Plus

Einde aan de praatpaal: geel konijn zwijgt voorgoed

De praatpalen langs de snelweg verdwijnen: mobiele telefoons hebben hun functie in rap tempo overgenomen. Zaterdag worden ze allemaal uitgezet.

In 1977 was er sprake van een landelijk dekkend systeem met 1500 palen. Beeld anp

De eerste praatpaal was eigenlijk niet meer dan een emaillen plaat naast de voordeur van een aantal ANWB-leden. Automobilisten in nood wisten dat ze daar mochten bellen voor hulp wanneer ze met panne langs de kant van de weg stonden en technische assistentie vereist was.

Telefonische hulpposten werden ze genoemd in de periode vlak na de Tweede Wereldoorlog. Met de uitbreiding van het wegennet en de razendsnelle groei van het autobezit bleek een dergelijke systeem niet afdoende, en in 1960 plaatste de ANWB op eigen initiatief bij wijze van proef twaalf praatpalen naar Duits ontwerp langs Rijksweg 13, tussen Den Haag en Rotterdam.

Wie het klepje van de ontvanger opentrok, stond rechtstreeks in contact met Wegenwachtstation Pauwmolen. In het eerste jaar meldden zich 16.090 mensen via de palen. De proef slaagde, maar het zou nog tien jaar duren voordat meer autosnelwegen van praatpalen werden voorzien, toen de overheid zich ermee ging bemoeien.

Naar voren staande oren
In 1970 werd langs Rijksweg 28 tussen Hoevelaken en Zwolle de eerste échte praatpaal geplaatst: een geel exemplaar met naar voren staande 'oren' die ervoor moesten zorgen dat de gestrande reiziger zich verstaanbaar kon maken naast het langsrazende verkeer.

Dit type werd in 1994 vervangen door een praatpaal waarbij de schelpen nog schuiner omhoog stonden. Velen maakten daarom de vergelijking met een geel konijn.

In 1977 is er sprake van een landelijk dekkend systeem met 1500 palen, dat eind jaren negentig uitgroeit tot een totaal van 3500. Meer zouden het er niet worden. Door de opkomst van eerst de autotelefoon en later de mobiele telefoon verliezen de praatpalen razendsnel hun functie.

Toch komen er volgens de ANWB in 1999 nog meer dan 100.000 pechmeldingen binnen via de praatpalen. Dat aantal is teruggelopen tot krap 200 per maand, aldus een woordvoerder. "Dat valt in het niet bij de pechmeldingen die binnenkomen via de telefoon of app. Alleen vandaag al staat de teller op 3000."

'Niet meer van deze tijd'
In de zomer van 2013 maakt verkeersminister Schultz bekend af te willen van de praatpalen: mobiele telefoons zouden in de toekomst effectievere, efficiëntere en vooral veiligere technologieën zijn. Op dat moment staan er nog ruim 3300 praatpalen langs de door Rijkswaterstaat beheerde snelwegen.

Nieuwe praatpalen zouden, de plaatsing zelf nog niet eens meegerekend, bijna 8000 euro per stuk kosten. Alle palen tezamen kosten de staat in 2013 daarbij 800.000 euro aan onder meer onderhoud. Ook stellen deskundigen 'het niet meer van deze tijd' te vinden dat mensen langs de snelwegen lopen op zoek naar een paal.

In 1994 krijgt de ANWB-praatpaal extra grote, schuine schelpen; vandaar de bijnaam. Beeld Koen Suyk/anp

De praatpalen zijn eigendom van Rijkswaterstaat dat veel verzoeken krijgt van particulieren en organisaties die plannen hebben voor de praatpalen, of ze graag bij wijze van collector's item willen kopen. Het Domein Roerende Zaken, onderdeel van het ministerie van Financiën, doet honderd exemplaren in de verkoop. Naar verluidt gaan die 300 euro kosten. Eerder dit jaar ontving ANWB-tijdschrift De Kampioen meer dan 2000 reacties naar aanleiding van een prijsvraag waarbij drie palen werden verloot. Een van die praatpalen gaat naar VUmc Kinderstad, een speelplaats van het VU Medisch Centrum.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden