Geen geluk, maar een wonder: het herstel van Tesfalem

Het was een kort bericht in de krant: taxichauffeur na overval in ziekenhuis. Meer dood dan levend was Tesfalem, maar hij overleefde. 'Ik vergeef de man die ons dit heeft aangedaan.'

Tesfalem: 'Zonder dit helmpje zijn mijn hersens wel heel kwetsbaar.' Beeld Dingena Mol
Tesfalem: 'Zonder dit helmpje zijn mijn hersens wel heel kwetsbaar.'Beeld Dingena Mol

Zijn schedeldak was aan stukken geslagen. Letterlijk. In tien stukken om precies te zijn. De 49-jarige Tesfalem (hij wil niet met zijn achternaam in de krant) zit op zijn skai lederen bank en krabt met zijn wijsvinger onder het helmpje dat hij draagt. Het doet al pijn als je ernaar kijkt. 'Ze hebben het hele schedeldak moeten verwijderen. Zonder dit helmpje zijn mijn hersens wel heel kwetsbaar.'

Je zult niet snel iemand tegenkomen die zo veel reden heeft om kwaad te zijn over wat hem is aangedaan - maar er tegelijk zó mee in het reine is gekomen. Tesfalem, een beminnelijke Eritrese man die spreekt in gebroken Nederlands, haalt zijn schouders op. 'Ik heb het geaccepteerd. Aan de klappen die ik heb gekregen, valt niets meer te doen. De rechter heeft gestraft, maar de dader zal zijn echte straf niet ontlopen: de straf van God.'

Hij kijkt er vriendelijk bij, maar het is duidelijk: deze man meent wat hij zegt.

Zwarte vlek
Het is nog geen acht maanden geleden dat Tesfalem meer dood dan levend het BovenIJ-ziekenhuis werd binnengereden. Op de ochtend van 21 augustus werd de taxichauffeur, nét begonnen aan zijn dienst, beroofd door een man en een vrouw. Tesfalem kreeg klappen, waarschijnlijk met een fles, en werd door de daders voor dood achtergelaten.

Niets kan hij zich meer herinneren van die ochtend. Het is allemaal één zwarte vlek geworden. Dat stoort Tesfalem. 'Ik begrijp niet dat ik er niets meer van weet.'

Hopeloze zaak, zeiden de artsen in het AMC tegen zijn echtgenote Azieb. 'Ze zeiden dat ik niet moest verwachten dat hij ooit nog dezelfde zou zijn als met wie ik getrouwd was.'

De schade was verwoestend, zegt Tesfalem zelf. Zowel de linker- als de rechterkant van zijn hoofd was enorm toegetakeld en ook zijn schouder was niet meer bruikbaar. Er waren drie opties, zo stelden de artsen: kreupel, verlamd of een levenslange coma. Aziebs wereld stortte in.

Stoeien
En nu zit hij hier, in de eengezinswoning in Banne Buiksloot. Wie Tesfalem ziet lopen, wie hem ziet zitten, honderduit pratend over wat hem is overkomen, kan bijna niet vermoeden dat hij iets meer dan een half jaar geleden bijna opgegeven was. Hij kan niet bukken en niet springen, maar verder doet alles het nog. 'Alleen stoeien met mijn kinderen mag niet meer. Dat vind ik echt erg.'

Tesfalem en zijn vrouw, beiden zeer vrome christenen, hebben gebeden, zeggen ze zelf. Langdurig. 'Dat ik beter ben geworden, is de hand van God. Dankzij Hem zit ik hier nog. En het goede werk van de dokters en de andere mensen die mij hebben verzorgd toen het zo slecht met me ging. Geluk? Nee, dat was het niet. Het is een wonder, iets anders kan ik er niet van maken.'

Boosheid? Het zit er simpelweg niet in bij Tesfalem. Het is erg wat hem en zijn gezin is aangedaan door deze man, zegt hij. 'Maar hij is niet mijn vijand, ik ben niet boos. Wat zou het ook voor zin hebben om boos te zijn? Ik heb hem vergeven.'

Vier weken lag de taxichauffeur in verschillende ziekenhuizen, een kleine twee maanden was hij opgenomen in het revalidatiecentrum aan de Overtoom. Sinds 21 augustus is de zelfstandige voormalig vluchteling veranderd in iemand die afhankelijk is van anderen: zijn vrouw, vrienden en familie en - misschien wel het ergst - de instanties. Dat steekt hem het meest. 'Ik wist helemaal niet wat dat was, de Sociale Dienst.'

Gevaarlijk
Altijd had hij gewerkt, de 26 jaar dat Tesfalem nu in Nederland is. Aanvankelijk als boekhouder, maar omdat hij niet alleen maar hele dagen achter een computer wilde zitten, werd hij taxichauffeur. 'Alleen maar dagdiensten draaide ik. Uiterlijk om negen uur 's avonds thuis. Nachten zijn gevaarlijk, dacht ik altijd. En dan word ik overvallen om zeven uur in de ochtend.'

Het mag naar omstandigheden goed gaan met zijn gezondheid, financieel zit het gezin met drie kinderen aan de grond. 'Burgemeester Van der Laan is bij me langs geweest toen ik in het revalidatiecentrum lag. Hij heeft voor me geregeld dat ik een lening heb gekregen van het DWI. Maar of ik die lening ooit zal kunnen terugbetalen...'

Want de toekomst is vol onzekerheden, weet Tesfalem. 'Ik kan niet rijden en van mijn gezin mág ik ook niet meer terug op de taxi. Mijn dochter heeft het tegen me gezegd: 'Papa mag nooit meer met de taxi.' Maar wat ik wel ga doen, is onduidelijk. Ook dat is in Gods hand.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden