Plus

Dood Oerlemans schokt oorlogsjournalisten: 'De verhalen zijn te belangrijk'

Hoe bedachtzaam Jeroen Oerlemans ook was, de risico's liggen in de oorlogsjournalistiek altijd op de loer. De klap is groot onder journalisten die in oorlogs- en conflictgebieden werken.

2003, Irak: Amerikanen arresteren Iraki's die ze ten onrechte verdenken van plunderingen Beeld Jeroen Oerlemans/ De Beeldunie
2003, Irak: Amerikanen arresteren Iraki's die ze ten onrechte verdenken van plunderingenBeeld Jeroen Oerlemans/ De Beeldunie

Hoe bedachtzaam Jeroen Oerlemans ook was, de risico's liggen in de oorlogsjournalistiek altijd op de loer. Toen hij in juli 2012 met zijn Britse collega John Cantlie werd bevrijd uit handen van Syrische jihadisten - de naam IS bestond nog niet - wilde hij zijn vrouw en drie kinderen niet opnieuw in onzekerheid laten leven. "Ik besefte dat het egoïstisch was om hen altijd op mij te laten wachten, omdat ik zo nodig dit vak wil uitoefenen," zei Oerlemans.

Daarna zette hij nooit meer een stap op Syrisch grondgebied, maar hij reisde het afgelopen jaar wel weer af naar Libië. Gedreven door de behoefte de gevolgen van de oorlog in beeld te brengen. Dat werd hem gisteren fataal in Sirte, waar hij werd gedood door een sluipschutter toen hij een straat overstak.

Domme pech
De klap is groot onder journalisten die in oorlogs- en conflictgebieden werken. Via sociale media betuigden ze massaal hun medeleven. "Jeroen was geen jongen met grote stoere verhalen," zegt Afrikacorrespondent Bram Vermeulen aan de telefoon. Hij leerde Oerlemans kennen in Turkije, vlak na diens ontvoering in Syrië. "Hij was zeer bedachtzaam en bereidde zich tot in de puntjes voor."

Vermeulen: "Op Whatsapp zag ik dat hij om 7.04 's ochtends voor het laatst online was geweest: vroeg opgestaan voor zijn laatste dag in Libië, voordat hij terug zou vliegen naar Nederland. Hij droeg een helm en een kogelvrij vest - maar hij is via de open zijkant getroffen. Dat is domme pech, zoals hij bij zijn bevrijding in Syrië alle geluk van de wereld heeft gehad. Ontzettend verdrietig."

Geen concurrentie
Ook Jan Eikelboom, correspondent in het Midden-Oosten voor Nieuws­uur, is ontdaan door de dood van Oerlemans. "Het toont aan dat je ondanks alle voorbereiding en ervaring nog kunt worden verrast. Hij stak als eerste de straat over. Dat laat zien dat hij wist wat hij deed: nummer twee en drie lopen altijd meer risico omdat een sluipschutter door de eerste oversteker pas beweging ziet."

Eikelboom zou Oerlemans afgelopen weekend nog treffen in Misurata om het te hebben over de veiligheid in Sirte, maar dat ging door visumproblemen niet door. Eikelboom: "Je kent elkaar en helpt elkaar zoveel mogelijk. Doordat je hetzelfde vak beoefent, heb je aan een half woord genoeg. Concurrentie geldt daarbij niet: plat gezegd heb je elkaar nodig om te overleven. Jeroen stuurde me nog een mailtje over een bepaalde weg in Sirte die gevaarlijk was, met daarbij een alternatieve route om toch op de gewenste plek te komen. Zo gaat dat."

Aantrekkingskracht
Vermeulen stoort zich aan het verwijt dat op de loer ligt: wat doe je als weldenkend mens op zo'n levens­gevaarlijke plek? "Maar wat nou als dit werk je drijft? Als dit is waar het voor jou om draait? Jeroen dacht veel na over wat dit voor zijn gezin betekende, maar kwam steeds tot dezelfde conclusie: de verhalen zijn te belangrijk. De journalistiek mag niet stoppen als regeringen het niet meer interessant vinden. Het gaat om zo veel mensen die in ellende leven. De journalistiek moet ons daaraan blijven herinneren. Jeroen deed dat."

Eikelboom onderschrijft dat, maar ziet ook de aantrekkingskracht van het werk. "Aan de afgrond groeien de mooiste bloemen. Het brengt een ongelooflijke adrenaline met zich mee om aan het front te werken. Juist ómdat het levensgevaarlijk is. Vrijwel alle Nederlandse journalisten zijn goed verzekerd - Jeroen ook. Toch zijn dat bijkomstigheden: we zijn daar om te tonen waar we als wereldgemeenschap verantwoordelijk voor zijn."

Toch vraagt Eikelboom zich hardop af of hij voorlopig nog afreist naar oorlogsgebieden als Libië. "In alle eerlijkheid? Ik ben echt enorm geschrokken en moet hierover nadenken. Het is de afweging: is een verhaal als dat in Libië je leven waard?" Oorlogsverslaggever Arnold Karskens zei in Kijken in de Ziel eens van wel. Collega Hans Jaap Melissen noemde dat later quasiheroïek en voor Vermeulen is het antwoord helder: "Nee. Nooit."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden