Pronkstukken

'Eén misslag en niemand kent je nog'

Het Parool struint door de schatkamer van de Amsterdamse sport en stuit op wonderlijke verhalen.

Carry GeijssenBeeld Marcel Israel Fotografie

'Ze is de snelste. Ze heeft goud. Geweldig meisje. Ge-wel-dig.' De stem van commentator Theo Koomen zindert in de tunnel onder de Marathon-tribune van het Olympisch Stadion. Beeld en geluid zuigen je de Nederlandse schaatshistorie binnen. Via Elfstedenwinnaars en wereldkampioenen naar de magie van olympisch goud. Voor het hardrijden op de schaats begint dat in Grenoble 1968. En niet bij Ard en Keessie, maar bij een meisje uit de Indische Buurt, van de Kramatweg, 21 jaar oud.

Carry Geijssen, nu 67, houdt even stil bij haar foto op de tijdlijn. Geflankeerd door prins Claus en prinses Beatrix slaat ze haar hand op haar borst, amper bekomen van het succes. 'Beatrix kwam meteen de baan op. Ik kreeg een kus,' zegt Carry.

Samen met haar man - oud-wielrenner Rinus Langkruis - is ze in het stadion dat een maand lang een alternatieve plek is voor een uitblijvende winter. Je kunt hier schaatsen, eten en drinken en overal kijken de helden uit de schaatssport met je mee. Carry staat levensgroot in het restaurant. De pijn van de laatste binnenbocht tekent haar gezicht. Rinus haalt een ingelijste krantenpagina uit een vuilniszak. Het Parool van 12 februari 1968 toont naast Carry een foto van haar trotse ouders. 'Als mijn dochter in zo'n bui is, kan ze alles,' zegt haar vader.

Kracht
Hij maakte Carry's eerste schaatsjes. 'Van een plankje met aan de voor en achterkant een ijzertje,' zegt ze even later aan tafel. 'Maar als ik hard ging, schoot het bandje steeds los. Daar werd ik zo kwaad om, dat ik nooit meer wilde schaatsen.' Voor Sinterklaas kreeg Carry noren. Het was de winter van 1963. Maandenlang lag er ijs. Met haar oudere zus Beppie struinde Carry de wedstrijden af. 'Beppie was een mooiere schaatser. Maar ik had meer kracht.'

Een jaar later is Carry bij selectiewedstrijden eigenlijk al snel genoeg voor de Olympische Spelen in Innsbruck. Maar de KNSB vindt haar te jong. Bij vrouwen en schaatsen dacht de bond vooral aan Sjoukje Dijkstra en een dubbele axel. Maar nu stond er een taaie generatie op - met naast Geijssen ook Stien Kaiser en Ans Schut - die zich niet liet opzijzetten.

'Ik las dat er 73 mensen met Ireen Wüst bezig zijn,' zegt Geijssen. 'Wij hadden alleen ome Piet Zwanenburg, de trainer.'

Woede werd succes
Ze betaalden zelf hun trainingskamp, droegen hun eigen schaatspakken en sliepen in jeugdherbergen in plaats van hotels. 'Dan hadden we bijna geen geld meer en zagen we de mannen lekker eten op kosten van de KNSB.' De woede over het onrecht werd omgezet in succes. Het pionieren verbond. In 1968 staan Stien, Ans en Carry met zijn drieën op het podium van het WK. En toen moesten de Spelen nog komen.

Carry: 'Ik was in topvorm. Tijdens het trainingskamp in Davos reed ik de snelste seizoenstijden op de 1000 en 1500 meter. Ik zei ook tegen Stien: We gaan even geen gebakkies eten. Want dat deden we graag.' In Grenoble pakt Geijssen eerst zilver op de 1500 meter. Het verschil is drietiende met de Finse winnares Kaija Mustonen. Een dag later houdt ze op de 1000 meter dezelfde marge over voor goud.

'Hun' Carry
Bij thuiskomst loopt de Indische Buurt uit. Duizenden mensen staan langs de Insulindeweg als Carry wordt rondgereden in een landauer. Na een inzamelingsactie van tante Miep van de sigarenwinkel bood de buurt 'hun' Carry een Volkswagen aan. 'Hij mocht niet op mijn naam, want ik was amateur.' Ze bewaart de medailles nog altijd in de originele doosjes. Rinus verliest ze geen moment uit het oog. 'Daar kun je een leuke auto voor kopen.' Patinage de vitesse staat er achterop. De eerste gouden Nederlandse medaille op de hardrijpiste. En dat heeft zich in het collectieve geheugen genesteld. 'Ik krijg maandelijks verzoeken om handtekeningen. Zelfs uit Rusland of Duitsland.'

Op weg naar huis in de tunnel kijkt Carry nog een keer naar zichzelf, 46 jaar geleden. 'Wat is nou drietiende?' zegt ze. 'Eén misslag en niemand heeft het meer over je.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden