Plus

Het boek had een goeie aan Wim Brands (1959-2016)

Radio- en televisiemaker Wim Brands overleed maandag op 57-jarige leeftijd in zijn woonplaats Amsterdam. Hij was een van de weinige zichtbare ambassadeurs van het boek, schrijft literair journalist Maarten Moll.

Maarten Moll
Wim Brands Beeld anp
Wim BrandsBeeld anp

Ach, Wim Brands, wat hadden we nog graag naar je gekeken op televisie. Hoe je in je programma Boeken van de VPRO met schrijvers en dichters praatte, ze liet vertellen over hoe de wereld in elkaar zat en waarom er niet meer 's nachts gedicht hoefde te worden. Mooie gesprekken waren dat.

Een van de weinige zichtbare ambassadeurs van het boek was je. Enthousiast, verwonderd, nieuwsgierig naar waarom die schrijvers schreven wat ze schreven. Goed voorbereid en zonder obligate vragen trad je ze tegemoet. En zin, je had altijd zin, dat zagen we. Het boek had een goeie aan je. De kijker ook.

Eind maart stopte je vrij plotseling met het presenteren. Je deed even een stapje terug. Oververmoeid? Een voorlopig afscheid was het, want je was van plan om in september op televisie terug te keren. Om weer fris boeken en schrijvers te ontleden op die prettige, slimme manier.
Gisteren overleed je in je woonplaats Amsterdam. Totaal onverwacht, zoals dat heet. De schok was groot. Een zelfgekozen dood was het. Wat nog een schok veroorzaakte.

Je kampte sinds kort met een depressie, verklaarde de hoofdredacteur VPRO televisie, en die dreef je naar de dood. Je was nog maar 57.

Biologen
Maar laten we niet vergeten dat je ook dichter was, al wilde je eigenlijk geen dichter worden. Journalist. Bioloog. Je zat, in 1959 geboren in Brummen, op de middelbare school in Zutphen en je las het werk van de grote biologen Niko Tinbergen en Dick Hillenius. Die laatste was ook dichter en toen je op een middag de gedichten, van Hillenius las ging er een universum voor je open. Zo kon je dus ook over de wereld schrijven. Op je negentiende debuteerde je als dichter in Hollands Maandblad. Met een gedicht waarin, als je aanbelt bij een kasteel, je voor je ziet hoe de voorwerpen in dat kasteel gaan leven en personen worden.

Je bent altijd dezelfde dichter gebleven. Als je iets opschreef, moest je het gezien of gehoord hebben. Je schreef het helder op, maar de lezer moest na lezing wel denken: wat staat er eigenlijk? Je vergeleek het lezen van je gedichten met het kijken naar een röntgenfoto. Het moest een beetje raadselachtig zijn. Je kunt getroffen worden door beelden waarvan je niet weet wat ze betekenen. Ik hou van paarden/ omdat ze uit// badkuipen// drinken dichtte je.

In 1985 verscheen je eerste bundel: Inslag. Er zouden er nog zeven volgen. 's Middags zwem ik in de Noordzee was je laatste, verschenen in 2014. In je een-na-laatste bundel, Neem me mee, zei de hond, verraste je jezelf door het gedicht Gebed van een zoon op te nemen. Dat gaat over de zelfmoord van je vader. Je schreef een gedicht over een kunstwerk, het beeld How to meet an angel van Ilya Kabakov, een man die met gespreide armen boven aan een ladder staat. Karakteristiek voor je werk, want pas achteraf kreeg het echt betekenis.

Ik kijk naar Kabakovs man. Staand/ op een ladder, zijn armen ten hemel.// En ik denk: dat ben ik./ Reikend naar mijn verre vader.// Laat dit dan mijn gebed zijn:// If equal affection cannot be,/ let the more loving one be me.

Boekenprogramma
Radio, je deed heel veel voor de radio. Je was journalist bij het Leidsch dagblad en Vrij Nederland, maar de radio maakte je bekend. Programma's als De avonden en Brands met Boeken. Ook daar weer die begeestering. En nog meer: je maakte programma's voor het theater waarin je over nog niet voltooide gedichten sprak, je presenteerde een boekenprogramma in de Rotterdamse boekhandel Donner, televisieprogramma's over literaire immigranten en Boeken op reis.

Toch keerde je steeds weer terug naar de poëzie. In 's Middags zwem ik in de Noordzee is de dood zeer aanwezig. Je droeg de bundel op aan filosoof en Denker des Vaderlands René Gude, die veel nadacht over de naderende dood, en zei dat je je verstand in toom moest houden. Eigenlijk, zei je, is het schrijven van poëzie niets anders dan dat.

De mooiste zin in je laatste bundel vond je Achteraf is altijd alles eenvoudig. Zo helder. We weten niets over je dood, maar houden ons vast aan die regel.

Het Parool sprak Wim Brands in 2014 over de dichtbundel 's Middags Zwem ik in de Noordzee. Lees het interview hier terug [+].

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden