Column

Het is alsof ik bij mijn ex op bezoek ga

Theodor Holman Beeld Wolff

"De boven­verdie­ping is klaar, wil je die zien?"

Ik sta voor mijn oude huis. Het is alsof ik bij mijn ex op bezoek ga. Ze is mooier dan toen we nog samen waren - de hele voorkant is opnieuw gevoegd.

"Ja," zeg ik en automatisch grijp ik naar de voordeursleutel in mijn zak, maar die is er niet.

Iemand maakt de deur open en ik loop de trap op. Het gedeelte waar ik de afgelopen jaren heb gewoond, is nog niet klaar, maar op die bovenverdieping heb ik ook enkele jaren gewoond, daarna - nadat mijn moeder was overleden - mijn dochter met haar vrienden.

De trap voelt anders - alles voelt anders, ik loop niet mijn verleden in, want ik herken niets, alleen de bocht die de trap maakt, maar die is in feite ook anders.

En dan sta ik in een nieuw huis.

Van deze tijd, niet van tachtig jaar geleden, zoals het was.

Ik zoek wanhopig naar iets herkenbaars. De lichtval, de schouw, de ramen die uit­keken op de buren - ze is inderdaad mooi opgemaakt, voor een ander, niet meer voor mij, maar ik verlang nog wel naar haar, maar er is veel weg. Alles is weg.

"Mooi hè?" wordt mij gevraagd.

"Ja," zeg ik.

Ik loop heen en weer. Ik wil van alles vragen, maar zeg onzinnige dingen als: "Nou, hier was dus mijn plee." Tja, wat zeg je tegen je ex.

We gaan nog een trap op, en ik kom op een totaal nieuwe verdieping terecht. Omdat ik wederom met stomheid geslagen ben, zeg ik: "O, op ­deze verdieping is ook een plee? Leuk."

"Ja, op alle verdiepingen is nu een wc," wordt mij gemeld.

"Aha."

"Het wordt ook apart verkocht hè."

"Aha."

Ik vertel dat hier, onder de vloer, in de Tweede Wereldoorlog onderduikers hebben gezeten. Er wordt geluisterd, maar opeens hoor ik dat de andere mensen in dit huis Pools spreken.

Dan de bovenste verdieping.

Ook prachtig.

"Hier had ik het geld niet voor," fluister ik.

"Wat zegt u?"

"Ik had het nooit zo mooi kunnen verbouwen," zeg ik.

Het wordt begrepen: "Helaas zijn we nog druk bezig met de verdieping waar u woonde, maar die is volgende maand klaar. Dat wordt pas echt prachtig. U zult daarvan verteld staan."

Ik bedank en loop weg. Het is of ik voorgesteld ben aan haar nieuwe echtgenoot.

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column. Lees al zijn columns terug in het archief. Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.