Plus Klapstoel

Directeur Oude Kerk Jacqueline Grandjean: 'Het was wel tijd voor een vrouw'

Jacqueline Grandjean (1968) is directeur van de Oude Kerk. De stichting krijgt van de overheid ruim drie ton voor monumentenherstel.

Jacqueline Grandjean: 'Wat je in een kerk doet, heeft een veel grotere impact dan in een museum' Beeld Harmen de Jong

Nijmegen
"Ik heb er twee jaar gewoond, daarna zijn we naar Loosdrecht verhuisd. Daar kon ik heerlijk schaatsen, zeilen, surfen. Maar op een gegeven moment trok de stad en ben ik naar Amsterdam vertrokken. Ik studeerde kort aan de modeacademie, en ben daarna op filmwetenschap en kunstgeschiedenis overgestapt. Het was de tijd dat je nog lang kon studeren."

Corps
"Ik ben lid geworden van het ASC omdat ik ­wilde weten hoe een ontgroening zou zijn. Het mooie van het corps is dat er wordt gekeken naar waar je goed in bent. Ik heb geschreven voor de almanak en heb een toneelstuk gemaakt en laten opvoeren in De Kleine Komedie. Ik heb echt ontdekt waar mijn talenten liggen en ik heb er zeventien goede vriendinnen aan overgehouden. We zien elkaar nog steeds en we gaan één keer in de vijf jaar samen op vakantie. Maar ik was wel een buitenbeentje. Ik zat liever in andere kroegen dan op de Toko."

Roeien
"Ik ben een langeafstandsroeier. Drie keer deed ik mee aan de 100 kilometer van de Ringvaart Regatta. Twee keer hebben we gewonnen. Het is echt doorbijten, maar ik ben ook een door­zetter. Ik roei in de acht, nog steeds. Mooi is dat, omdat je het echt samen moet doen. Je moet goed luisteren hoe je bladen tegelijkertijd het water ingaan, pas dan maak je vaart."

De Wallen
"De buurt ja. Sommige kunstenaars die we hier uitnodigen, vinden het intimiderend. De drukte, de kleine straatjes. De Japanse kunstenaar Taturo Atzu wist niet wat hij ermee aan moest. Toen is hij het dak op gegaan om de onbegrensdheid en vrijheid van de stad te voelen waar hij naar verlangde. Daar bouwde hij zijn daktuin The garden which is the nearest to God."

"We hebben niet veel met de prostitutie te maken, maar ik ben er niet tegen, buiten het feit dat je mensenhandel moet bestrijden. Prostitutie op deze plek is een natuurlijk gegroeid proces. Het was een havenbuurt, het is hier altijd geweest. Je moet het niet gaan wegpoetsen, dan verdwijnt het achter een gordijn in Osdorp. Wat mensenhandel betreft, is het daar veel riskanter. Deze buurt kenmerkt zich juist door de sociale cohesie, want mensen die hier wonen, zorgen voor elkaar. Gerda woont in het huis aan de kerk. Ze is stokoud, maar elke dag doen buren boodschappen voor haar. Ik denk dat er geen enkele buurt is waar mensen zo voor elkaar zorgen. Misschien gebeurt dat juist door de grote contrasten die je hier vindt."

Pretpark
"De buurt? O, de Oude Kerk en kunst. Ja, ja. Toen ik hier in 2012 begon, brachten we voor het eerst het idee van de kerk en hedendaagse kunst naar buiten. Veel mensen vonden dat fantastisch, die waren al lang aan het wachten op een bestemming voor de kerk. Maar er waren ook mensen die vonden dat het geen goed idee was. Er is fel op gereageerd toen, ook richting mij persoonlijk. De Oude Kerk stond lang onder een soort glazen stolp, als collectiestuk van de stad. Door de glazen stolp weg te halen doe je wel wat. Ik begrijp dat mensen daar zenuwachtig van worden. De bedoeling van de kerk is breed: het is cultuur, erfgoed, muziek. Het gebouw staat open voor veel mensen. Ik ben met die critici in gesprek gegaan, van wie de meesten later zeiden dat ze mijn bedoeling verkeerd hadden begrepen."

Beeldenstorm
"Een van de belangrijkste momenten uit de geschiedenis van de Oude Kerk. Toen het geweld losbarstte, wilden de protestanten eigenlijk naar de Nieuwe Kerk, maar ze waren daar zo slim geweest om de deuren dicht te doen. Toen gingen ze maar naar de Oude Kerk om af te rekenen met het katholicisme. Daar stonden de deuren wagenwijd open. Daardoor is hier veel vernield. De lege plekken waar beelden stonden zijn hier zichtbaar."

Rood licht
"De kleur verwijst naar het katholieke verleden van de kerk. Voor kunstenaar Giorgio Andre­otta Calò was het een lege kerk die hij hier trof, hij is als Italiaan overvloedige katholieke kerken gewend. Bovendien is het glas in de Oude Kerk een beetje blauwgrijs, waardoor de ruimte nog soberder lijkt dan die is. Overdag heeft het daglicht vrij spel en schijnt rood licht naar binnen. Het is magisch. Als je 's avonds het licht aan doet, schijnt het rood op de rest van de ­rosse omgeving in de buurt."

"Wat je in een kerk doet, heeft een veel grotere impact dan in een museum. Hier komen mensen soms binnen om een kaarsje aan te steken en komen ze in contact met iets wat ze helemaal niet verwachten. De kracht van ons programma zit in dat onverwachtse. Het is vaak controversieel, maar erfgoed roept sterke emoties op. Sommigen zien in het rode licht een apocalyptisch werk, met de kerk als veilige ­haven, maar een ander ziet er een hoerenkast in. Het is interessant om die twee meningen in gesprek te laten gaan met elkaar."

Femke Halsema
"Goed nieuws. We mogen als vrouwen blij zijn dat ze er is. Ze heeft een groen hart voor de stad en ik weet zeker dat ze kunst hoog in het vaandel heeft staan. Samen met 44 andere Amsterdamse vrouwen hebben we gepleit voor een vrouwelijke burgemeester. Het was na bijna 750 jaar wel tijd voor een vrouw. Het is goed om aan alle vrouwen in de stad te laten zien dat het kan. Ik ben me ervan bewust dat ik ook een voorbeeld zou kunnen zijn. De museale sector is ­gelukkig niet meer alleen door mannen gedomineerd, maar er is altijd nog veel te winnen."

Stedelijk Museum
"Ik hoop dat Beatrix Ruf terugkomt, maar dat heb ik in een statement al gezegd. Ik vind dat zij het erg verdient. En als je ziet dat een collega van je geslachtofferd wordt, vind ik dat je er moet zijn. Directeur van een museum zijn is soms een eenzaam bestaan. Je hebt een raad van toezicht, waaraan je verantwoording moet afleggen, je hebt medewerkers aan wie je verantwoording moet afleggen, maar op sommige momenten sta je er alleen voor omdat je altijd tussen die verschillende partijen in zit."

"Of ik ga solliciteren? Laat Beatrix maar terugkomen. Verder ga ik er niets over zeggen."

326.200 euro
"Deze tijd is genereus naar erfgoed, en ik hoop dat die gulheid ook weer voor kunst van nu komt. Het is een mooi bedrag dat we kunnen gebruiken voor de restauratie van de stijlkamers, die we willen openstellen voor publiek. Er hangt bijvoorbeeld prachtig beschilderd behang, dat nodig moet worden aangepakt. Dat kan dankzij deze subsidie van het ministerie."

"De kerk kost ongeveer twee tot vier ton per jaar om te beheren en te behouden. Vaak schieten de restauraties erbij in omdat ze niet het ­allerurgentst zijn. Nu kunnen we dingen doen die minder dringend, maar wel belangrijk zijn."

Frankendael foundation
"Tien jaar bestaat Huize Frankendael nu als culturele en culinaire plek. Met mijn man Bodo Groen en Geert Burema hebben we het daar ­opgebouwd. Ik was verantwoordelijk voor de foundation, mijn man deed en doet de financiën en Geert het culinaire. Ik vind het geweldig om nieuwe dingen van de grond te krijgen en met kunstenaars te werken, maar ik wilde op een gegeven moment verder."

KLM
"Toen ik begin jaren negentig afstudeerde, was er werkelijk geen baan te vinden. Ik kwam via een vriendin bij Mediapartners voor de KLM ­terecht, waar ik de video's voor de vluchten mocht uitkiezen. Je moest rekening houden met de culturele ­bagage van de passagiers. Op een vlucht naar het Midden-Oosten mochten we geen films met varkens tonen of met bloot. Het leerde me dat er niet slechts één blik is om naar cultuur te kijken."

Dronken Britten
"Ja die heb je hier. Het is de binnenstad. Mensen vieren hier feest, net als dat mensen hier wonen en werken. Als je hier om een uur of vier aan het vergaderen bent, kan het zijn dat je ­elkaar niet kunt verstaan met het raam open. 's Morgens is hier niemand, dat is prachtig."

Marathon
"Ik houd erg van hardlopen. In dit werk moet ik veel nadenken, tijdens het rennen maak ik mijn hoofd leeg. Ik heb de marathons van New York en Rome gelopen, een schitterende manier om de stad te zien. En elk jaar doe ik de Dam tot Damloop."

Italië
"Vroeger al gingen we er op vakantie. Mijn ­vader nam ons mee naar steden als Padua om daar de gebouwen te bekijken. Hij vertelde als architect over het metselwerk en de verschillende architectonische stijlen. De liefde voor het land is altijd gebleven. Ik ga er elk jaar naartoe. Dit jaar ben ik helemaal aan mijn trekken gekomen omdat we met Giorgio Andreotta Calò werken, die bij de Biënnale van Venetië werk voor het Italiaanse paviljoen heeft gemaakt. Ik ben nog niet zo ver dat ik al in zijn eigen taal met hem kan praten, maar ik werk eraan. We zijn met het hele gezin Italiaans aan het leren."

Saskia van Uylenburgh
"Ze ligt hier. Elk jaar op 9 maart om 8.38 uur staan we stil bij haar graf en spelen we muziek. Toen ik begon kwamen er 50 mensen, inmiddels zijn het er 300. Waar het om draait, is het moment dat om acht minuten over half negen de zon door het raam schijnt op haar graf. Het is een mooi idee dat Rembrandt, de kunstenaar van het licht, zijn vrouw heeft begraven op de plek waar het licht zo mooi haar graf aanraakt."

Naaz
"Een vrouw die zich zo alleen heeft gevoeld en de veerkracht had om te doen wat ze moet doen. Ik heb na het lezen van de Klapstoel haar muziek meteen opgezocht."

T/m 23 september is het werk Anastasis van Giorgio Andreotta Calò te zien in de Oude Kerk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden