Plus

'Het duurt niet lang meer of er valt een dode bij een plofkraak'

Het aantal plofkraken door vooral Utrechtse en Amsterdamse criminelen op geldautomaten in met name Duitsland blijft enorm. Justitie gaat zwaardere straffen eisen.

Een jaar geleden was de Rabobank in Vinkel, Brabant, doelwit van een plofkraak.Beeld Robe Engelaar/ANP

Als 'sinds het Wilde Westen' proberen dieven kluizen leeg te roven. "Dus als je meer dan een ton euro's aan de openbare weg zet, zullen mensen proberen die te pikken. Je hoeft geen raketgeleerde te zijn om dat te bedenken."

De Amsterdamse recherchechef die sinds een jaar één van de drie forse teams leidt die tegen de 'plofkraken' op pinautomaten strijden, koestert geen illusies. Wel de ambitie het levensgevaarlijke fenomeen in te dammen. Hij wil niet met zijn naam in Het Parool.

Justitie gaat de strafeisen voor plofkraken fors verhogen van 15 tot 22 maanden nu tot een vordering in de toekomst van minstens vier jaar cel.

De risico's die de plofkrakers nemen zijn enorm en de schade die ze aanrichten is vele malen groter dan hun buit. Hele gevels worden weggeblazen, de badkamer van de bovenbuurman hangt ineens in de open lucht, huizen van buren blijven achter vol scheuren. Een supermarkt leed recent naar schatting een miljoen euro (!) schade door een plofkraak.

Sprinkhanenplaag
Tot 2015 bliezen met name Utrechtse en Amsterdamse plofkrakers Nederlandse pinautomaten op met een mengsel van gas, vaak acetyleen, en zuurstof, dat ze met een slang aan een lange staaf door de geforceerde geldla naar binnen hadden gespoten en met vonken van een taser of accu tot explosie brachten.

De politie en de banken namen maatregelen. Zodra de geldla werd geforceerd, ging in de pinautomaat een klepje open, waardoor het ingespoten gas ontsnapte en de knal uitbleef.

De plofkrakers verschoven hun activiteiten 'als een sprinkhanenplaag' naar Duitsland, waar de pinautomaten nog ouderwets waren, zeker in dorpjes in het grensgebied.

De Duitse politie had Nederland 'kunnen verzuipen in de rechtshulpverzoeken', zegt de Amsterdamse recherchechef, maar gekozen werd voor samenwerking met de politie in Oost-Nederland.

Experimenteren
Inmiddels hebben de plofkrakers hun 'modus operandi' (werkwijze) aangepast. Ze prepareren een kastje met explosief materiaal aan een lange stang, brengen 'de pizzaschuiver' tegen de kluisruimte aan en laten de boel met een afstandbediening ontploffen. Als explosief kan 'flitspoeder' dienen, uit zwaar vuurwerk zoals Cobra's, of een ander improvised explosive device (IED).

"De plofkrakers weten vaak niet precies hoeveel explosieven ze nodig hebben en experimenteren om door schade en schande wijs te worden, met enorme ravages tot gevolg," zegt de recherchechef.

"De nieuwe methode wordt vooral in Duitsland toegepast. Dit kon zo niet langer." In Nederland waren in 2018 tot nu toe tien plofkraken, waarbij maar een enkele keer iets buit werd gemaakt.

Behalve het team in Oost-Nederland, 'Dijk' genoemd, zijn een jaar geleden nog twee forse rechercheteams opgezet in Midden- ('Wolf') en Zuid-Nederland ('Bever'). De rechercheurs komen van de regionale eenheden.

De teams 'Dijk' en 'Wolf' bestaan uit ruim twintig rechercheurs die fulltime met plofkraken bezig zijn, het zuidelijke team 'Bever' is iets kleiner.

"Binnen de politie is het altijd weer de vraag welke eenheid een zaak oppakt. Als een crimineel uit Utrecht in Amsterdam een auto pikt, daarmee een kraak zet in Duitsland en na een achtervolging wordt gepakt in Limburg, wie draait dan het onderzoek?"

Losse plofkraken onderzoekt de regionale recherche, de drie nieuwe teams proberen zaken te clusteren. "Pleegt dezelfde dadergroep kraken? Is de modus operandi hetzelfde? Komen uitrustingen en kleding overeen? Zo krijgen we een completer plaatje."

De gespecialiseerde teams hebben samen 75 tot 100 mannen in beeld die zich langduriger met plofkraken bezig lijken te houden. "Het onderscheiden van dadergroepen is lastig, doordat ze van elkaar leren en elkaars werkwijze kopiëren."

"Het zou kunnen dat we vooral uitvoerders pakken die werken voor bazen die ze instrueren. We weten natuurlijk ook niet hoeveel daders we níet in beeld hebben. Als teamleiders bekijken we gezamenlijk wie waar in beeld is en in welke rol."

De teams richten zich ook op de leveranciers van gestolen snelle auto's, vluchtscooters en busjes, en het materiaal waarmee de kraken worden gepleegd, waaronder de explosieven. Die worden waarschijnlijk veelal gekocht via het darkweb: het afgeschermde deel van internet.

Dure jassen en een Ferrari
De Dienst Landelijke Informatieorganisatie verzamelt alle informatie over plofkraken; het Landelijk Forensisch Coördinatieteam (LFCT) van politie, Openbaar Ministerie en banken bundelt de (technische) onderzoeksresultaten.

Waar rechtbanken plofkraken veelal zien als bedrijfsinbraken, wijzen politie en justitie op de enorme gevaren. "Het duurt niet lang meer of er valt een dode. Als brokstukken 150 meter van de explosie in een gevel zijn ingeslagen, zegt dat wat over de risico's in woonbuurten."

Behalve de opsporingsdiensten en de rechters, moeten banken en verzekeraars meewerken. "Zoals banken eerder hun pinautomaten hebben aangepast, zo moeten we voortdurend samen zoeken naar trends en ontwikkelingen en structurelere oplossingen."

Banken halen hun pinautomaten steeds vaker weg uit complexen met appartementen boven de winkels, maar dat is in een stad een minder groot probleem dan in een dorpje. "Elektronisch bankieren is natuurlijk een oplossing, maar bijvoorbeeld ouderen willen toch nog contant geld hebben."

Intussen kijken de drie rechercheteams naar de geldstromen. Naar de manieren waarop de daders hun buit witwassen. "Families die op papier van WIA-uitkeringen (bij langdurige ziekte) leven, kopen dure jassen, ze feesten en huren een Ferrari."

Politie en justitie proberen steeds vaker beslag te leggen op het vermogen van verdachten, om dat bij een veroordeling te kunnen afpakken.

De laatste jaren zijn tientallen plofkrakers veroordeeld, maar het aantal plofkraken blijft hoog. "Ik ben er om vele redenen van overtuigd dat we hiertegen moeten blijven strijden, maar het moet effectiever."

"In Nederland krijg je 15 tot 22 maanden voor een plofkraak - al gaat justitie de strafeisen binnenkort fors verhogen. In Duitsland komt 5 tot zelfs 8 jaar ook voor. We horen de daders in afgeluisterde gesprekken overleggen: 'Doen we het hier of aan de overkant?' In Duitsland zijn plofkraken makkelijker, maar kun je veel meer straf krijgen."

Bureaucratie is een probleem. De drie Nederlandse teams hebben in eigen land met verschillende parketten van justitie en verschillende rechtbanken te maken en samenwerking met Duitsland is door de verdeling in deelstaten en verschillende opsporingsinstanties nog ingewikkelder.

Het zijn problemen waar de plofkrakers géén hoofdpijn van krijgen.

22

In Duitsland kun je 5 tot 8 jaar cel krijgen voor een plofkraak, in Nederland 15 tot 22 maanden. Justitie zal de strafeisen binnenkort fors verhogen.

Nederland 2017
87 plofkraken op geldautomaten
Buit: 1.216.700 euro

Duitsland 2017
127 plofkraken op geldautomaten
Buit: onbekend

Nederland 2018 (tot en met maart)
10 plofkraken op geldautomaten
Buit: 83.000 euro

Duitsland 2018 (tot en met maart)
31 plofkraken op geldautomaten
Buit: 1.096.800 euro

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden