Plus

Hennie Marinus (1938-2018) uit de Jordaan liet alles voor de sport

'Rijk ben ik er niet van geworden. Maar ze pakken het me nooit meer af,' zei Hennie Marinus over zijn carrière als wielrenner. Vorige week overleed de Nederlands kampioen en het icoon in de Jordaan.

Hennie Marinus in 1959 na het rijden van de 50 kilometer zonder gangmaking op de baan. Beeld -

Eén wedstrijd heeft Hennie Marinus nooit kunnen vergeten. Decennia later kon hij nog net zo boos worden als op die dag in 1962.

Het Olympisch Stadion zat vol, het waren de revanchewedstrijden na het WK stayeren. Marinus mocht niet naar dat WK, ondanks zijn goede vorm en de Spanjaard Guillermo ­Timoner werd kampioen.

In het Olympisch Stadion zou Marinus dat wel eens rechtzetten. "We gooien de gaskraan open," zei zijn gangmaker Frits Wiersma, ook wel Ome Frits. En weg waren ze, tegen de 100 kilometer per uur boven in de betonnen baan.

Maar wielerwedstrijden in die ­dagen werden zelden gewonnen door de sterkste van de dag. De gangmakers bepaalden de prijzen vooraf, daar ging veel geld in om. Zo'n afspraak heette 'een slaggie'.

Marinus fietste door het slaggie heen en dat was niet de bedoeling. Een andere gangmaker, die al een paar rondes achter lag, ging ook naar de bovenste baan en blokkeerde Marinus en ome Frits. Timoner schoot onder hen door. In Het Parool, vijf jaar geleden, wond Marinus zich daar nog altijd over op.

Gladde benen, glimmende fietsen
Vorige week overleed Hennie Marinus, in 1964 Nederlands kampioen stayeren op de baan, en een icoon in de Jordaan. Zijn dochter Monique Marinus: "Ik heb nog nooit zulke ­lieve woorden gehoord als op zijn ­crematie afgelopen vrijdag, waar 140 mensen waren. Hij was een ontzettend goed mens, een schat van een man, een lieverd. En een goede sportman."

Zijn ouders hadden vishandel Marinus, op de hoek van de Binnen Oranjestraat. De slogan: 'Op ieder z'n dis, Marinus z'n vis.'

Als klein jongetje al keek hij op tegen de baanwielrenners. Mannen in wollen truien, met gladde benen en glimmende fietsen. Marinus ruilde zijn nieuwe fiets voor een tweedehands racefietsje van zijn buurjongen. Zijn vader was niet boos, vertelde Marinus in Het Parool. "Maar ik moest beloven alles voor de sport te laten."

Vishandel
Dus stond hij om zes uur op en haalde vis van de vismarkt, naar school, 's middags trainen en 's avonds de tegels van de viswinkel boenen. Zijn ­vader ging elke wielerwedstrijd met hem mee. "In de oude Ford van de zaak, we roken altijd naar vis."

In 1959 werd Marinus tweede bij het NK wegwielrennen. In de jaren zestig was hij prof, eerst op de weg, maar al snel op de baan. Daar was destijds het geld te verdienen. Maar door de vele 'slaggies' werd dat niet het succes waarop hij hoopte. Marinus was niet gewiekst genoeg. "Rijk ben ik er niet van geworden. Maar ze pakken het me nooit meer af," zei hij.

Na zijn wielercarrière nam hij de vishandel van zijn vader over, tot zijn pensioen. Zestien jaar geleden overleed zijn vrouw Annie, van vishandel De Kort, een klap die hij nooit te boven is gekomen. Hij herstelde nog wel van een zware operatie na een hersentumor.

Tussen Timoner en hem is het uiteindelijk goed gekomen. Enkele jaren geleden nam fietstrainergigant Koos Tacx hem mee naar Timoner in Spanje. Dochter Monique: "Mijn vader kwam binnen en Timoner zei: 'Daar is mijn kleine vriend uit Nederland.' Ze pakten elkaar vast en het was helemaal goed."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden