Plus

Grandeur terug bij Hollandsche Manege na opknapbeurt

De Hollandsche Manege, een verborgen parel aan de Vondelstraat, is sterk verwaarloosd en gaat op de schop. Het moet een open complex worden, de paarden zijn straks zichtbaar vanaf de Overtoom.

De onderhoudsachterstand van de Hollandsche Manege is opgelopen tot een bedrag van twee miljoen euro Beeld Lin Woldendorp

Je hoeft niet eens goed te kijken om te zien dat het verval zijn intrede heeft gedaan in de Hollandsche Manege. Grote plakkaten verf liggen op de grond langs de plinten, overal word je aangestaard door vocht- en schimmelplekken en de spanten van de magnifieke rijzaal zijn op sommige plekken zozeer aangetast door roest dat ze onherstelbaar vergaan zijn. Er is meer nodig dan een likje verf om de manege te redden.

Architect André van Stigt bevestigt het volmondig, terwijl hij op het oog gevaarlijk dicht langs de paarden in de stallen loopt. De gebreken aan het monumentale complex tussen Overtoom en Vondelstraat, dat eind vorig jaar door de gemeente werd verkocht aan Stadsherstel, zijn aanzienlijk, zegt hij.

"Er is jarenlang niets aan gedaan. Dat ligt niet aan de manegehouder, maar de gemeente heeft het laten versloffen. De onderhoudsachterstand is opgelopen tot een bedrag van twee miljoen euro."

Fouten uit het verleden
Van Stigt, de man die onder meer de Hallen en het Olympisch Station nieuw leven inblies, heeft zijn tanden nu gezet in de Hollandsche Manege. Het lijkt een kolfje naar zijn hand, want wie bekend is met zijn werkwijze weet dat de architect nooit over één nacht ijs gaat: aan likjes verf doet hij niet. Er zal worden gerenoveerd en gerestaureerd, verduurzaamd en geïsoleerd, maar er worden ook zaken aangepast.

De manege moet weer toekomst krijgen, dat is de bedoeling. Van Stigt zal geen seconde aarzelen om 'fouten uit het verleden' weer recht te zetten. Hij wijst als voorbeeld op de nooduitgang die halverwege de jaren zeventig is aangelegd vanuit de ruimte die nu dienstdoet als luxe 'kantine'.

Ook zijn veel muren volgens Van Stigt domweg 'platgeschilderd'. Onbegrijpelijk, zoveel minachting voor een gebouw en zijn bedoelingen, verzucht de architect. "Monumentale artefacten zijn ineens volslagen onzichtbaar. Het is niet slecht bedoeld en soms best praktisch, maar ik wil dat allemaal herstellen."

En ook beneden in de stallen zal de bezem er stevig door gaan, kondigt Van Stigt aan. Want zoals dat gaat met oude gebouwen die nog steeds dienstdoen: ooit mag het aan de eisen hebben voldaan, inmiddels doet het dat niet meer. Hij wijst op de paardenverblijven. "Dit is véél te klein, de paarden kunnen er hun kont niet keren. Als we straks, over anderhalf jaar, klaar zijn, hebben de paarden twee keer zoveel ruimte als nu."

Verrassend complex
Ook daarvoor moeten drastische keuzes worden gemaakt: de gietijzeren palen die de paardenverblijven van elkaar scheiden, horen bij het monumentale ontwerp van 1882. "Als je veel werkt met monumenten, weet je dat het simpelweg verplaatsen van zulke elementen op weerstand kan stuiten. Terwijl het iets is wat wel echt móet gebeuren."

Ook voor wie er vaker is geweest, blijft de Hollandsche Manege een verrassend complex. Wat er van de buitenkant een beetje uitziet als een gebouw dat ooit een manege is gewéést, is nog volledig als zodanig in gebruik: per week rijden hier zevenhonderd mensen hun rondjes op paard of pony. Dat is zonde, zegt Van Stigt. "Ik wil het gebouw niet alleen zijn glans, zijn grandeur teruggeven, ik wil ook dat meer zichtbaar wordt hoe schitterend het is."

Levend Paardenmuseum
Het is allemaal hoognodig, zegt Stella van Heezik van Stadsherstel, de nieuwe eigenaar van het complex. "De aanpassingen zijn noodzakelijk, want er zijn nu te weinig inkomsten om te voorzien in het onderhoud van het pand. Voor alle achterstallige zaken en het aanpassen van de paardenverblijven gaan wij niet alleen subsidies aanvragen en bijdragen uit diverse fondsen, maar starten we ook een crowdfundactie."

Dat alles moet ertoe leiden dat de andere functie van het complex, het Levend Paardenmuseum, een stuk aantrekkelijker wordt, zegt Van Heezik. Zo kunnen nog meer mensen kennismaken met de klassieke rijkunst en zijn geschiedenis.

"Het museum wordt de hoofdhuurder. Er komen hier nu ongeveer 7000 bezoekers per jaar, maar dat willen we laten groeien tot 25- tot 30.000. Dat klinkt misschien als heel veel, maar is met ongeveer zeventig mensen per dag behapbaar. Op die manier kunnen we ervoor zorgen dat zoiets prachtigs als een monumentale manege levend blijft en een plaatsje heeft en hóudt in de stad."

Leerlingen

Net als eerder bij de restauratie van de Hallen worden bij de Amsterdamsche Manege mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt ingezet, zegt architect André van Stigt. "Vooral bij het herstel van het verwaarloosde schilderwerk is sprake van een groot leermeester ambachtproject, waarbij leerlingen het prachtige restauratievak kunnen leren. We maken echte vaklieden van ze."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden