Plus

Filmfestival Cinéma Arabe geeft inkijkje in Arabische wereld

Het festival Cinéma Arabe kijkt van binnenuit naar de ontwikkelingen in de Arabische wereld. Het zal niemand verbazen dat er weinig reden tot vrolijkheid is.

Latifa, A Life Standing is een pleidooi voor verandering en een waarschuwing tegen radicalisering Beeld -

Bewondering, dat is wat Latifa Ibn Ziaten oproept. De moeder van vijf kinderen zag vijf jaar geleden haar wereld instorten toen haar zoon Imad in Toulouse werd doodgeschoten. De dertigjarige militair was één van de zeven slachtoffers van de 'scooterterrorist' Mohammed Merah, die een paar dagen later na een klopjacht werd doodgeschoten.

Toen Latifa Frans-Arabische jongeren hoorde zeggen dat Merah een moslimheld en martelaar was, was ze verbijsterd: deze moordenaar een held? Sindsdien trekt de 56-jarige in Marokko geboren vrouw, die sinds haar zeventiende door haar huwelijk met een gastarbeider in Frankrijk woont, langs scholen, gevangenissen en wijkcentra om te waarschuwen voor radicalisering.

De documentaire Latifa, A Life Standing volgt haar in bijeenkomsten met studenten, leerkrachten en ouders. Ze keert zich tegen jongeren die zich in slachtofferschap wentelen ("Frankrijk geeft je niets als je zelf niet beweegt"), maar ziet ook de andere kant.

Maagdenfantasie
Zolang de banlieues monoculturele getto's zijn waarin jongeren aan hun lot worden overgelaten, zullen ze een voedingsbodem zijn voor radicalisering. Met haar onvermoeibare inzet en emotionele pleidooien voor sociale verandering maakt ­Latifa diepe indruk.

Dat jongeren in uitzichtloze situaties een makkelijke prooi zijn voor religieuze rattenvangers, is te zien in Investigating Paradise. De documentaire van de gelauwerde Algerijnse filmmaker Merzak Allouache begint met een filmpje waarop een Saoedische sjeik opgewonden praat over wat gelovigen van het paradijs mogen verwachten. Mannen kunnen in elk geval rekenen op 72 maagden, over wie de sjeik als oude geil­aard verlekkerd uitroept: "Wat een borsten!

Wat een benen! Wat een dijen!" Met dit ridicule filmpje trekt een journaliste door Algerije met de vraag aan schrijvers, filosofen en andere intellectuelen, maar ook aan mensen op straat, wat zij zich voorstellen bij het paradijs. De schrijver Kamel Daoud noemt de maagden­belofte 'porno-islamisme'. Het islamitische paradijs is een 'macho pornografisch concept' waarin vrouwen niets te zoeken hebben. Zoals een vrouw het in de film grappend verwoordt: "Wij moeten zeker weer de ramen zemen en het eten koken?!"

Dat zoveel Algerijnen in de lachwekkende maagdenfantasie geloven, vinden veel Algerijnse intellectuelen uiterst zorgwekkend. Ze wijten de stupide geloofsopvatting aan het oprukkende wahabisme, de dominante islamstroming in Saoedi-Arabië. Zij vrezen voor een terugkeer naar de situatie van de jaren negentig, de periode dat er een gruwelijke oorlog woedde tussen islamitische fundamentalisten en de seculiere staat.

Louche politici
Vrolijk stemt ook de situatie in Egypte niet. Over de voedingsbodem van de Egyptische revolutie in 2011 gaat The Nile Hilton Incident, de openingsfilm van het festival. De politieke thriller van de Zweeds-Egyptische Tarik Saleh voert een rechercheur op in Cairo, die in het onderzoek naar de moord op een prostituee op een beerput van louche politici en projectontwikkelaars stuit.

The Nile Hilton Incident toont een rottende maatschappij, waaruit een stinkende walm opstijgt. Dat het einde van de film samenvalt met de demonstraties op het Tahirplein zou hoopvol moeten stemmen, maar inmiddels ­verkeert Egypte alweer een aantal jaren in een dictatoriale nachtmerrie.

Valt er dan niets te lachen op het festival, waarop bijna dertig korte en lange films te zien zijn? Jawel. In La Vache wandelt een Algerijnse boer (de komiek Fatsah Bouyahmed) met zijn koe naar Parijs voor een koeienschoonheidswedstrijd. De curieuze wandeltocht leidt tot grappige ontmoetingen. Droogkomisch is het Marokkaanse Headbang Lullaby (Hicham Lasri), over een politieman die een brug moet bewaken waar de koning misschien overheen komt.

Voor een appel en een ei
Ook te zien op het festival: Chroniques De Mon Villages (Kroniek Van Mijn Dorp) van de Algerijns-Nederlandse Karim Traïdia, die altijd genoemd zal worden als de regisseur van De Poolse Bruid, niet alleen zijn doorbraak, maar ook die van Monic Hendrickx. Dit succes uit 1998 heeft Traïdia nooit meer kunnen evenaren. De laatste tien jaar kreeg hij in Nederland zelfs geen film meer gefinancierd.

Met Chroniques De Mon Village, dat financieel gesteund werd door de Algerijnse overheid, keert Traïdia terug naar zijn kinderjaren in het koloniale Algerije in het begin van de jaren zestig. Traïdia's alter ego is een jongetje van een jaar of tien dat bevriend is met een Franse soldaat, maar dat ook droomt van een leven als guerrillastrijder.

De jongen komt erachter dat hij zal moeten kiezen. Niet alleen de waarheid maar ook onschuld is een van de eerste slachtoffers in oorlogstijd, leert dit schilderrijke, goedmoedige coming of age-drama, dat - helaas nogal zichtbaar - voor een ­appel en ei gemaakt moest worden.

Cinéma Arabe, t/m 23 april in Rialto, De Balie en ­Podium Mozaïek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden