Plus

'Het is tijd om gewoon hard in te grijpen'

De tijd van praten is voorbij, zegt jongerenimam Yassin Elforkani. Als de terroristische netwerken in Amsterdam niet snel worden opgerold, is de stad over maximaal anderhalf jaar aan de beurt. 'Het vertrouwen in de veiligheidsdiensten is minimaal.'

Yassin Elforkani.Beeld Mark van der Zouw

Tientallen moslimjongeren in Amsterdam zijn al zo ver van het padje dat niets hen meer lijkt te kunnen tegenhouden. "De terroristische netwerken staan klaar," zegt jongerenimam Yassin Elforkani (33), de voormalige woordvoerder van het Contactorgaan Moslims en Overheid (CMO). En erger: "Veel mensen in de wijken weten ervan, maar kiezen ervoor hun mond te houden en deze jongeren te beschermen."

Elforkani geeft ons nog een jaar, maximaal anderhalf. Dan zal, als er niets gebeurt, ook hier de doffe klap van een aanslag klinken, denkt hij. Zijn rekensom is simpel: Nederland loopt die één tot anderhalf jaar achter op België, het verschil tussen de oprichting van Sharia for Belgium bij de zuiderburen en vergelijkbare extremistische clubs hier.

Gerustellende woorden
"Ik ben van het maatschappelijk debat en de hervormingen," zegt hij. "Dat blijf ik, maar het is nu zo heftig dat we het daar op de korte termijn niet van moeten hebben. Het is gewoon hard ingrijpen nu."

Hij heeft het met toenemend afgrijzen bekeken: de aanslagen in Brussel, het geklungel van de veiligheidsdiensten en, afgelopen dagen, de arrestaties in Rotterdam waar bij een grote antiterreuractie vier verdachten van hun bed werden gelicht. De geruststellende woorden: hier zal het zo'n vaart niet lopen.

De Amsterdamse jongerenimam staat bekend om zijn gematigde opvattingen. Pleitbezorger van een humane polderislam, waarin gelovigen niet ophouden met zelf nadenken. Op dit moment denkt hij alleen: we moeten zo snel mogelijk de gewelddadige netwerken oprollen die vier jaar geleden al zijn gecreëerd. Daarna praten we wel weer verder. "Het zijn," zegt Elforkani, "onze veiligheidsdiensten die nu aan zet zijn."

Fanatisme
Hij was erbij toen in september 2012 de extremisten van Sharia for Belgium een debat in de Badr Moskee in Amsterdam-West verstoorden. Een jaar eerder was debatcentrum De Balie al aan de beurt geweest. Er werd destijds nog lacherig over gedaan: jongens met baarden in soepjurken die roepen dat Allah hun leider is.

Elforkani zag vooral het fanatisme in hun ogen: "Ik dacht toen al: dit is niet zuiver. Hoe ze opstonden en de roeping voelden het woord van God te verspreiden. De felheid waar dat mee gepaard ging. Ze waren netwerken aan het opbouwen. In België, maar net zo goed in Nederland. Ik heb ze gezien. Daar waren jongens uit Amsterdam bij, die ik van gezicht kende. Twee had ik eerder gesproken. Daarvan is er één naar Syrië gegaan, van de ander weet ik niet waar hij nu is."

Snotneuzen
Ze zijn onder ons. "Ik merk het," zegt Elforkani. "Er wordt in mijn omgeving over gepraat. Een deel van die jongens is naar Syrië gegaan, maar vaak zijn de kinderen of de vrouwen achtergebleven. Die worden door die netwerken onderhouden. Met geld, met boodschappen. Mensen zijn verbaasd: hoe kan het dat die snotneuzen gewoon hun gang kunnen gaan. Ze vragen zich af of de veiligheidsdiensten wel functioneren. Het vertrouwen is minimaal."

Waarom ze dan zelf niet op de autoriteiten afstappen? "Natuurlijk moet dat," zegt hij. "Maar veel mensen willen er niets mee te maken hebben of ze zijn bang iemand onrecht aan te doen. Het draait ook vaak om familiebanden. Die netwerken zitten steviger in elkaar dan we denken. Je moet je afvragen waar de verantwoordelijkheid voor onze veiligheid op de eerste plaats ligt: bij de burgers of bij de overheidsdiensten?"

Smoesjes
Hem wordt weleens gevraagd: kun je met mijn kinderen komen praten? Of ouders laten hem een foto zien: ken je deze man? Daar luistert mijn zoon naar. "Broertjes praten niet meer alleen over Spider-Man en voetbal, maar over aanslagen."

Hij schampert: "Als je aan een socioloog vraagt hoe het zo snel zo ver met die jongeren heeft kunnen komen, begint hij over slechte wijken en gebroken gezinnen. Als je het aan mij als theoloog vraagt, zeg ik: die jongens zijn zo overtuigd van hun eigen theologische waarheid, dat ze bereid zijn daarvoor te vechten. Die smoesjes van sociaaleconomische achterstanden kunnen we beter vergeten. Soms zal het kloppen, maar de leider van Sharia for Belgium was de zoon van een rijke topondernemer."

Ze luisteren gewoon niet meer. En zeker niet naar hem. "Het probleem is: ze luisteren naar niemand meer. Vanuit de theologie bieden we ook geen goed alternatief."

Jihad
Hij geeft een voorbeeld. Binnen de traditionele islam is een religieuze verplichting om de jihad te voeren. Voorwaarde is alleen dat er een kalifaat is, een religieuze staat, met aan het hoofd een kalief die tot de jihad oproept. Extremistische moslimjongeren hebben die gevonden in IS en Abu Bakr al-Baghdadi.

Elforkani: "Imams in Nederland zeggen dan: die deugen niet. Maar je moet natuurlijk zeggen: het kalifaat is niet van deze tijd, de religieuze verplichting tot het voeren van jihad past niet meer in onze samenleving."

Hij legt uit: "Er is een Koranvers dat zegt: chaos creëren is soms erger dan doden. God zegt dat als waarschuwing, maar deze jongeren zien het als een aansporing. Ze zitten echt niet te wachten op instructies uit Syrië. Het is nu: als je de ideologie accepteert, handel je ernaar. Ik maak met daar enorme zorgen over."

'Sluit maar op'
Toen hij nog woordvoerder van het CMO was, pleitte hij er al voor om Syriëgangers op te pakken, zegt Elforkani. "Ik was een van de eersten die dat zeiden. Nu zeg ik: sommige oplossingen die Geert Wilders en soms de VVD opperen, klinken hard, maar ze zijn wel toegesneden op de realiteit van deze tijd. Ik ben er absoluut voor dat terugkeerders uit Syrië preventief worden vastgezet."

Dat is nogal wat voor een verlichte Amsterdamse imam, geeft hij toe. "Maar als je ouders de keuze geeft: zal ik je zoon nu opsluiten om hem tegen zichzelf te beschermen of zullen we wachten tot hij mogelijk een aanslag pleegt, zeggen ze: sluit maar op. Probeer hem op te voeden en klaar te maken voor de nieuwe samenleving. Soms betekent preventie dat je repressief op moet treden om de samenleving te beschermen."

Salafisme
Hij is niet van het orthodoxe salafisme, zegt hij. Integendeel. "Maar in deze tijd kun je de salafisten beter als partner omhelzen dan als ­vijand afwijzen. Het salafisme heeft afstand geno­men van de terreur. Dan kun je ze beter zien als bondgenoot om binnen te komen in de netwerken. Ze kunnen helpen die jongens op te sporen, want ze zijn allemaal bij hen in de leer geweest."

Oorlog in de ogen van Elforkani: "Dat is aanvallen en mensen doden, onschuldige mensen. Precies wat er nu gaande is. Wij moeten goed begrijpen dat ook Amsterdam een doelwit is en dat de tegenstander steeds slimmer wordt."

Yassin Elforkani
Geboren op 21 augustus 1982 te Heerhugowaard

1990-1996: Koranschool en imamopleiding in Meknes, Marokko
1997-2004: Mavo, Don Bosco College Amsterdam, daarna opleiding chemisch analist, Nova College
2002-2006: Claimbeoordelaar UWV, handhavingsspecialist DWI
2006-2008: Jongerencoach gemeente Amsterdam
2007-2010: Islamitische theologie, Al-Azhar Universiteit in Caïro
2011-2015: Woordvoerder Contactorgaan Moslim en Overheid
2009-heden: Adviesbureau Vizea

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden