Plus PS

Gabriel Rolt: 'I fucked up, op meerdere vlakken'

Gabriel Rolt (40) was met zijn gelijknamige galerie een grote naam in de kunstwereld, maar liep vast door zijn mateloze ambitie en levensstijl. Nu is hij terug, met een nieuwe galerie. 'Ik wil het niet voor die kunstenaars verkloten.'

Gabriel Rolt Beeld Neeltje de Vries

Gabriel Rolt was jaren de boy wonder van de Amsterdamse kunstwereld. Zijn Galerie Gabriel Rolt was de Nederlandse thuisbasis voor internationaal geroemde kunstenaars, en bovendien een plek die bruiste van de activiteit.

Maar Rolt ging ten onder aan zijn eigen ambities en onmatigheid. Zijn zaak ging vorig jaar failliet, waarna het tijd was voor bezinning en zelfreflectie. Nu is hij terug, met zakenpartner Maurits Hertzberger, en een nieuwe galerie in Noord: HE.RO.

De kunsthandel zit u in het bloed, uw vader was ook galeriehouder.
"Ja, dat was hij. Ik ben een kind van hippie-ouders. Mijn vader was 21, mijn moeder 24 toen ik geboren werd - jong nog. Hij was Nederlands, zij Spaans, ze hebben elkaar op Ibiza ontmoet. Toen ik vier was zijn ze uit elkaar gegaan, en ben ik bij mijn opa in Barcelona opgegroeid. Hij was antiquair."

"Bij hem heb ik een lieve, beschermde opvoeding gehad. Mijn opa, dat was het ouderwetse Barcelona. Intellectueel gezien behoorde hij tot de elite. Zijn vrienden waren kunstenaars, schrijvers, filosofen - noem maar op. Elke vrijdag gingen ze eten bij Circulo Artistico, een besloten club voor mensen uit de kunstwereld, vlak bij de kathedraal - dat was fantastisch. Ik was een nieuwsgierig kind en wilde álles weten. Mijn opa had overal antwoorden op. Ik heb ontzettend veel liefde van die man gehad, én kennis. Dat is de basis geweest van mijn liefde voor kunst en cultuur."

In 2006 heeft u, op de Elandsgracht, uw eerste galerie geopend. Hoe ging dat?
"Ik had een vliegende start, ik kreeg eindelijk het gereedschap om te doen waar ik goed in was. Ik werd heel verliefd op de moeder van mijn dochter, en het waren ontzettend gelukkige jaren. Acht jaar op de Elandsgracht, daarna ben ik verhuisd naar de Tolstraat."

"In 2006 was er een fantastisch economisch klimaat. Ik ben mateloos, in heel veel dingen, en ook in mijn ambitie was ik mateloos. Ik wílde het zo graag, ik ging er helemaal voor."

Toch bent u failliet gegaan.
"In de laatste anderhalf jaar van mijn bedrijf heb ik twintig tentoonstellingen gemaakt in twee ruimtes, zeven internationale kunstbeurzen gedaan, vijftien concerten in de galerie georganiseerd, performances, lectures - het was inhoudelijk gezien zo fantastisch, maar het was ongecontroleerd. Als je een pionier wilt zijn, moet je risico's nemen, maar wat ik deed, was beyond risico's. Dit was gokken, en dat kun je niet doen als ondernemer. Het was - opnieuw - totaal mateloos."

Waarom deed u dat?
"Alleen maar bewijsdrang. Laten zien wat ik kan. Met al die creatieve mensen om me heen. Dat was geweldig, en ik hóu daarvan. Wat is er beter in het leven dan omringd zijn door mooie dingen, seks hebben met een mooie vrouw, mooie wijn drinken?"

"Kunst, muziek, literatuur - in mijn perceptie is het allemaal één. Het is wat ons, mensen, uitzonderlijk maakt. Dat we van mooie dingen kunnen genieten, en ze kunnen maken."

Hoe was u er een jaar geleden aan toe?
"Ik was failliet als persoon. Als ik in de spiegel keek en het lijstje afwerkte - ben ik de mens die ik wil zijn, de vader die ik wil zijn, de vertegenwoordiger die ik voor mijn kunstenaars wil zijn? - moest ik op alles 'nee' zeggen. I fucked up, op meerdere vlakken. Inhoudelijk klopte het allemaal wel, maar het was zo'n zooitje. Ík klopte gewoon niet. Ik heb een paar stappen moeten nemen om verder te kunnen gaan, als mens."

Galerie HE.RO van Gabriel Rolt en Maurits Hertzberger in Noord. Op de voorgrond werk van Ewa Axelrad. Verder werken van Gernot Wieland, Sarah Entwistle, Peter Schuyff, Adriana Arroyo Beeld Neeltje de Vries

Wat heeft u gedaan?
"Ik heb een coach genomen, en ik heb een soort turbotherapie gedaan. Twee maanden veertig, vijftig uur per week gepraat. Ik heb mijn mateloosheden aangepakt, lichamelijk en geestelijk."

U was ook mateloos in het gebruik van middelen?
"Veel te veel alcohol, af en toe een lijntje. Ik ben vrij obsessief van nature, ik kan totaal gemonofocust zijn. Ik had het nodig om vaak vakantie van mezelf te kunnen nemen, om weg te lopen. Dat doe je door te drinken. In de kunstwereld zijn er altijd openingen, diners - de mateloosheid is overal. Niet dat ik slachtoffer ben hoor, I did it myself. Nu zit ik 's avonds thuis een boekje te lezen: ook vakantie van mezelf, maar veilig."

U praat nog altijd met een charmant Spaans accent, wanneer bent u naar Nederland gekomen?
"Mijn opa is overleden toen ik dertien was. Toen heb ik een jaar bij mijn moeder gewoond. Dat was heftig. Ik veranderde van een heel lief kind dat alleen maar negens op school haalde in een heel, heel, héél heftige puber. Er zit een soort boosheid in mij, die moet eruit. Nog altijd. Dat is ook mijn energie: soms destructief, soms constructief."

"Mijn moeder en ik - dat ging niet.Ik had mijn vader al tien jaar niet gezien, maar moest bij hem gaan wonen, in Groningen, in een land waarvan ik de taal überhaupt niet sprak."

Wat vond u van Nederland?
"Ik was een puber hè? Barcelona is een leuke stad als je puber bent. Nederland leek zo klein. Vooral Groningen. Het was alsof ik in een oversized poppenhuis woonde. Het weer, het eten - het was echt wennen voor mij."

U lijkt me wel sociaal.
"Ik heb sociale aanleg, dat is mijn overlevingsmethode. Na vier maanden begon ik vrienden te maken. En Groningen heeft ook voordelen: geen sluitingstijden, poppodia als Vera en Simplon, livemuziek in de Peperstraat. Na een paar jaar verhuisde de galerie van mijn vader naar Amsterdam en gingen wij in Noordwijk wonen. Dat voelde al minder klein."

Wat voor relatie had u met uw vader?
"Een beetje zoals met mijn opa, al hadden we wel veel conflict, aanvankelijk. We hadden elkaar tien jaar niet gezien, hij was opnieuw getrouwd en keek ernaar uit om zijn zoontje weer in huis te hebben: hij kreeg een woedende puber. Het was pittig voor mij, en ik heb het ook pittig voor hen gemaakt. Pas toen ik een jaar of twintig was kwam ik wat tot bedaren, en hebben we echt een goede band gekregen."

"Mijn vader is mijn superheld geworden, een heel bijzondere man, hij had iets geniaals. Hij is overleden op mijn vierentwintigste, hij was vijfenveertig, en tussen mijn twintigste en vierentwintigste ben ik heel erg close met hem geworden. We belden elke dag met elkaar, urenlang."

Wat bespraken jullie dan?
"Alles. Kunst. Muziek. De onzekerheden van het leven. Hij was ziek, maar het ging langzaam bij hem. Totdat de kanker ineens echt toesloeg, toen was het in tien dagen gebeurd."

Waar zat dat geniale van hem in?
"Een razendsnelle geest. Hij was een speciaal soort connaisseur. Je hebt mensen die bij een rommelwinkel naar binnen lopen en naar buiten komen met een Rembrandt. Zo was hij. Een ongelofelijk goed oog, passie, overtuigingskracht. We hadden thuis een Van Gogh hangen, een Gauguin, allerlei impressionisten. Dennis Oppenheim, conceptueel kunstenaar, een soort rockster, kwam bij ons logeren."

Een goed oog, charme, overtuigingskracht - is dat wat je moet hebben als galeriehouder?
"Jazeker. Er zijn verschillende types: galeriehouders die kijken wat er succesvol is in de markt, die daarin gaan handelen, en er succesvol en rijk mee worden. Je hebt ook spotters en pioniers: mensen die talent zoeken, en op een natuurlijke manier weten hoe je die mensen moet begeleiden. Dat is iets wat aangeboren is. Mijn vader kon dat, ik ook."

"Het klinkt een beetje zweverig, maar het gaat om het herkennen van het ongelofelijke talent dat in sommige mensen zit. Soms is het goed verborgen, soms is het in wording, maar je moet het zien. Dat is iets wat me altijd heeft gefascineerd."

Uw opa was antiquair, dat is weer een heel andere soort kunsthandel.
"Het gaat ook om nieuwsgierigheid, en hij was een héél nieuwsgierige man. Hij kocht veel kunst, ook moderne, zijn huis zat er propvol mee. Elke hoek zat vol met íets. Dat kon iets tuttigs zijn, zoals van die marionetten uit Napoli, of Venetiaanse maskers, of een Beiers bierglas. Ook prachtige werken van zijn tijdgenoten, hypermoderne kunst. Ik denk dat het iets typisch Catalaans is: kitsch speelt daar altijd een rol, gecombineerd met heel veel smaak. Het gaat erom of je emotioneel bent verbonden met een werk."

Is het kijken, 'een oog hebben', aan te leren of moet het aangeboren zijn?
"Het is zoals met elk talent: je moet er in enige mate over beschikken, daarna moet je het ontwikkelen. Meestal moet je daar keihard voor werken. Het gaat om excelleren. Dat is wat mijn opa ook wilde, en mijn vader ook: dat ik zou excelleren. Eigenlijk is mijn opleiding op mijn vierde begonnen, en tot de dood van mijn vader doorgegaan. Het ging altijd over kijken, over schoonheid, over wat goed is."

Had u enig idee wat u wilde met uw leven?
"Ik heb toelatingsexamen gedaan voor de Rietveld Academie, ik kon aardig tekenen, maar dat was vooral om mijn vader te pesten. Hij wilde niet dat ik kunstenaar werd, want hij wist dat dat een moeilijk leven is. Het kunstenaarschap moet een roeping zijn. Als je een opening hebt, of een mooi werk verkoopt, heb je een kort moment van glorie. Verder is het: in je eentje ploeteren in je atelier."

"Ik werd toegelaten tot de Rietveld, maar ben niet gegaan. Ik wist dat ik niet goed genoeg was om de beste te worden. Daarna ben ik gaan reizen, en heb ik bij Hewlett-Packard en bij Nike gewerkt. Ik verdiende goed voor een 21-jarige, maar ik merkte dat mijn vrienden me voorbij streefden. Ze begonnen een academische taal te spreken die ik niet begreep. Ik ben kunstgeschiedenis gaan studeren. In mijn eerste studiejaar overleed mijn vader, en dat soort dingen doen iets met je. Vier jaar heb ik gestudeerd, vlak voordat ik mijn studie zou afronden, kreeg ik de onstuitbare drang: ik wil een galerie openen."

U bent op het laatst in die galerie als een dolle dingen gaan organiseren, heeft dat tot het faillissement geleid?
"Het begon al na mijn scheiding. Dat voelde als mijn grootste mislukking. Scheiden met een kind: dat is iets verschrikkelijks. Lee, mijn dochter, is mijn redding, mijn grote liefde, de constante in mijn leven. De helft van de week is ze bij mij en dat heeft mij in leven gehouden; dan leidde ik een matig en regelmatig leven."

Na de mislukking was er de wederopstanding: u heeft weer een galerie.
"In de tijd dat ik zo hard aan mezelf werkte, heb ik Maurits Hertzberger ontmoet, een kunstverzamelaar. Hij werd een goede vriend, en is mijn zakelijk partner. Samen hebben we nu die nieuwe galerie - HE.RO. Ik had een turbulent jaar achter de rug, met veel ups en downs, dit was de kans van mijn leven. Die man kan mij aan, dat zág ik, en hij heeft zijn zaakjes goed voor elkaar. Hij vult mijn blind spots."

Beeld Neeltje de Vries

"Daarbij heb ik ontzettend veel geluk, want mensen zijn mij blijven steunen. Blijkbaar heb ik óók wel wat goede kwaliteiten. De kunstenaars met wie ik werk zijn allemaal jongens die het goed gedaan hebben de laatste jaren. Ze hadden stuk voor stuk naar een andere galerie gekund, maar ze zijn me blijven steunen. Wat een mazzel. Ze vertrouwen mij, en weten blijkbaar dat ik iets voor ze kan doen."

Wie zijn uw belangrijke kunstenaars?
"Dat vind ik moeilijk om te zeggen, want ze zijn me allemaal lief."

Maar toch.
"Tja, mensen als Peter Schuyff, Shezad Dawood, de gebroeders Chapman - jongens met wie ik al sinds 2007, 2008 werk. Met de Chapmans heb ik nog een pop-upstore gehad in Amsterdam."

Dat was in die anderhalf jaar waarin u zo manisch tekeerging?
"Ja, maar ik ben niet manisch-depressief hoor, niet bipolair! Ik ben wel high-energy, en een neuroot. Ik sta altijd áán. In de laatste twee maanden zijn we permanent bezig geweest om de nieuwe galerie te verbouwen, veertien uur per dag. Nu ís hij er, en heb ik hobby's nodig. Ik moet mijn energie ergens in kwijt kunnen."

U vertegenwoordigt gerenommeerde kunstenaars, blijft u ook altijd zoeken naar nieuw talent?
"Ja, altijd. Dat manifesteert zich op allerlei manieren. Het kan jong talent zijn, dat net van de academie komt, zoals Thomas van Linge en Lara Verheijden. Maar ook iemand als Peter Schuyff, dat is een Nederlandse jongen die met zijn ouders naar Vancouver is verhuisd en daarna in New York is opgegroeid. In de jaren tachtig zat hij in de subcultuur van Andy Warhol, maar hij raakte een beetje uit the picture. Ik vind het heel leuk als zo iemand ineens weer in de belangstelling raakt, fantastisch om daarbij te helpen. Nu heeft hij de ene internationale show na de andere, heeft wereldwijd goede galeries."

"Dat is ook een deel van de sport, om de vergeten kunstenaars weer op te pikken. Ik ben een tentoonstellingsmaker, ik hóu van tentoonstellingen samenstellen. Het is zo'n rijkdom om met al die kunstenaars te maken te hebben: al die kennis en die energie, ik krijg er een enorme kick van, een soort constant eurekamoment."

Bent u graag in uw galerie?
"De laatste paar jaar was ik dat gevoel kwijt. Omdat ik, als ik er was, de problemen voelde die zich opstapelden. Ik raakte het overzicht kwijt, ik was niet meer gefocust. Die laatste, krankzinnige anderhalf jaar waren afleiding: zodat ik niet meer naar mezelf hoefde te kijken."

Bent u blij dat u weer een galerie heeft, een plek om uw ei kwijt te kunnen?
"Man, extréém blij. Het feit dat ik Maurits tegen het lijf ben gelopen, is een ongelofelijk geluk. Ik heb mezelf opnieuw uitgevonden. Een aangeboren altruïst ben ik niet, maar ik wil wél goed voor mezelf en mijn mensen zijn. Niet om geliefd te zijn, maar gewoon... Ik ben echt een groupie, een bewonderaar, ik wil het niet voor die kunstenaars verkloten."

U voelt een grote verantwoordelijkheid voor hen?
"Daarom was dat gevoel van falen ook zo sterk. Toen de nieuwe galerie werd geopend, was er een groot diner. Iedereen was er, van heinde en ver gekomen. 'Don't fuck this up, Gabriel!' zei een van onze kunstenaars tegen me - maar heel liefdevol. Ik heb gemerkt dat ik een prachtige inner circle heb. Ik heb mijn wereld verkleind, en ik hou van dat kleine wereldje."

Gabriel Paul rolt Violan
29 juli 1977, Barcelona

1982-1992
Institution La Miranda, Barcelona

1993-1997
Northgo College, Noordwijk

1998-2000
Werkt bij Hewlett-Packard en Nike

2001-2005
Kunstgeschiedenis in Leiden

2006-2017
Galerie Gabriel Rolt

2006-nu
Tentoonstellingen met o.a. Alfredo Cramerotti, Peter Schuyff, Aukje Dekker, Jake and Dinos Chapman en Shezad Dawood

2018
HE.RO Gallery

Gabriel Rolt heeft een relatie en een dochter, Lee (9), en woont in Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden