Column

Er kwamen enkele citaten en veel oor­delen langs

Theodor Holman (1953) is columnist, schrijver, televisie- en radiomaker. Elke dag, uitgezonderd zondag, lees je hier zijn column.

Theodor Holman Beeld Wolff
Theodor HolmanBeeld Wolff

Ofschoon ik ­televisie ­wilde kijken, (naar Abou Jahjah bij ­Zomergasten) bracht mijn innerlijke beschaving die men gerust sociale lafheid mag noemen me naar Schiphol.

Ik moest kennissen die slecht ter been zijn op weg naar Amerika helpen. Daartoe mocht ik hun auto gebruiken. Om een lang verhaal kort te maken: opeens botste een ­andere auto tegen ons aan.

Daar stond ik dan: onschuldig, met een gedeukte auto, met daarin twee gehandicapten die naar Amerika moesten en die om begrijpelijke redenen van de kaart waren.

Iedereen vuurde alleen op mij vragen af: 'Mijn auto, hoe moet dat verder? Hoe komen we nu op Schiphol? Wat is er gebeurd? Deed jij iets fout? Wie belt de politie? Hoe moeten we nu verder? Hoe moeten we nu verder? Hoe moeten we nu verder?'

Ondertussen ontstond er een file en liet mijn mobiele telefoon voortdurend belletjes en piepjes horen: X vond Abou Jahjah fantastisch, Y vond ­bevestigd dat hij een anti­semiet is en Z deelde mee dat hij een oude marxist hoorde ratelen. Ik geloofde Z., maar moest twee oude doodnerveuze mensen rustig houden.

Er was heel snel een politieauto die ons naar de kant leidde.
'Theo, zet je telefoon eens uit!'

Pardon? dacht ik. Ik ben zo vriendelijk om jullie naar Schiphol te brengen en vrienden willen mij op de hoogte houden van Abou, dus ik deed net of ik niet luisterde en keek naar mijn sms'jes. Er kwamen enkele citaten en veel oor­delen langs.

Ondertussen begon ­mevrouw te huilen en hinke­beende mijnheer naar de ­achterbumper van zijn auto waar eigenlijk niks te zien was, wat hem leek te teleurstellen.

O ja, ik moet nog schrijven dat het jongelui waren die mij hadden aangereden. Wat voor jongelui? Sympathieke. Ze ­waren bezorgd. Ze boden ­meteen geld aan. In het Frans. Volgens mijn manke kennis was het te weinig, en die sprak geen Frans.

Toen kwam de politie en die nam de zieke kennissen mee en ik kon weer met de gedeukte auto naar huis. 'Ga vanavond Houellebecq lezen over hoe het sluipend dichterbij komt,' sms'te iemand, 'Marx heeft een hipsterjasje aangetrokken.'

Ik bracht de auto thuis. Belde met de kennissen die me niet dankbaar waren. Zag het laatste half uur van Zomergasten, waar ik eigenlijk geen touw aan kon vastknopen, maar dat lag aan mij.

Toen merkte ik dat mijn been bloedde.

Reageren? t.holman@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden