Column

Geen van de in Mali omgekomen militairen heette Max Verstappen

 

null Beeld Jean-Pierre Jans
Beeld Jean-Pierre Jans

Twee jongens omgekomen in Mali. Ze zaten in een Apachehelikopter. Ze oefenden daar. Schietoefeningen. Ze oefenden om oorlog te voeren, want we voeren daar oorlog. Ik weet niets van die oorlog.

Hoe komt dat?

Een paar dagen geleden deed ik de televisie aan om naar het Journaal te kijken, en toen was de opening het uitvallen van een Nederlandse autocoureur.

Dat was dus op dat moment het belangrijkste nieuws. Niet wat er gebeurde in onze oorlog tegen IS. Niet wat er gebeurde in onze oorlog in Mali. Niet wat er gebeurde in de wijken in Den Haag of Amsterdam. Niet wat er gebeurde in Israël, waar de verkiezingen op stoom begonnen te komen. Nee, het belangrijkste wat wij moesten weten, was dat een zeventienjarige jongen motorpech met zijn auto had gehad.

Je moet er niet aan denken dat die zeventienjarige jongen in zijn miljoenen kostende voiture zou zijn omgekomen. Dan was het Journaal alleen daarover gegaan.

Ofschoon onze inbreng gering is en wij liever spreken over 'stabilisering' of 'inlichtingen verzamelen' dan over 'oorlog', zijn we natuurlijk in Mali betrokken bij een oorlog. Er is al vaker geschoten op onze gevechtshelikopters en wij hebben ook vijanden gedood. Net als onze F16's al vele IS-strijders hebben gebombardeerd.

Wij krijgen er nauwelijks iets van mee.

Het lijkt of men ons uit die oorlogen wil houden. Ik zou elke dag in de kranten willen lezen wat wij daar doen, ik zou elke dag op het Journaal geïnformeerd willen worden hoe de strijd ervoor staat. Maar er heerst een sinistere vorm van radiostilte.

Ik vraag me al tijden af waarom dit zo is. Zijn wij niet sexy genoeg in deze oorlogen aanwezig? Gebeuren er zaken die wij beter niet kunnen weten?
Nu zijn er twee jongens gestorven. Misschien dat hun ouders wisten wat ze daar deden. Maar wisten de buren het? De vrienden van vroeger? De oude vriendinnen?

Dat wij in Mali aanwezig zijn, was ik al bijna vergeten.

En dat onze F16-vliegtuigen dagelijks bommen gooien op Islamitische Staat, ontschiet me ook wel eens. Alsof we ons schamen voor die strijd.
De jongens die in Mali voor ons zijn gestorven, heetten René Zeetsen en Ernst Mollinger.

Geen van beiden heette Max Verstappen.

Wilt u reageren op deze column? Dat kan! Stuur een mail, of scroll een beetje naar beneden om een reactie te plaatsen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden