Een week uit het leven van een vluchteling in Amsterdam

De Wethouder Verheijhal in Amsterdam-Oost is ook als noodopvang voor vluchtelingen ingericht. De 18-jarige Syriër Mohammed Alobid is een van hen. 'Mijn moeder was zo opgelucht dat ik goed ben aangekomen.'

Alobid in de zaal voor alleenstaande mannen in sporthal Wethouder Verheij aan de Polderweg in Oost.Beeld Rink Hof

Sporthal Wethouder Verheij is versierd met kindertekeningen. 'Welcome to the Netherlands' heeft een kind geschreven. 'Hoort dit bij een school?' vraagt Mohammed Alobid (18) uit Syrië. Hij staat bij het voetbalveld tegenover de sporthal, waar een stuk of vijftien vluchtelingen aan het voetballen zijn.

Mohammed, die vrijdag is aangekomen, doet niet mee. Hij houdt niet van voetballen, hij is een skater. 'Ik speel ook piano. Mijn vader is pianoleraar.'

Hij heeft 5050 kilometer afgelegd, zegt hij. Hij heeft gespaard om de overtocht te kunnen maken: drieduizend euro nam hij mee op de dertig dagen durende tocht, die hij te voet en per bus, metro en boot aflegde. Alleen al de boottocht tussen Turkije en Griekenland, die zo'n zeven uur in beslag nam, kostte hem 1300 euro.

'Mijn moeder was de hele tijd erg ongerust. Ze kon me niet bereiken. Ik had geen simkaart en kon haar niet bellen. Ik heb haar vrijdag laten weten dat ik goed ben aangekomen. Ze was zo opgelucht. En ik zelf ben nu ook relaxed. Ik kon de hele tijd niet goed slapen, ik was alleen maar aan het denken wat ik moest doen. In Hongarije hebben we ook moeten wegrennen voor de politie.'

De hel op aarde
Hij somt de landen op waar hij doorheen is gekomen: Turkije, Griekenland, Macedonië, Servië, Hongarije, Oostenrijk en Duitsland. Mohammed en zijn familie woonden in Aleppo - door Amnesty International 'de hel op aarde' genoemd. 'Daar kun je niet meer leven. Het enige wat je hoort is: boem, boem.'

Hij heeft een geel bandje om zijn pols, zodat de beveiligers van de sporthal kunnen zien dat hij een vluchteling is. Hij laat zijn slaapplaats zien; via de slaapzaal voor families komt hij in de zaal voor alleenstaande mannen. Achterin staat zijn rugzak op een bedje, aan een ladder in de sportzaal hangt kleding te drogen. Mohammed ging met twee T-shirts, twee paar jeans, een paar schoenen en een muts op stap - 'En parfum,' zegt hij. Ook heeft hij een mobiele telefoon bij zich.

Zijn ouders, 22-jarige broer en zijn 17-jarige zusje wonen nog in Syrië. 'Ik wilde weg, ik wil hier studeren. Ik heb Nederland op Google opgezocht. Ik vind het een leuk land, het is hier niet zo koud en de mensen zien er goed uit. Toen we met de trein aankwamen, lachten de mensen ons toe.' Hij wil hier een ict-opleiding gaan volgen. 'Syriërs willen graag leren of werken. Ze willen niet thuiszitten en nietsdoen.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden