Plus

Een blije Marokkaan is best uitzonderlijk

Mano Bouzamour (1991) publiceerde eind 2013 zijn succesvolle debuutroman De Belofte van Pisa. Elke zondag lees je hier zijn column uit Het Parool.

Mano Bouzamour Beeld Wolff

Donderdagmiddag scooterde ik naar uitgeverij Prometheus, het fabriekshuis van fantastische fictie waar ik nog net geen matrasje in het ketelhok heb liggen. Via de Vijzelstraat vloog ik met volle vaart op mijn Vespa de Herengracht op. Het steile bruggetje over de Reguliersgracht benader ik meestal als een stuntcrosser, maar deze keer kon dat niet. Reden?

Marokkanen.

Ik heb nog nooit zoveel Marokkanen gezien op de Herengracht. Sterker nog, ik heb nog nooit zoveel opgetogen Marokkanen gezien. Een blije Marokkaan is best uitzonderlijk. Twee of drie vrolijke Marokkanen vieren vast een terroristische aanslag. Maar een meute montere Marokkanen is bijna fictie.

Ik zag oude bekenden, verloren vrienden, vage kennissen, bekende acteurs en komedianten. Fotografen van kranten en bladen, met hun schoenen millimeters van de kade. Een rondvaartboot die niet voer maar zachtjes stilviel. Allemaal wachtend op de koning van Marokko, Mohammed VI, die een week met zijn entourage in het Waldorf Astoria verbleef.

Even brak er explosieve euforie uit toen er mensen van de hoteltrap afliepen, maar het bleken slechts wat goedgeklede generaals. Ze deden mij denken aan de vader van de voormalige koning. Wijlen Hassan II, die tijdens interviews sigaret na sigaret rookte tot de vragenstellers beschaamd kuchten en hij ze dan vriendelijk een sigaret aanbood.

Hassan II was een goede vriend van het Westen. Hij was in 1963 op uitnodiging van president John F. Kennedy in Amerika. In een Lincoln Convertible werd hij door New York gereden. Duizenden New Yorkers zwaaiden met hun hoeden. Het laatste stuk naar de City Hall stapte de kleine koning uit de wagen en wandelde met licht verende tred, waarna hij werd ontvangen door de burgemeester.

Daags daarvoor ontving Kennedy de toenmalige koning van Marokko in Washington. JFK hield een speech: "Hoewel een oceaan onze landen scheidt, zijn ze samen door onze hele geschiedenis verbonden. Marokko was het eerste land dat de Verenigde Staten in de moeilijkste dagen van onze revolutie erkende." Daarna reden de heren in a caravan of convertibles door de zonnige straten van Washington. Standing and smiling in de welbekende, verlengde Lincoln cabrio. Het was Kennedy's laatste voorjaar.

Voor het hotel aan de Herengracht brachten de bodyguards hun polsen naar hun mond, ze smoezelden alsof ze gebedjes opzeiden. Seconden later kwam de koning ietwat moeizaam de trap af. De Herengracht leek eventjes op het marktplein van Marrakech: de menigte ging tekeer van vreugde en raakte in een trance, alsof ze door djins werden aangeraakt. Een paar jongens trommelden op derbouka's en bliezen op koperen bazuinen.

Even leek de koning van Marokko de koning van Amsterdam.

m.bouzamour@parool.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden