Plus PAN

Erwin Olaf: 'Amsterdam is niet te vangen in één beeld'

Het is volgend jaar zíjn jaar: liefst drie tentoonstellingen in Nederland, een boek en een documentaire vieren de zestigste verjaardag van Erwin Olaf. PAN trakteert op een kick-off van
deze artistieke 'big bang', met Amsterdam als verrukkelijk onderwerp.

Zelfportret Erwin Olaf Beeld Erwin Olaf

Rebelse festivalmeisjes op het Leidseplein, een bebloede bokslegende in zijn sportschool en een gracieuze, Joodse dame in een met velours gedecoreerd appartement.

Voor PAN fotografeerde Erwin Olaf acht Amsterdammers in een typisch Amsterdamse setting. Elk van hen weerhoudt zich tot een kunstvoorwerp dat ook op de kunstbeurs in de Rai is te zien. Olaf selecteerde de Amsterdammers hoogstpersoonlijk.

"Het zijn de ogen die me trekken. Een opstandige blik. Een brutale oogopslag. Je wordt toch een beetje verliefd op iemand. Al is het maar een seconde. Je komt dichter bij iemand dan dat je met diegene in bed ligt."

Schoonheid
PAN vroeg Olaf door zijn ogen naar de stad te kijken. "Maar de stad is niet te vangen in één beeld. Het is de architectuur en het zijn de mensen die de stad smoel geven. Er kwam een hele schatkamer aan beelden tevoorschijn. Ik heb gezocht naar de mensen die Amsterdam máken: het zout der aarde."

Olaf zit op een hoge kruk in zijn studio in Amsterdam-Zuid. Zijn stem is zacht, maar duidelijk. Het onderwerp Amsterdam gaat hem zichtbaar aan het hart. Hij recht zijn rug en begint volop te praten over de stad waar hij sinds 1980 woont en werkt.

"Ik heb een haat-liefdeverhouding met Amsterdam. Het is een stad waar ik naar verlang. De schoonheid, de diversiteit. De niet-Amsterdammer naast de zeurende oud-Amsterdammers. Soms vliegen we elkaar in de haren, maar dan kussen we het de volgende dag weer goed. De ene dag word je zo maar uit het niets uitgescholden op basis van je seksualiteit. En de dag erna knoop je spontaan een gesprek aan in het Vondelpark, bij de Turkse bakker of de Marokkaanse kapper en heb je een geweldige middag. Zo'n stad is het cement tussen al deze mensen."

Grote waffel
Met een rebelse ondertoon: "De grote bek van de Amsterdammer vind ik af en toe écht te groot. Dat je denkt: je moet je niet te veel verbeelden, bewijs eerst maar eens wat je kunt. De bescheidenheid van de mensen in Antwerpen, maar ook van de Rotterdammer, is mij veel liever. Maar goed, dat zal omgekeerd ook wel zo gelden. Mensen buiten de stad denken dat ik ook een grote waffel heb. Dat ik overal commentaar op heb. Dus ik ben er wel mee geïnfecteerd. Of ik dat erg vind? Ik zou het allerliefste heel mysterieus, zwijgzaam en bescheiden zijn." Met een bulderende lach: "Maar dat lukt me niet."

Bert Kops met collier van Francesco Pavan Beeld Erwin Olaf

In het jaar dat hij zestig wordt, beslaat het oeuvre van Olaf veertig jaar. Hij is als fotojournalist begonnen in de homoscene met provocerende werken, maar koos en regisseerde steeds meer zijn eigen thema's - denk seks, agressie, verdriet -, vaak in een serie. De laatste jaren staan verstilling, beschouwing en dromerigheid voorop.

Opdrachtgevers van de fotograaf zijn internationale magazines en merken, zoals The New York Times, Diesel en Het Nationale Ballet. Gerenommeerde internationale musea en galeries exposeren zijn vrije werk en hij ontving prestigieuze prijzen, zoals de Johannes Vermeer Prijs, de Nederlandse staatsprijs voor de kunsten.

Ontroerd
In mei dit jaar waren de spotlights wederom op Olaf gericht, toen het Rijksmuseum in Amsterdam zijn kerncollectie verwierf, bestaande uit 500 afdrukken, videokunst, posters, magazines en boeken. Museumdirecteur Taco Dibbits betitelde Erwin Olaf in het persbericht als 'een van de belangrijkste fotografen uit het laatste kwart van de twintigste eeuw' en schrijft dat Olaf onderdeel is geworden van de Nederlandse culturele geschiedenis.

Olaf: "Dat heeft me echt ontroerd." Hij wijst: "Op het moment dat ik hier, in de studio een foto vasthoud, is het een fotootje. Op het moment dat de mensen van het Rijksmuseum het in ontvangst kwamen nemen, met witte handschoenen en al, werd het opeens 'een werk'. Als het straks in het Rijks hangt, de tentoonstelling opent in juni, is het onderdeel van de canon van de Nederlandse kunst. Daar heb ik van tevoren geen seconde over nagedacht natuurlijk. Totdat het daadwerkelijk gebeurt." Hij verzucht: "Daar word ik stil van."

Recentelijk maakte Olaf de officiële portretten van koning Willem-Alexander, koningin Máxima en hun drie dochters. "Een bijzonder moment in mijn carrière. Ik beschouwde het als mijn taak om iets te maken wat iedereen herkent, maar ik wilde ook dat mensen iets nieuws konden ontdekken. Hoe ik hen heb ervaren? Bevrijd. Dat gevoel wilde ik zo goed mogelijk in beeld brengen. Verder heb ik beloofd er niks over te zeggen."

Ellen le Roy Lopes Cardozo met twee kandelabers ­van Cornelis Rudolf Stolting. Beeld Erwin Olaf

Schitterend gebrek
De studio van Olaf staat in Amsterdam-Zuid. Zijn huis in de Jordaan. "Ik word meestal wakker door de klok van de Westerkerk. Vanaf ons balkon zie ik 'm ook. Dat maakt me heel gelukkig." Per fiets verplaatst hij zich elke dag tussen beide adressen. "Een elektrische tegenwoordig, vanwege mijn longen die te klein en te lelijk zijn."

Bij de kunstenaar werd op zijn 36ste longemfyseem vastgesteld. "Elke dag kies ik een andere route en dan word ik bevangen door de schoonheid en architectuur van de stad. Ik probeer zo veel mogelijk langs historische gebouwen te rijden. Dat betekent dat ik van de Gouden Eeuw naar begin twintigste eeuw fiets. Hier om de hoek zie ik de Amsterdamse School en Berlage."

Verfilming
"De laatste tijd sta ik onderweg weleens stil. Ik scout locaties voor de verfilming van het boek Een Schitterend Gebrek van Arthur Japin. Dat speelt zich af in Amsterdam. Ik doe de regie van de film." Cynisch, zoals alleen Olaf kan doen: "Tegen de tijd dat het geld op is, hoop ik dat de film af is. Als het meezit, leef ik nog."

Astrid en Laura Oudenhoven met keramiek van Pablo Picasso. Beeld Erwin Olaf

De kunstenaar heet voluit Erwin Olaf Springveld. "Mijn dag begin ik als Erwin Springveld en langzaam word ik Erwin Olaf. Nee, zo'n grote transformatie is dat niet. Die twee beginnen steeds meer op elkaar te lijken." Ondeugend: "Zoals zijn hond op zijn baasje."

De eerste gelijkenis tussen Springveld en Olaf? "Dat ze een ochtendhumeur hebben." Hun grootste contrast? "Thuis is meer stilte. Hier is meer de grote mond. Die stilte in mijn werk is er wel meer gekomen. Maar het mag meer. Als je vrij werk maakt, moet je oprecht zijn; onderzoeken wie je bent, hoe je in het leven staat. Dat kan in een opdracht niet altijd. Dan heb je rekening te houden met de opdrachtgever. Maar ik merk wel dat het steeds meer wordt verlangd. Dan worden je portretten vanzelf meer verstild. Het doel is om dingen te maken die langer meegaan dan een reclamecampagne. Of dat tijdloos is? Nee. Dat vind ik een moeilijk begrip. Je bent toch een kind van je tijd. Die twee Erwins praten weleens tegen elkaar."

Dynamiek
Lachend: "Ze hebben constant ruzie. De laatste ruzie ging erover dat je geen verbeelding moet hebben. Als je jong bent, ben je het centrum van de maatschappij. Dat zie je ook in Amsterdam. Ik hou van die jonge dynamiek. Aan de andere kant, als je ouder wordt, word je langzaam naar de buitenkant gecentrifugeerd. Ik begrijp bijvoorbeeld het fenomeen van vloggen en bloggen niet en die vele miljoenen likes. Dan zegt de ene Erwin tegen de andere: shut up, luister en kijk. Wat houdt deze generatie bezig?"

De jonge generatie kunstenaars mag volgens Olaf wel wat meer door de stad worden beschermd. "Niet zozeer financieel, als wel letterlijk. Daar zou een beurs als PAN een rol in kunnen vervullen door bijvoorbeeld een middenplein te creëren waar werk van beginnende kunstenaars wordt getoond. Of de stad Amsterdam zou een ateliergebouw kunnen aanwijzen waar zij kunnen werken."

"Ik vind overigens dat Amsterdam vierkant achter kunst staat. Zoals Rotterdam dat ook doet. Er wordt vrijheid gecreëerd en gegeven, denk aan die 350 drones die afgelopen zomer boven de stad mochten vliegen van Studio Drift. Fantastisch! In de openbare ruimte zie ik iets te veel compromiskunst. Daar wordt te veel naar inspraak geluisterd. Dat mag van mij uitgesprokener."

Drie expo's
Behalve het Rijksmuseum organiseren ook het Fotomuseum en het Gemeentemuseum in Den Haag een tentoonstelling over Olaf. Hoe verschillen deze tentoonstellingen van elkaar?

"Het Fotomuseum besteedt vooral aandacht aan het ambachtelijke deel van mijn fotografie, met het accent op mijn oude werk. In het Gemeentemuseum ligt het accent op film, fotografie en installaties. Dat wordt meer een, excuseer me voor het woord, beleving. Je gaat als het ware mijn hersenen in. Je ontdekt wat me politiek motiveert en leert de activist kennen. Maar je leert ook wat er in me omgaat en welke ontwikkeling ik heb doorgemaakt. Van de heel opstandige puber tot de meer ingetogen, toch iets meer teruggetrokken, oudere man."

Relativerend: "Zo is het wel. Zo gaat je leven. De tentoonstelling in het Rijksmuseum gaat vooral over de connectie tussen de oude schilderkunst en mijn werk. Oude meesters hebben me altijd geïnspireerd." Volgend jaar is het ook het jaar van Rembrandt en herdenkt Nederland zijn 350ste sterfdag.

Zelfportret
Hoe kijkt Olaf naar deze Hollandse meester? "Het is simpel. Er is één zelfportret dat mij mijn hele leven heeft geïnspireerd, ontroerd en ook voor raadselen heeft gesteld; het zelfportret van een jonge Rembrandt. Een zelfportret gaat over licht. Over de lichtval op het aangezicht. Precies dat gedeelte heeft hij in de schaduw geschilderd.

Toen ik jong was en net begon dacht ik: hoe durf je dat wat belangrijk is in het duister te hullen? Ook toont hij lef met kaderen. Hij duwt zichzelf als het ware in het kader. Als je naar mijn werk kijkt, gebruik ik vaak datzelfde gegeven. Als Rembrandt ouder wordt, zie je hoe waanzinnig mooi los en abstract zijn werken worden. Dat je denkt: dit is goed. Ik stel mezelf nog steeds regelmatig de vraag: is dit goed?"

Van 16 /2 tot 12/5 brengen Gemeentemuseum Den Haag en Fotomuseum Den Haag een dubbeltentoonstelling van Erwin Olaf. In de zomer van 2019 presenteert het Rijksmuseum een selectie van zijn iconische werken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden