Op de heilige plaatsen van onze stad, ziekenhuizen en verpleeginstellingen, vloeien de tranen.

Opinie

Het is crisis, maar waarom huilen we niet?

Op de heilige plaatsen van onze stad, ziekenhuizen en verpleeginstellingen, vloeien de tranen.Beeld AP

De premier, koning en de andere leiders huilen allemaal niet. Maar de tranen mogen er zijn, schrijven predikanten Herman Koetsveld en Tim Vreugdenhil.

Een minister-president die een ferme toespraak geeft. Een koning die meevoelt. Een Franse president die verklaart dat het land in oorlog is. De Duitse kanselier die het de grootste uitdaging sinds de Tweede Wereldoorlog noemt. Allemaal ­roepen ze ons op een beetje op elkaar te letten. Geen van onze leiders huilt. Maar goed ook. Er zou onmiddellijk worden gespeculeerd of iemand wel geschikt is voor de functie.

Ooit werd ook Jezus van Nazareth geroemd om zijn krachtige toespraken, net als om zijn ­empathie. Toch deed hij het, juist in crisistijd, soms anders. Een paar keer barstte hij, voor het oog van iedereen, in tranen uit. In het evangelie ­volgens Johannes staat de kortste zin van heel de Bijbel. Jezus huilde.

Nauwelijks iemand huilt

Wij spreken – via een microfoontje en oortjes – in deze dagen veel mensen. Niemand zag het aankomen, deze crisis. Iedereen staat versteld. Sommigen zijn bang. Anderen gelaten. Velen doen hun best. Eén reactie zien we weinig. Er is nauwelijks iemand die huilt. Niet zichtbaar tenminste. Ook zelf zijn we nog niet zo ver. Waarom niet? Wat houdt ons tegen? Is de situatie nog niet erg genoeg? Voelt huilen als capituleren? I must be strong and carry on, zingt Eric Clapton. Zou dat het zijn?

In het evangelie van Johannes staat Jezus aan het graf van een vriend. Hij was te hulp geroepen toen diegene ziek werd, zoals je vandaag je dokter belt, in de hoop dat hij de crisis zou afwenden. Maar Jezus reageerde traag. Hij vertrok te laat. Verkeerde inschatting? De zus van de gestorvene zegt het hardop: dit was niet nodig geweest.

Dikke tranen

Daarop barst Jezus in tranen uit. Waarom? Doet het verwijt hem pijn? In allerlei tijden hebben uitleggers aangevoeld dat het dieper gaat. Dat Jezus dikke tranen huilt. Tranen van een ­enorme zwaarte. Tranen voor elke situatie. Tranen die uitdrukken dat we eigenlijk áltijd te laat zijn om onheil in ons leven te voorkomen. De impact van deze twee woorden – Jezus huilde – is groot geweest. Het heeft ervoor gezorgd dat de westerse cultuur nooit echt stoïcijns is geworden. Niks must be strong en carry on. Tranen zijn typisch menselijk – en zelfs goddelijk.

De theoloog Walter Brueggemann interpreteert Jezus’ huilen als een andere manier van bidden. Bidden is volgens hem de meest radicale vorm van protest. Een hartstochtelijk nee tegen te laat, geen adem, alleen zijn, bang of dood. God, nee! Dan gaat het verhaal verder. Al huilend schreeuwt Jezus opeens de longen uit zijn lijf. Sta op! Het moet anders. Het wordt beter. Alles wordt nieuw. Degene die gestorven is, staat op. Met tranen en woorden krijgt Jezus de dood eronder.

Lijdenstijd

In een tijd waarin we ervaren hoe moeilijk een virus te bedwingen is, voelen we de gekte van zo’n Bijbels verhaal. Evenals de hoop. Is een huilende God wel geschikt voor zijn functie? Of zouden we juist aan die tranen iets hebben? We weten dat er op de heilige plaatsen van onze stad – voorop de ziekenhuizen en verpleeginstellingen – veel tranen vloeien. Soms zelfs, zoals een arts schreef, van achter een zuurstofmasker. Verschrikkelijk: tranen die niemand kan drogen. Situaties om te huilen.

De veertigdagentijd voor Pasen wordt in de kerkelijke traditie ook wel lijdenstijd genoemd. We laten in onze huizen en online vieringen tranen om het verdriet dat veel Amsterdammers nu voelen. We geloven ook nu in God. Een God die weet wat huilen is. Wij geloven dat er zelfs in de hemel tranen zijn, tears in heaven. En dat daarom ieder die verdrietig is, goddelijk goed gezelschap heeft. Ook die meneer met dat zuurstofmasker.

Meer dan anders zien we uit naar Pasen. Onder tranen willen we het feest vieren van opstaan, van anders en beter en nieuw. We bidden voor artsen, verpleegkundigen en alle Amsterdammers en wensen hun iets van de geest van Pasen toe.

Herman Koetsveld, predikant bij de ­Westerkerk.
Tim Vreugdenhil , stadspredikant bij de ­Protestantse Kerk ­Amsterdam.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden