Column

Diederik Stapel, wat ergert hij me

Beeld Liesbeth Melkert

Diederik Stapel domineert weer eens het nieuws. God, wat ergert hij me. Niet omdat hij mijn alma mater heeft bezoedeld. Niet omdat hij 'verbaasd' is dat de commissie-Levelt zijn 'reactie' niet in haar eindrapport wilde opnemen. Ook niet omdat hij met een sensatiezuchtig spijtboekje een slaatje probeert te slaan uit zijn eigen val. En zelfs niet omdat hij zich kon sieren met palmares waar deze krabbelaar alleen maar van kan dromen.

Nee, mijn ergernis betreft de publicatiecultuur en wetenschapsopvatting waar Stapel en zijn discipline voor staan. Die zijn steeds meer het academisch bedrijf gaan verzieken. En dan bedoel ik niet de 'enigszins corrupte onderzoekswereld' die de commissie-Levelt ontdekte. Die is vanzelfsprekend uit den boze. Hoort niet, mag niet, nooit - niet doen dus.

Maar daarmee is de kous niet af. Stapel is namelijk net als de rogue trader het product van een criminogene omgeving. En dat gaat verder dan de publicatiedwang die al eerder als verontschuldiging uit de kast is gehaald. Ik herinner me nog als de dag van gisteren dat mijn decaan, zelf van sociaalpsychologische huize, mij Stapels artikel in Science als lichtend voorbeeld voorhield.

Subtekst: je bent pas een echte wetenschapper als natuurwetenschappelijke tijdschriften je stukken plaatsen. En die doen dat alleen als je onderzoek aan strikte, natuurwetenschappelijke methodologische eisen voldoet. U kent het wel: witte jassen, laboratoria, experimenten en controlegroepen.

Destijds haalde ik mijn schouders op. Nu staat het schuim me alsnog op de lippen. En niet alleen omdat die strikte, methodologische eisen net als het prospectus van een woekerpolis vooral fungeerden als rookgordijn voor grootschalige manipulatie en zelfverrijking. Maar ook omdat de heiligverklaring van natuurwetenschappelijke methodes in sociaalwetenschappelijk onderzoek leidde tot een wildgroei aan flutonderzoek.

Loop Stapels publicaties maar eens langs. Een lange rij open deuren. Mensen gooien meer propjes op straat als de publieke ruimte verloederd is. Goh! En dat heet dan dikdoenerig: broken windows theory. Het is eerder: kapotte-ruiten-theorette. Vleeseters zijn egoïstischer dan vegetariërs, nog zo eentje. Of wat te denken van de vraag, en dan simplificeer ik iets: wat voor invloed hebben vergelijkingen met Cindy Crawford of de buurvrouw op ons zelfbeeld?

Lekker belangrijk allemaal. Zeker wanneer je ze naast eurocrisis, voedselcrisis, klimaatcrisis en energiecrisis legt. Ondertussen zijn dit soort onderzoek - methodologisch imposant, inhoudelijk schraal en maatschappelijk futiel - en dit soort publicaties - steeds dunnere plakjes snijden van dezelfde empirische worst - bij NWO en universiteiten wel steeds meer de norm geworden.

Stapel, bedankt! Mede namens de maatschappij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden