Plus

DNB-president kritischer dan ooit op Europese collega's

Het donderdag verschenen jaarverslag van De Nederlandsche Bank (DNB) straalt boosheid uit.

DNB-president Klaas Knot Beeld anp

Nooit eerder beschreef de centrale bank zo uitvoering de problemen waar de Europese muntunie mee worstelt. Nooit eerder nam de bankpresident, Klaas Knot, zo openlijk afstand van het beleid van de Europese Centrale bank (ECB).

DNB-president Klaas Knot is het er niet mee eens dat de ECB steeds meer geld in de economie pompt en de rente opnieuw heeft verlaagd. Hij stemde binnen het gezelschap van centrale bankiers tegen het ECB-beleid.

Ook ergert hij zich aan het feit dat de Europese landen hun economie niet hervormen. Voorheen hield hij zijn kritiek binnenskamers, maar in het jongste jaarverslag geeft Knot lucht aan zijn kritiek tegen het geldverruimende beleid. Het straft spaarders, benadeelt pensioenfondsen en laat het opstapelen van schuldenbergen onbestraft.

Kamikazepiloot
Eerder wees Jens Weidmann, Knots collega van de Duitse Bundesbank, op de gevaren van het openzetten van de geldkraan. In Nieuwsuur noemde Knots voorganger Nout Wellink de ECB een kamikazepiloot. Zo lijkt sprake van een gecoördineerde actie van Duitsland en Nederland.
Het eurobeleid pakt immers anders uit dan bij het besluit tot de invoering van de euro in 1992 was afgesproken. De euro zou een 'harde munt' worden en de ECB moest lijken op de Duitse Bundesbank. Het monetaire beleid zou veiliggesteld worden door de onafhankelijkheid van de centrale bank in Frankfurt.

In plaats daarvan is de euro nu een zachte munt en voert de ECB onder leiding van de Italiaan Mario Draghi een beleid uit dat lijkt op dat van oude centrale banken in Zuid-Europa. De ECB gooit het geld met wagonladingen de economie in. Door de lage inflatie kost schulden maken weinig en is de prikkel om te hervormen verdwenen. Intussen beginnen negatieve bijeffecten van dat beleid, zoals het groeien van schulden en het opstapelen van risico's, toe te nemen.

Vanaf de eerste dag dat de euro werd ingevoerd, ging het fout. Vlak na de invoering van de girale euro op 1 januari 1999 werd al gemorreld aan de in het Stabiliteits- en Groeipact opgenomen regels voor begrotingsdiscipline. Het begrotingstekort van een euroland mag niet groter zijn dan drie procent van het bbp en de staatsschuld niet hoger dan 60 procent.

In januari 2001 voegde Griekenland zich bij de eurolanden zonder aan deze eisen te voldoen. Twee jaar later vonden Frankrijk en Duitsland de recessie al ingrijpend genoeg om de begrotingsregels te overtreden.

Gevolgen merkbaar
In het jaarverslag is DNB gaan turven. Sinds 1999 is slechts één land, Luxemburg, binnen het toegestane begrotingstekort gebleven. En in 2014 hadden dertien van de negentien eurolanden een hogere staatsschuld dan 60 procent.

De gevolgen zijn zichtbaar. Enkele grote landen, zoals Frankrijk en Italië, slagen er niet in hun economie te hervormen. De groei in die landen valt tegen en de Europese groei blijft lager dan was verwacht.
Een van de doelen van de euro was het kleiner maken van welvaartsverschillen in Europa. In Spanje en Portugal stagneert dat proces, terwijl het welvaartsverschil tussen enerzijds Italië en Griekenland en de andere Europese landen zelfs flink toeneemt. En het risico op nieuwe crises stijgt weer. DNB kan het kennelijk niet langer onbecommentarieerd aanzien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden