Goudeerlijk raadslid met de hand op de knip

Ten slotte Klaas Veldman 1925 - 2008
'Het PvdA-raadslid Klaas Veldman let altijd op de centen.' Zo begon raadsverslaggever Frans Heddema eens zijn vaste Paroolrubriek over de gemeentepolitiek. Het was bepaald niet de eerste keer dat de deze week overleden Veldman een wethouder tot de orde riep tijdens de twintig jaar dat hij zitting had in de gemeenteraad van Amsterdam.

Of het nu ging om miljoenenverliezen bij het Grondbedrijf, de bouw van de Stopera of de aanleg van de Amsterdam Arena, telkens dook Veldman op in de kolommen van Het Parool als de man met de hand op de knip. ''Als u mij in tien minuten tachtig miljoen gulden door de strot wilt duwen, zit u verkeerd,'' beet hij in 1990 bijvoorbeeld wethouder (en partijgenoot!) Louis Genet toe, toen die dat geld nodig had voor de Arena.

Veldman was jarenlang voorzitter van de rekeningencommissie, een groepje raadsleden dat met behulp van accountants de gemeentebegroting ondersteboven keerde. Jaarlijks rapporteerde zijn commissie tientallen miljoenen aan verspilling, maar veel raadsleden vonden al dat boekenonderzoek maar ingewikkeld en dachten liever nieuwe plannen uit.

''Over de begroting discussieert de gemeenteraad enkele dagen, maar daarbij gaat het om honderdduizend gulden die nog op een andere manier besteed kunnen worden dan b. en w. hebben voorgesteld,'' verwonderde Veldman zich. ''Ach, de totale gemeentebegroting omvat zo'n zes miljard gulden en sommigen vinden een verspilling van een miljoen dan niet zo belangrijk,'' zei hij. ''Ik zit anders in elkaar. Ik ben in de oorlog opgegroeid.''

Burgemeester en wethouders hadden moeten aftreden, oordeelde Veldman zelfs nadat de kosten van de Stopera uit de hand gelopen waren en ook op de gevierde PvdA-wethouder Jan Schaefer was zijn kritiek niet mals. ''We letten alleen op geld en niet op personen, al wordt je dat door collega's niet in dank afgenomen,'' zei Veldman. Alleen omdat zijn verdiensten voor de stad zo groot waren, werd Schaefer in 1983 niet weggestuurd toen de administratie van het Grondbedrijf een zootje bleek. Veldman in 1987: ''Het zou een andere wethouder zijn baan hebben gekost.''

Juist Schaefer had hem in 1980 overgehaald om weer gemeenteraadslid te worden, nadat hij in 1979 nog besloten had om te bedanken. Hij wilde zich volledig wijden aan zijn baan op de scheepswerf. Schaefer wist hem te overtuigen dat hij in de raad niet gemist kon worden. Zijn werkgever was het daarmee eens en trof een speciale regeling voor hem.

Heddema omschrijft hem als een goed raadslid, 'een man die deugt' en altijd op de bres voor de scheepsbouw. Veldman opereerde voornamelijk op de achtergrond en liet zich vooral gelden in de fractievergadering. ''Ik heb toen nog eens cijfers gegeven in mijn rubriek,'' herinnert Heddema zich. ''Dat had ik nooit moeten doen. Veldman kreeg van mij een 7,5. Toen werd ik prompt benaderd door zijn fractiegenoten. Je moest eens weten, zeiden ze.''

Frans van de Ven zat indertijd ook acht jaar in de PvdA-fractie en was daarbij acht jaar assistent van Schaefer. Veldman was volgens hem een 'goudeerlijke man' die wars was van 'slinkse spelletjes'. Hij omschrijft Veldman als een typische politicus van de jaren zeventig: niet afkomstig uit een 'gestudeerd' milieu, maar van eenvoudige komaf en dag en nacht in de weer om de politiek 'voor iedereen en van iedereen' te maken.

Maar tegelijkertijd waren de veranderingen in de economie onstuitbaar. Juist de mensen waar hij voor stond, arbeiders, kwamen op straat te staan. Fabrieken moesten sluiten en ook de scheepswerven van ADM, waar hij onder meer personeelschef was, bleken niet te redden en gingen failliet. ''Daar moet hij veel verdriet van hebben gehad.''

Dat de tijden veranderd waren, bleek eens te meer toen Veldman zich in 1994 uit eigen beweging niet herkiesbaar stelde voor de raad. Op de nieuwe lijst vond hij alleen maar universitair opgeleide kandidaten terug die het raadslidmaatschap wilden combineren met goed betaalde, drukke banen.

''Dit kan leiden tot de ondergang van de partij in Amsterdam. Ze zijn met een D66-lijst gekomen,'' sneerde hij, over de lijst met onder anderen Eberhard van der Laan, Duco Stadig en Guusje ter Horst. ''Het zijn de jonge, snelle yuppies.''
Klaas Veldman is 83 jaar geworden. (BART VAN ZOELEN)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden