Getuigenbescherming: geen luxeleven onder de zon

Een aangenaam verblijf op een tropisch eiland. Dat stellen veel mensen zich voor bij een getuigenbeschermingsprogramma. Niets is minder waar, zegt hoofdofficier van justitie Bart Nieuwenhuizen van het landelijk parket van het Openbaar Ministerie.

''Vergeet het maar. Het is een ommezwaai in je leven. Alles wordt anders en alles wordt op zijn kop gezet.'' Dat maakt het zwaar, niet iedereen is er geschikt voor, vertelt Nieuwenhuizen.

De bekendste beschermeling van justitie is op dit moment kroongetuige Giuseppe la Serpe, alias Vieze Peter. Hij getuigt in het liquidatieproces in de bunker in Osdorp. La Serpe vertelt in ruil voor strafvermindering over de betrokkenheid van de verdachten bij liquidaties in het criminele milieu. Hij is wegens het gevaar dat hij daardoor loopt in een beschermingsprogramma opgenomen. Maar dat betekent volgens Nieuwenhuizen niet dat hij met een mooi leventje ergens anders is verleid tot het afleggen van belastende verklaringen.

De hoofdofficier gaat uit veiligheidsoverwegingen niet in op de situatie van La Serpe, maar vertelt hoe het programma in zijn algemeen werkt. ''Een zogenoemde kroongetuige wordt alleen gebruikt als we het bewijs niet op een andere manier kunnen rondkrijgen,'' vertelt hij. ''Hem wordt alleen een lagere strafeis beloofd. Veel invloed op de omstandigheden van zijn beschermingsprogramma heeft hij niet.''

Deze manier van beveiligen blijkt volgens Nieuwenhuizen goed te werken. In de vijftien jaar dat het programma bestaat, is er nog 'nul keer' een beschermde getuige in een levensbedreigende situatie gekomen. Ondanks kritiek van sommige deelnemers dat justitie zich niet aan de afspraken heeft gehouden, heeft de rechter het OM nog nooit in het ongelijk gesteld, zegt Nieuwenhuizen. Tot nu toe is drie of vier keer een arbitragezaak aan de rechter voorgelegd.

Bescherming wordt alleen geboden als blijkt dat iemand gevaar loopt wegens de afgelegde verklaringen. ''Hoe deze getuige het beste kan worden beschermd, bepalen wij,'' legt Nieuwenhuizen uit. ''Als wij vinden dat iemand het veiligst is in een flatje drie hoog achter in Warschau, dan gebeurt dat.'' En dan wordt het volgens hem niet 'leuk op Aruba en wanneer is de zeilboot klaar?'.

Wel wordt er volgens de hoofdofficier rekening gehouden met de levensstandaard die de getuige gewend is. Het is de bedoeling dat iemand in zo'n programma zo zelfstandig mogelijk leeft. Als de betrokkene het oneens is met de regeling, moet hij daar een goede reden voor hebben. Er valt niet te onderhandelen over bijvoorbeeld meer luxe. ''Als het iemand niet bevalt staat het vrij om met het programma te stoppen. Maar dan is diegene ook onze verantwoordelijkheid niet meer,'' aldus Nieuwenhuizen. (ANP)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden