Plus

Gezin, café en huis gaan ook op de korrel

Naast hun moordonderzoeken zoeken politie en justitie in Amsterdam voortdurend extra wegen om de liquidaties in de stad te stoppen. Het palet aan strategieën wordt almaar bonter.

De recherche heeft een veelheid aan ontmoedigingstactieken Beeld Chantal van Wessel / Het Parool

Het leek een poging waard: de rechtstreekse benadering, ook buiten het strafrecht om. Kijken of zelfs de zware criminelen en hun helpers uit de Amsterdamse onderwereld te trekken waren. In 2012 brak de vete uit waarin inmiddels tientallen (jonge) criminelen, vaak met grof geweld, zijn geliquideerd. In 2013 maakte de recherche een lijst van potentiële opdrachtgevers en uitvoerders van dergelijke moorden: van mogelijke doelwitten en helpers die de strijdende partijen bijvoorbeeld wapens of (vlucht)auto's leveren. Op een werklijst kwamen zo'n tachtig namen te staan van 'beroepscriminelen'.

Uit die lijst werden uiteindelijk zo'n twintig criminelen geselecteerd op wie een speciaal rechercheteam een persoonsgerichte aanpak losliet. Die was niet alleen op de criminelen gericht, maar ook op hun vriendinnen, exen, ouders en broers. Op de horecazaken en sportscholen die ze frequenteren. Op de autobedrijven waar ze hun snelle bolides huren.

Rechtstreeks benaderen
"We zijn alles en iedereen gaan bezoeken," zegt de leider van het rechercheteam, die anoniem wil blijven. "Het was ons een doorn in het oog dat autobedrijven die gasten zo makkelijk bedienden. Nu werken we samen en doet de branche veel tegen anonieme en criminele verhuur."
"We zijn ook de horecazaken in bijvoorbeeld de Leidsebuurt gaan bezoeken waar een crimineel zoals (de in 2014 geliquideerde) Gwenette Martha kwam. 'Wilt u deze figuren in uw zaak?'"

Het opzoeken van 'de subjecten' zelf had weinig nut, bleek snel. "Soms kwamen we nog wel bij ze op de bank terecht en kregen we koffie, soms gooiden ze de deur in ons gezicht. Ze willen niets met ons te maken hebben. Punt."

Is er concrete informatie dat een crimineel dreigt te worden vermoord, dan wordt het doelwit altijd geïnformeerd. Dat beschouwt de politie als dure plicht. Soms tot weerzin van die crimineel of zijn advocaat, als die een waarschuwing zien als truc om aan informatie te komen. Die suggestie weerspreekt de recherche met klem.

"Het komt overigens geregeld voor dat zo'n man letterlijk zegt: 'Ik weet wel dat ze me willen doodschieten, val me niet lastig.'"

Partners of exen spreken
Met praten met de vrouwen of vriendinnen komen de rechercheurs maar beperkt verder. "Soms kunnen we een vriendin de ogen openen en neemt ze afscheid van haar vriend, maar vaak houden ze zich van de domme," zegt de teamchef.

Het adagium in het milieu is: 'Je mag wel alles eten, maar niet alles weten'. Veel partners weten al te goed dat al dat klatergoud niet eerlijk is verworven, maar ze profiteren mee en stellen geen vragen. "Dan zijn er nog de vrouwen die zó diep in het wereldje zitten dat ze volop meewerken met hun man. Die zitten niet op ons te wachten. Wat nog de meeste zorgen baart, is de laconieke reactie als een geliefde is geliquideerd of als dat dreigt. Zelfs ouders van zo'n jonge jongen staan nauwelijks open voor hulp."

De aanname dat informatie te halen moet zijn in de omgeving van geliquideerde slachtoffers, wordt dan ook geregeld gelogenstraft.

Jeugdzorg inzetten
Als er kinderen in het spel zijn, biedt dat, cru genoeg, soms mogelijkheden. Zeker als al eens een aanslag op (de woning van) een crimineel met kinderen is geweest, of een inval van een arrestatieteam. Traumatische ervaringen.

De Turkse Amsterdammer Aytas Göraler werd in 2014 geliquideerd met zijn zoontje van zestien maanden op zijn arm, voor de ogen van zijn dochtertje van acht. Het is maar één voorbeeld.

De teamchef: "Een vriendin van een crimineel, met wie hij een dochtertje heeft, wilde dat thuis dag en nacht de gordijnen dicht bleven omdat ze bang was te worden beschoten. We melden zulke gezinnen nu bij Jeugdzorg, omdat de kinderen in een levensgevaarlijk milieu zitten. Jeugdzorg komt dan wél binnen."

Recent onderzoek waaraan de recherche heeft meegewerkt, laat zien dat zonen van zware criminelen al jong aan een misdaadcarrière beginnen als niemand ingrijpt. "Soms worden zulke kinderen nu onder toezicht gesteld of zelfs uit huis geplaatst."

De hulpverleners proberen kinderen bij te brengen dat hun wereldje níet normaal is. "Hun moeders kopen voor duizenden euro's kinderkleren in de P.C. Hooftstraat. Die kinderen gaan dat gewoon vinden. Ze zien nooit anders dan extreme geldsmijterij. We moeten voorkomen dat ze zo verknipt opgroeien."

Sinds anderhalf jaar hebben politie en justitie een vast contactpersoon van Jeugdzorg die optrekt met de afdeling Zware Criminaliteit van de recherche, om de veiligheid van de kinderen van die criminelen te waarborgen. Criminelen en hun advocaten zullen betogen dat de inzet van Jeugdzorg een oneigenlijk drukmiddel is, maar politie en justitie nemen die kritiek, volgens hen onterecht, op de koop toe.

Auto's en wapens volgen
In de jacht op wapens en (vlucht)auto's zet de recherche steeds meer technologische middelen in.

Als voorheen een tip binnenkwam over een auto die voor een liquidatie zou worden gebruikt, werd die doorgaans weggesleept. Dat is het veiligst, want dan kan het moordplan niet doorgaan.

Tegenwoordig volgt de recherche naast personen ook hun voertuigen, wapens, geld en andere middelen om na te gaan wat zij daarmee van plan zijn. Zo is uiteindelijk bewijs te genereren van moordplannen, is het idee.

Beeld Chantal van Wessel / Het Parool

Gegevens uit verkeerscamera's gebruiken
Via verkeerscamera's, ook de camera's die de milieuzones in de stad controleren of die waarmee Verkeer en Waterstaat verkeersstromen analyseert, probeert de recherche de auto's van criminelen te volgen - of achteraf te bepalen waar die op welk moment zijn geweest.

Voor het eerst is onlangs een handvol woningen in de stad dichtgetimmerd na een arrestatie, bijvoorbeeld na de vondst van zware wapens in de woning.

Met onverwachte huisbezoeken, samen met bijvoorbeeld woningcorporaties, verzamelt de recherche ook informatie over 'de doelgroep'. Als criminelen driemaal in een woning zijn aangetroffen waar ze niet staan ingeschreven, en tegelijk nergens anders staan ingeschreven, kan de overheid ze tot inschrijving verplichten. Sommigen doen dat alsnog, wat weer consequenties kan hebben voor de uitkering van een medebewoner, anderen verkassen. "Toch lastig voor ze," stelt de teamchef vast.

Verzamelplekken sluiten
Als de criminelen zelf ongrijpbaar blijken, richt de overheid zich op de 'sleutelplaatsen' waar ze elkaar ontmoeten. Zo viel een arrestatieteam vorige week café Plan B binnen, in de Indische Buurt. Daar kwamen klanten die in de marge van liquidatiedossiers figureren, en er werd waarschijnlijk in drugs gehandeld.

De politie arresteerde zeven van de zestien klanten, onder wie drie die 'een handelshoeveelheid' aan bolletjes cocaïne bij zich hadden. Een andere arrestant werd gezocht voor een inbraak in een winkel. Plan B zal waarschijnlijk worden gesloten in opdracht van de burgemeester. In 2015 werden een kleine dertig zaken zo gesloten. De invallen in sleutelplaatsen worden volop voortgezet.

"Het spectaculairste resultaat is dat we al die zaken kunnen sluiten," zegt officier van justitie Otto van der Bijl. "Soms is in strafrechtelijke zin weinig te beginnen, maar ontstaan tijdens een controle samen met bijvoorbeeld de douane of de gemeente nieuwe verdenkingen. Op grond daarvan kunnen we een zaak doorzoeken, waarna we alsnog voldoende aantreffen om de zaak te kunnen sluiten."

Politiesystemen koppelen
De recherche deelt gevoelige informatie over bekende criminelen voortaan sneller met collega's. "Onze doelgroep opereert steeds internationaler. Dan zitten ze hier, dan ineens in Dubai, Spanje of Panama," zegt de chef van de afdeling Zware Criminaliteit van de recherche. "Met Groot-Brittannië, Spanje, Marokko, Turkije, de Antillen en bijvoorbeeld Suriname proberen we structureel beter informatie uit te wisselen."

Waar reguliere politiesystemen informatie na vijf jaar afschermen en na tien jaar vernietigen vanwege de Wet Persoonsgegevens, blijven alle bevindingen over onderwereldmoorden in een nieuw systeem bewaard, nu moord niet meer verjaart. "Als over acht jaar iemand met ons praat, is ons archief over liquidaties up-to-date."

Anders dan voorheen deelt de recherche haar brisante informatie over het milieu waarin de liquidaties plaatsvinden nu ook met 'blauwe' collega's in de districten en wijkteams. "Het klinkt eenvoudig om computers en bestanden aan elkaar te koppelen, maar het is maatwerk en luistert nauw. Het was ook een lastige discussie, want we delen nu zeer gevoelige informatie."

Met de Belastingdienst delen de opsporingsdiensten vaker informatie over criminelen en hun bezittingen of over malafide bedrijven.
Gezamenlijk voeren ze, soms met anderen, projecten uit rond misdaadgroepen. Onder die voorwaarden is informatie delen toegestaan, via een speciaal orgaan van het Regionaal Informatie en Expertisecentrum, waaraan naast justitie en politie bijvoorbeeld de gemeente deelneemt.

Uit de buurt verbannen
Voor het eerst kreeg een crimineel onlangs 'een gebiedsverbod' omdat hij na verscheidene waarschuwingen voor een liquidatie toch in een waterpijpcafé in de Marnixstraat bleef komen.

Het was Omar A., broer van Adil A., die levenslang kreeg voor de liquidaties in de Staatsliedenbuurt in 2012. "Als iemand zelf niet bezorgd is om die dreiging, interesseren ons in elk geval de buren en passanten die door rondvliegende kogels kunnen worden getroffen. Dan maar een gebiedsverbod," zegt Van der Bijl. "We willen het Amsterdamse vestigingsklimaat voor criminelen verslechteren."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden