Plus

'De Waterloopleinmarkt is een toeristenmarkt geworden'

Een stadsplein, met bankjes en groen. Zo moet het Waterlooplein er straks uitzien na een broodnodige opknapbeurt. Voor marktkramen is veel minder plek.

'De handel is veranderd. Vroeger kon je hier allerlei trends vinden. Nu is het geen karakteristieke vlooienmarkt meer.' Beeld Joris van Gennip

De bodem is verzakt, de tegels liggen los en de afvalcontainers zijn voortdurend overvol: geen wonder dat de marktondernemers op het Waterlooplein de geplande opknapbeurt toejuichten. Totdat bekend werd dat velen door de herinrichting straks niet meer welkom zijn. Dinsdag worden de plannen verder besproken door de bestuurscommissie.

Op de grond
De Waterloopleinmarkt is een van de grootste en oudste markten van Nederland, de enige vlooienmarkt in Amsterdam met plekken waar de handel niet in kramen, maar op de grond wordt uitgestald. De kooplieden kunnen daarom niet zo makkelijk uitwijken naar andere markten, zoals de Noordermarkt of de Dappermarkt. De wachttijden zijn daar lang en de kraampjes klein.

De gemeente wil het Waterlooplein volgend jaar veranderen in een 'stadsplein', met meer bankjes en groen. Dit heeft gevolgen voor de markt. Het aantal standplaatsen wordt gehalveerd om ruimte te maken voor de herinrichting. Van de 283 plekken blijven er 125 over. Daarvan mogen alleen de huidige 95 vaste kraamhouders blijven staan en 30 lotelingen, marktkooplieden zonder vaste plek.

Alleen 'vlooien en vintage'
Het afgelopen jaar is door de gemeente met een onaangekondigde telling getoetst welke ­lotelingen gemiddeld minder dan drie dagen per week op de markt stonden. Die zijn niet meer welkom op het plein.

Na de aanpassing van het plein is er, zegt het stadsdeel, mogelijk meer ruimte voor nieuwe ondernemers. Wel wil de gemeente het aanbod op het Waterlooplein reguleren door alleen 'vlooien en vintage' toe te staan. De vaste boxen op het plein zijn qua inrichting nu net kleine winkels, met nette stapeltjes met kleding op planken en eyecatchers aan de wand. Die zullen op het nieuwe plein worden geweerd.

Lees ook: Het kranige verweer van de verkopers op het Waterlooplein (klik) en een ingezonden brief van een marktkoopman: 'Inkrimping Waterlooplein houdt elke verandering tegen' (klik)

Robin van de Water Beeld Joris van Gennip

Robin van de Water (29), staat 2 jaar op de markt, 2 à 3 ­dagen in de week. Verkoopt inboedels uit ontruimde woningen
"Voor mijn master middeleeuwse geschiedenis schrijf ik nu een scriptie. Ik dacht na over promoveren, maar de ­gedachte aan al die uren achter de computer maakte me doodongelukkig. Ik wilde naar buiten, schatzoeken. Een vriendin zei: ga de markt op."

"Dat vaste plaatshouders minimaal drie dagen in de week op de markt moeten staan, is beperkend. Ik heb tijd nodig om woningen te ontruimen. Ergens gaan kijken, een offerte maken, een ruimte leeghalen en alle spullen uitzoeken."

"Het Waterlooplein is de enige markt met grondplekken, dat is ideaal voor inboedels. De gemeente moet de jongere generatie marktverkopers juist toejuichen, niet wegpesten."

Astrid Okhuizen Beeld Joris van Gennip

Astrid Okhuizen (56), staat 32 jaar op de markt, 6 keer per week. Verkoopt zelfgemaakte feestkleding
"Dit is de tweede keer dat ik mijn box kwijtraak. De eerste keer was bij de bouw van de Stopera. Ik moest een mobiele kar kopen, een nachtmerrie. De wielen vielen eraf door het slechte terrein en mijn mooie spiegelwand ging kapot. Hoeveel tranen ik daar niet om heb gelaten."

"Voor een winkel verdien ik niet genoeg. Ik heb de gemeente al honderd keer gevraagd: wat krijg ik na de verbouwing? Een huis met dak, zonder dak of een tweedeurs linnenkast op wielen? Maar dat moeten ze nog onderzoeken. De ambtenaren luisteren niet naar ons. Na tien minuten op de markt staan ze alweer binnen omdat het te koud is. Maar zij bedenken wel hoe wij ons werk moeten doen."

Harry Moinat Beeld Joris van Gennip

Harry Moinat (77), staat 40 jaar op de markt, drie keer per week. Verkoopt tweedehands boeken
"Vroeger stond ik zeven dagen per week op het Waterlooplein. Toen was een bezoek aan de markt een belevenis. Het stond vol kraampjes, er gebeurde van alles. Maar de handel is veranderd."

"Vroeger kon je hier allerlei trends vinden, zoals ladingen oude laarzen uit Mexico. Toen kregen we concurrentie van kringloopwinkels, internet en particulieren die spullen verkopen in de IJ-Hallen. Het is nu geen karakteristieke vlooienmarkt meer, het is een toeristenmarkt."

"Om het plein weer aantrekkelijk te maken, moeten er meer tweedehands spullen worden verkocht en de gemeente zou hierop moeten handhaven. En er moet meer parkeergelegenheid komen."

Ber van Teeseling Beeld Joris van Gennip

Ber van Teeseling (54), staat 4 jaar op de markt, gemiddeld 3 keer in de week. Verkoopt kleren met zelf ontworpen opdruk
"Als ik hier weg moet, zit ik weer aan de bedelstaf. In de wintermaanden ben ik naar de Noordermarkt uitgeweken. Dus nu mag ik hier het veld ruimen. Het is disrespect naar de ondernemers."

"Vier jaar geleden ben ik ontslagen, en ik heb me het lazarus gesolliciteerd. Wat moet ik dan? Onder de armoedegrens gaan leven? Voor 1300 euro per maand om mijn gezin te onderhouden? Mensen boven de vijftig hebben geen kans meer op de arbeidsmarkt. Ondernemer worden op de markt was voor mij geen keuze, maar een redmiddel."

Elektra Christodoulou Beeld Joris van Gennip

Elektra Christodoulou (62), staat 40 jaar op de markt, in de lente en de zomer. Verkoopt zelfgemaakte spullen van hout, waaronder stempels
"Het afgelopen jaar stond ik hier minder dan drie dagen per week. Dit betekent dat ik tijdens de verbouwing weg moet. Ik had bijna veertig jaar een dubbele vaste plek, met drie man personeel. Die heb ik opgegeven vanwege te hoge kosten. Toen kwam de economische crisis."

"Nu heb ik geen vaste plek en sta ik minder vaak op de markt. Alleen als ik veel kan verdienen. Zo kan ik weer leven van mijn zaak. Als de gemeente eist: je moet hier drie dagen per week staan, negen maanden per jaar, ga ik failliet."

Ad Beekmeijer Beeld Joris van Gennip

Ad Beekmeijer (63), staat 15 jaar op de markt, 2 à 3 keer in de week. Verkoopt tweedehands spullen
"Ik was mantelzorger voor mijn vrouw afgelopen jaar. Daardoor kon ik niet gemiddeld drie dagen per week op de markt staan. Door de telling ben ik dus straks mijn plek kwijt. De gemeente pleegt opzettelijk broodroof op de marktondernemers. Het is op z'n Amsterdams gezegd schofterig."

"Ze willen toch dat we zelfredzaam zijn? Ik wil niet meer in de bijstand, maar de gemeente biedt geen alternatief aan, niets! Een onlineverkoop heeft met dit soort spullen weinig zin. Mensen willen vasthouden wat ze kopen."

"Ambtenaren laten het Waterlooplein expres verkrotten. Ze wachten en wachten totdat het plein niet meer te redden valt, en dan is het 'sorry, maar het moet nu allemaal gesloopt.'"

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden