Plus

Duco Stadig over troosteloze Zuidas: 'Dit is een les voor de toekomst'

Oud-wethouder Ruimtelijke ordening ­Duco Stadig is zwaar teleurgesteld over wat er van de Zuidas terecht is gekomen. Nieuwe wijken van de toekomst moeten veel levendiger worden, vindt ­hij.

De Debussylaan. 'In dat grote trapgat had je nou een paar leuke winkeltjes kunnen zetten' Beeld Rink Hof

Pompeuze kantoorpanden met lege imponerende entrees, ongezellige plinten en weinig reuring; graag vertelt Duco Stadig - al ruim tien jaar wethouder af - wat er tijdens de bouw verkeerd is ­gegaan, maar vooral ook hoe het beter kan.

We lopen op een winderige vrijdagmiddag over de Zuidas. De locatie is vandaag een ­troosteloos waaigat. Veel restaurants, koffie­zaken en ontbijttenten blijken het hele week­einde gesloten te zijn.

Helemaal stil
Op het Gustav Mahlerplein, het hart van de Zuidas, zegt Stadig: "Kijk, dit is niet echt een heel leuk plein. Ja, doordeweeks lopen er nog een paar mensen en is er wat reuring. In het weekend is het hier natuurlijk helemaal stil. Geen café is dan open."

Hij steekt de hand in eigen boezem. Twaalf jaar was hij wethouder Ruimtelijke ordening, totdat hij in 2006 als adviseur naar een makelaarskantoor vertrok. "Ik wil niet alleen maar kritiek spuien. Dit is een les voor de toekomst."

"Belangrijk is het aantal voordeuren dat uitkomt op een straat. Nu zie je alleen blinde gevels," zegt Stadig.

Hij wijst naar de deur van CBRE, een kantoor voor vastgoedbeheer. "Pas honderdvijftig meter verderop is er weer een deur. Achter de deuren zitten bovendien allemaal grote entreehallen van bedrijven."

Aan de zijkant van het Mahlerplein is het volgens hem beter gesteld. "Een horecatent, een fietsenzaak en op de hoek zit restaurant Bambou in een mooi pand met bamboemotief op de muren."

Pompeuze ingang
Maar aan de overkant van de Mahlerlaan, bij de Itotoren, gaat het weer mis. "Wat je hier vaak ziet, is een pompeuze ingang voor een batterij kantoren, met een mevrouw achter een balie in een immense hal met leren fauteuils waar ­gasten wachten tot ze worden gehaald."

Binnen in de Viñolytoren ziet het eruit zoals ­Stadig het heeft omschreven. "Het gaat op de Zuidas allemaal over geld. Een indrukwekkende entree is voor bedrijven belangrijk. Kijk, deze neemt een derde deel van het blok in beslag. Een onderneming betaalt zo veel voor kantoorruimte dat extra kosten van de hal hen niet deert."

"Vroeger was het verhaal: kantoren hebben hun personeel boven, en beneden is een lunchroom met openslaande deuren. Prachtig. Maar advocatenkantoor Boekel, dat hier vroeger zat, zei destijds: we hebben te veel gevoelige informatie. We krijgen problemen met de beveiliging als iedereen kan binnenlopen."

Nog nauwelijks een woonwijk
Stadig loopt door de Claude Debussylaan en levert volop commentaar. "Hier was een waterval. Die is alweer weg. En kijk naar het grote trapgat. Op die plekken had je nou een paar leuke winkeltjes kunnen zetten."

Duco Stadig Beeld Rink Hof

Een bijkomend euvel is dat de Zuidas nog nauwelijks een woonwijk is. Er staan 2000 woningen. In totaal moeten er 7000 komen. Als die woningen er staan, wordt het volgens hem 'iets beter'. Dan komen daar 15.000 mensen te wonen.

Stadig weet wat er hier aan schort. "Toen ik wethouder was, werd me nog beloofd dat het 'heel levendig' zou worden. Wie dat zei? Architecten, mensen van de dienst Ruimtelijke Ordening en Pi de Bruijn, supervisor van de Zuidas. Als ik nu kijk, denk ik: mwah."

Hij is vooral bang dat Amsterdam bij de bouw van nieuwe wijken als de Sluisbuurt, dezelfde fouten maakt.

Restaurantjes, koffietentjes en winkeltjes
Het panacee is volgens Stadig dat de gemeente vastlegt wat ontwikkelaars en architecten beloven. Bij hoogbouw moeten voortaan, vindt hij, op de benedenverdiepingen leuke restaurantjes, koffietentjes en winkeltjes komen. "Dat kan de gemeente afdwingen in bestemmingsplannen of bij de gronduitgifte via de bouwenvelop. Dat kost de gemeente wel geld, want de grond levert dan minder op."

Stadig wil ook laten zien hoe het beter kan. Aan de andere kant van station Zuid ligt Zuidplein. Daar is het - 'toevallig' - goed gegaan. Hij loopt naar het World Trade Center (WTC), met aan de straatkant mooie ingerichte winkels op een rij. Een bakker, sandwichbar, wijnwinkel, traiteur en Albert Heijn to go zijn zowel vanaf de straat als vanaf het binnenplein te betreden.

"Hier ben ik trots op. Het ziet er ook groen uit. De boombakken liggen zo diep dat de bomen kunnen groeien."

Caffè Belmondo aan het Zuidplein is als een van de weinige horecatenten ook op zaterdag open. "De bewoners en werknemers die op zaterdag werken vroegen erom," zegt medewerker Marlein Reijnen. "We kijken of het werkt. Nee, niet op zondag. Dan is er écht ­niemand."

Duco Stadig (1947)

2007 Strategisch adviseur bij Colliers International.
1994-2006 wethouder Amsterdam. (Volkshuisvesting, Ruimtelijke
ordening en grondzaken).
1976-1994 secretaris van de ­Amsterdamse Federatie van ­Woningcorporaties.
Studie economie, doctoraal cum laude, en rechten aan de Vrije ­Universiteit Amsterdam

New York en Berlijn

In het buitenland doen ze het vaak beter dan in Amsterdam, zegt Duco Stadig. "Kijk naar New York. Daar legt de overheid op dat de ruimtes op de begane grond openbaar moeten zijn." Ontwikkelaars en makelaars noemen ook andere steden als positief voorbeeld, zoals Düsseldorf, Hamburg en Berlijn.

Sebastian Fischer, partner in het wereldwijde makelaarskantoor Engel & Völkers, zegt dat het gaat om goed mengen van functies als wonen en werken. "In Duitsland gaat het goed, maar er bestaan hier ook weinig inspirerende voorbeelden zoals de met commerciële bedrijven gevulde Potzdammerplatz in Berlijn. Een echt recept hebben we niet."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden