Haïtianen radeloos door vertraging hulp

PORT-AU-PRINCE - Ook vrijdagochtend nog klonk er hulpgeroep vanuit de puinhopen in Port-au-Prince. De burgers horen op de radio dat de hele wereld Haïti te hulp schiet, maar ze merken er weinig van. Er is geen centraal gezag om de hulpstroom in goede banen te leiden. Het vliegveld bij de hoofdstad Port-au Prince kan de sterk toegenomen stroom vluchten niet aan.

Mensen die de zware aardbeving van dinsdag hebben overleefd, sterven nu bij gebrek aan drinkwater, voedsel en medicijnen.

''We horen dat ze ons uit de hele wereld komen helpen, maar ik heb nog niemand gezien,'' aldus Jean-Baptiste Lafonton in Port-au-Prince. ''We hebben alleen onze blote handen om naar overlevenden te zoeken.''

De woede onder de bevolking stijgt, hun geduld begint op te raken. John Holmes, hulpverlener namens de Verenige Naties: ''De mensen zien auto's van de VN-vredesmacht in de straten patrouilleren, zonder dat we nog hulp kunnen geven. Hun woede is begrijpelijk.''

Sommige journalisten melden dat zij in de stad worden aangeklampt door wanhopige Haïtianen die smeken om de flesjes drinkwater die de meesten bij zich hebben.

Het toestel met hulpverleners van het Nederlandse Urban Search and Rescue Team is naar Curaçao uitgeweken, landen op Haïti was gisteren niet meer mogelijk .

Het bureau van de Amerikaanse luchtvaartautoriteiten (FAA) liet gisteren weten dat er geen vliegtuigen meer in het luchtruim van Haïti werden toegelaten vanwege de drukte op de luchthaven. Daar konden vanochtend weer toestellen landen.

De verkeerstoren is er door de aardbeving verwoest, en het vliegverkeer werd door Amerikaanse militairen geregeld. Het lossen van een Chinees vliegtuig nam ruim zes uur in beslag. ''Wij hebben niet genoeg materieel en mensen,'' zei de Amerikaanse luchtmachtkolonel Ben McMullin.

Haïtiaanse autoriteiten waren op de luchthaven noch elders in de hoofdstad te vinden. President René Préval, die in het normale leven ook zelden naar voren treedt, gaf enkele interviews, maar liet zich verder nauwelijks zien. Zijn paleis en huis zijn zwaar beschadigd en het parlementsgebouw is ingestort, evenals enkele ministeries.

Het Amerikaanse ministerie van buitenlandse zaken zei wel contact met Préval te hebben gehad. ''Wij nemen Haïti niet over. Wij helpen Haïti te stabiliseren, wij helpen hen levensreddende hulp te bieden.''

Ongeveer zevenduizend doden zijn begraven in een massagraf, aldus president René Préval.

De anders zo chaotische hoofdstad Port-au-Prince was opvallend rustig, ondanks de verwoestingen. Volgens het Amerikaanse Rode Kruis zijn ingestorte gebouwen op grote schaal geplunderd, maar zijn de meeste winkels die intact zijn gebleven, tot nog toe met rust gelaten. Sommige hulporganisaties vrezen dat dit niet lang meer zal duren.

De vredesmissie van de Verenigde Naties in Haïti is zwaar getroffen. Zeker 36 VN-medewerkers zijn omgekomen en er worden er bijna tweehonderd vermist. Gevreesd wordt dat het hoofd van de missie, de Tunesiër Hedi Annabi, evenals diens plaatsvervanger, de Braziliaan Luis Carlos da Costa, onder het ingestorte VN-kantoor liggen.

Secretaris-generaal Ban Ki-moon heeft Annabi's voorganger, Edmond Mulet, naar Haïti gestuurd om het roer zolang over te nemen en te helpen de hulpverlening te coördineren.

De overige negenduizend VN'ers proberen zo goed en zo kwaad als het gaat de orde te handhaven. Patrouilles beveiligen de haven, luchthaven en belangrijke gebouwen. De Verenigde Staten stuurt militaire en civiele noodhulpteams naar Haïti. Over enkele dagen zullen 5500 Amerikaanse mariniers en andere militairen ter plaatse of op schepen voor de kust zijn. Daarbij zijn ook het vliegdekschip Carl Vinson en het hospitaalschip Comfort, dat over twaalf operatiekamers beschikt.

Haïti is één van de armste landen ter wereld. De Amerikaanse president Barack Obama heeft honderd miljoen dollar hulp beloofd. Hij heeft zijn voorgangers George Bush en Bill Clinton benaderd te helpen hulp te mobiliseren, zoals Bush zijn vader en Clinton inschakelde na de tsunami van 2004 in Azië. Ook het Internationaal Monetair Fonds maakt honderd miljoen dollar vrij voor noodhulp.

De zware aardbeving heeft criminelen helpen ontsnappen, doordat de gevangenis in de hoofdstad Port-au-Prince is ingestort. ''Enkele gevangenen liggen onder het puin begraven, anderen konden echter op de vlucht slaan,'' aldus noodhulpcoördinator John Holmes van de VN.

Tussen de 45.000 en de 50.000 Haïtianen zijn omgekomen, meldt het Internationale Rode Kruis. (HET PAROOL)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden