Gewraakte Nederlandse Karadzic-rechter berecht ook Mladic

De van oorlogsmisdaden verdachte Bosnisch-Servische ex-legerleider Ratko Mladic wordt berecht onder leiding van Alphons Orie, de enige Nederlandse rechter van het Joegoslavië-Tribunaal. De momenteel 26 rechters van het internationale hof komen uit 24 landen.

Mladic Beeld EPA

In juli 2008 leidde Orie ook de eerste voorgeleiding van Radovan Karadzic, de voormalige politieke baas van Mladic. Karadzic en Mladic zijn allebei aangeklaagd wegens genocide na de val van de Bosnische moslimenclave Srebrenica in 1995 en andere oorlogsmisdaden.

Ex-president Karadzic van de Republika Srpska wraakte Orie. Karadzic wilde geen Nederlandse rechter, onder meer vanwege de Nederlandse betrokkenheid bij Srebrenica. Een Nederlander zou in zo'n genocidezaak niet objectief kunnen zijn. De zaak werd daarop door de toenmalige president van het tribunaal, Fausto Pocar, toegewezen aan een andere strafkamer.

Orie is al meer dan tien jaar rechter aan het VN-hof in Den Haag en heeft ervaring opgedaan in tal van belangrijke zaken. Hij was al betrokken bij de eerste zaak van het tribunaal, tegen de Bosnische Serviër Dusko Tadic, die in 1995 als eerste verdachte ooit werd opgesloten in de speciale VN-cellen in Scheveningen. Toen werkte Orie nog voor de verdediging, in het team van prof. mr. M. Wladimiroff.

Na zijn verkiezing tot rechter in 2001 werd hij voorzitter in tal van belangrijke zaken: tegen de Kroatische hoofdverdachte, generaal Ante Gotovina, tegen Momcilo Krajisnik, de voormalige rechterhand van Karadzic, en tegen oud-premier Ramush Haradinaj van Kosovo.

Orie werd geboren op 23 november 1947 in Groningen. Hij studeerde rechten in Leiden en werd in 1971 wetenschappelijk medewerker straf- en procesrecht aan de Rijksuniversiteit in Leiden. Tussen 1980 en 1997 werkte hij als advocaat bij advocatenkantoor Wladimiroff en Spong. Daar ging Orie weg toen hij in 1997 werd benoemd als raadsheer bij de Hoge Raad. Hij bleef bij het hoogste rechtscollege van Nederland werken tot zijn verkiezing als VN-rechter in 2001.

Het Joegoslavië-Tribunaal begint woensdag het proces tegen Ratko Mladic. De voormalige Bosnisch-Servische legerleider wordt beschouwd als hoofdverantwoordelijke voor de genocide na de val van Srebrenica in 1995. Mladic liet zich destijds filmen toen hij leiding gaf aan de verovering van de Oost-Bosnische moslimenclave.

Ook liet hij de camera's vastleggen hoe hij Thom Karremans vernederde en intimideerde, de commandant van Dutchbat, het Nederlandse VN-bataljon dat in Srebrenica was gestationeerd. De lichtgewapende Nederlanders waren geen partij voor het met tanks uitgeruste Bosnisch-Servische leger.

Na vergaderingen met Karremans en met vertegenwoordigers van de moslims besloten Mladic en enkele getrouwen tot de massamoord op duizenden moslimmannen en -jongens. Dit verklaarde onder anderen de voormalige Bosnisch-Servische generaal Radislav Krstic tijdens zijn proces voor het tribunaal ruim 10 jaar geleden. Hij noemde de beramers van de volkenmoord 'zieke geesten'. Krstic werd zelf veroordeeld wegens het helpen bij het genocidale plan, onder meer door het beschikbaar stellen van militairen voor de massa-executies. Hoofdaanklager Serge Brammertz van het tribunaal zei onlangs desgevraagd dat het oproepen van Karremans als getuige in het Mladic-proces een 'mogelijkheid' is.

Mladic werd vorig jaar mei opgepakt in Servië. Hij hield zich schuil bij een familielid op het platteland. Aan de arrestatie ging een jarenlange zoektocht vooraf: de eerste aanklacht tegen Mladic werd in 1995 uitgevaardigd door toenmalig hoofdaanklager Richard Goldstone van het tribunaal. Brammertz wijst erop dat het Mladic-proces, vergeleken met andere tribunaalzaken, snel begint, minder dan één jaar na de arrestatie. De verdediging op haar beurt had graag meer voorbereidingstijd gehad.

Brammertz wil zijn zaak tegen Mladic bewijzen met behulp van meer dan 400 getuigen. Tijdens het proces gaat het niet alleen om Srebrenica, maar ook om de belegering van Sarajevo en de beruchte kampen in het Noordwest-Bosnische district Prijedor. Bij de belegering van de Bosnische hoofdstad Sarajevo vielen van 1992 tot 1995 zo'n 10.000 doden, door beschietingen en honger. Het leger van Mladic beschoot de stad van de omliggende heuvels.

Beelden van uitgehongerde gevangen moslims en Kroaten in de kampen gingen in 1992 de wereld rond. Zij waren mede aanleiging voor de oprichting van het Joegoslavië-Tribunaal door de VN-Veiligheidsraad in 1993.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden