caspers het net verschenen boek Het Mirakel van Amsterdam. Biografie van een Betwiste Devotie schreef over de bijzondere geschiedenis van de enige Nederlandse bedevaart. "Er komen voornamelijk oudere katholieken, maar het is toch meer een oecumenische, spirituele tocht geworden."

Brandende haard
Dat de Stille Omgang nog bestaat, heeft ook wel iets van een wonder. Het ritueel voert helemaal terug naar de veertiende eeuw, toen zich in een woning in de Kalverstraat het zogeheten Mirakel van Amsterdam voltrok.

Een priester had daar op 15 of 16 maart 1345 een zieke man op zijn sterfbed de biecht afgenomen en hem de communie toegediend. De man braakte de hostie echter weer uit, en deze werd volgens de kerkelijke richtlijnen in het vuur van de brandende haard geworpen. De volgende dag werd de hostie ongeschonden in de haard gevonden, naar de pastoor in de kerk gebracht, om vervolgens op wonderbaarlijke wijze weer terug te keren naar het huis van de zieke.

Zulke sacramentswonderen kwamen geregeld voor in de middeleeuwen, vertelt Margry. "In heel Europa wel tweehonderd keer en in Nederland een stuk of twintig. Het ging dan bijvoorbeeld om een bloedende hostie of miswijn die spontaan begon te borrelen. Het Mirakel behoort tot de
categorie van de brandwonderen, waarbij hosties in het vuur belanden, maar niet verbranden."

Sacramentswonderen
De sacramentswonderen maakten diepe indruk, en leidden ook tot een grote trek van gelovigen uit heel Europa, onder wie koningen en keizers, naar de plek van het wonder. In de Kalverstraat werd een kapel gebouwd die verwijzend naar het wonder Heilige Stede werd genoemd.

Margry: "Wat het wonder van Amsterdam voor ons zo bijzonder maakt, is dat er schriftelijke bronnen bewaard zijn gebleven. Zo hebben we de afschriften uit 1442 van de oorspronkelijke oorkonden uit 1346 en 1347 waarin de ­bisschoppelijke autoriteiten het wonder bevestigen."

Ook de brief over het mirakel van landsheer Albrecht van Beieren aan paus Clemens in Avignon zit in de archieven, net als de oorkonde waarmee de bisschop van Utrecht de Amsterdamse parochie toestemming geeft om de wonderhostie in de kapel geregeld te vervangen door een nieuwe: de zichtbare veroudering zou een verkeerde uitwerking kunnen hebben op het enthousiasme van de gelovigen.

Beeldenstorm
Aan de openlijke viering van het wonder kwam een einde in de zestiende eeuw. Tijdens de beeldenstorm van 1566 werd de kapel kort en klein geslagen en verdween de mirakelkist met daarin de wonderhostie. Twaalf jaar later werd het katholieke stadsbestuur afgezet en kwam de Heilige Stede in handen van de protestanten, die het heiligdom weinig fijnzinnig een nieuwe bestemming gaven als paardenstal.

"De heilige haardstede, die een belangrijk object van verering vormde in de kapel, werd weggebikt," aldus Margry. "Toch bleef de cultus bestaan. Van een openlijke sacramentsprocessie kon geen sprake meer zijn, maar op individuele basis bleven katholieke gelovigen de route lopen zoals dat in de eeuwen daarvoor was gedaan."

In de negentiende eeuw werd het ritueel nieuw leven ingeblazen op initiatief van twee katholieke Amsterdammers. Joseph Lousberg en Carel Elsenburg hadden in 1881 een eeuwenoud document ontdekt met daarop de route van de vroegere processie.

Het eerste jaar liepen ze hem samen, maar al snel sloten andere katholieken uit de stad zich bij hen aan. Omdat officieel nog steeds een processieverbod bestond, kreeg de tocht noodgedwongen een ingetogen karakter. De deelnemers liepen de route zwijgend en zonder uiterlijk vertoon. "Het had daardoor in zekere zin ook iets van een protestmars," zegt Margry. "En juist van het zwijgen ging een indrukwekkende kracht uit."

Mirakelkist
De Stille Omgang was geboren en zorgde voor een vernieuwd zelfvertrouwen bij de katholieke kerk in de hoofdstad. Aanjager was Bernard Klönne, rector van de Begijnhofkapel, die de functie van de Heilige Stede als mirakelkerk had overgenomen. Hij droomde van een herstel van de oude luister rond het wonder, en wist zelfs de verdwenen mirakelkist op te sporen in het Burgerlijk Weeshuis.

Margry: "Volgens neutrale deskundigen ging het om een oude archiefkist, maar Klönne verspreidde het verhaal dat de kist een geneeskrachtige werking had. Er zijn uit die tijd ook tientallen getuigenissen van gelovigen die in de kapel op de kist hadden plaatsgenomen en daarna van hun klachten waren genezen."

Bedevaartgangers in 1913 Beeld Hollandse Hoogte

Klönne gaf ook opdracht aan kunstenaar Antoon Derkinderen om een groots en spectaculair doek over de processie te schilderen.

"Het moest een enorm schilderij worden van wel tien meter," vertelt Margry. "De schetsen zagen er veelbelovend uit, dus Klönne vertrok gerustgesteld op pelgrimstocht naar het Heilige Land."

Sfeerbeeld
"Een dramatische ontwikkeling die hij daardoor miste, was dat Derkinderen tijdens een bezoek aan Parijs diep onder de indruk was geraakt van de impressionisten. In plaats van het gewenste realistische tafereel leverde de herboren kunstenaar een ingetogen, dromerig sfeerbeeld af. Klönne was woest, beschuldigde Derkinderen van prutswerk en gaf een nieuwe opdracht aan de kunstenaar Carel Philippeau."

Beide schilderijen hangen in de Begijnhofkerk, waarbij Margry het niet kan laten om vast te stellen dat het werk van Derkinderen toch duidelijk de meeste indruk maakt. "Het sluit ook het beste aan bij het bijzondere karakter van de Stille Omgang. De afwezigheid van pracht en praal was ooit noodzaak in het protestantse Amsterdam, maar is juist daardoor uitgegroeid tot de belangrijkste uiting van de katholieke identiteit in het land."

Lekeninitiatief
"Het is ook bijzonder dat een lekeninitiatief zich heeft kunnen ontwikkelen tot het grootste religieuze ritueel dat we kennen. Het bisdom heeft de omgang weliswaar dankbaar omarmd, maar het blijft tot op de dag een particulier initiatief."

Misschien is dat ook wel de beste garantie voor het voortbestaan van het ritueel. "Elke tien jaar wordt wel een keer de noodklok geluid over een dalend aantal deelnemers, maar dan is er weer een kleine opleving van de belangstelling voor de moderne pelgrimage en lopen er in maart toch weer vijfduizend mensen 's nachts door de binnenstad. Het is elke keer weer een indrukwekkend gezicht, ook voor het uitgaanspubliek dat net uit de kroeg komt en geen idee heeft. Ik zou niet weten waarom dat niet nog heel lang kan doorgaan."

Charles Caspers en Peter Jan Margry: Het Mirakel van Amsterdam. Uitgeverij Prometheus, €29,99.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden