Plus

De toegenomen drukte in Amsterdam eist ook 's nachts zijn tol

De drukke stad gaat óók ten koste van de nachtrust. Maar hoeveel last hebben Amsterdammers nu echt van toeristen en elkaar? 'Alles gebeurt 's nachts in mijn steeg: van dealen tot seks en drinkpartijen.'

Bijna twee derde van de Amsterdammers wordt gestoord in zijn slaapBeeld Hedy Tjin

Wie in hartje centrum gaat wonen moet niet moeilijk doen als er af en toe een dronken Brit je vrolijk lallend uit je slaap doet opschrikken; dat hoort er nu eenmaal bij.

Maar gezelligheid wordt overlast wanneer er élke nacht dronken Britten of andere overlastgevers onder je raam staan.

Buren en horeca
In deze themaweek over slapen onderzocht Het Parool hoe goed en hoe slecht er geslapen wordt op drukke punten in de stad. Gemeentelijk onderzoeksbureau OIS peilde onder 529 inwoners de nachtelijke (on)rust in de wijken.

Daaruit blijkt dat bijna twee derde van de Amsterdammers wordt gestoord in zijn slaap. De grootste boosdoeners zijn de buren, maar verkeer en cafés zijn ook bekende stoorzenders. Zo geeft maar liefst een derde van de ondervraagde Centrumbewoners aan dat ze uit hun slaap gehouden worden door horeca en uitgaanspubliek, in andere stadsdelen is dat een stuk minder.

Last
Daarnaast vroegen we Amsterdammers die op drukke punten in de stad wonen naar de mate van overlast die ze 's nachts ervaren. Een aantal heeft inderdaad last, maar de meeste reacties kwamen van mensen die aangaven dat ze prima kunnen slapen op ­rumoerige locaties.

Zo woont Alexandra Smith (41, schrijfster, geeft trainingen) sinds 2010 aan de Spaarndammerdijk. "Een drukke buurt waar veel auto's voorbijkomen en al ruim twee jaar een tunnel wordt gebouwd. Toch went het; ik heb er dus geen last van. ­Misschien omdat ik mijn leven lang al in drukke buurten in Amsterdam heb gewoond." Ze huurt een werkplek aan de Herengracht. "Maar als ik rustig wil schrijven, werk ik liever thuis en niet op die werkplek. Want daar heb ik meer last van collega's om me heen, hoe gezellig dat ook is."

Oordoppen
De 29-jarige Iris Nicolaï (docent en psycholoog) groeide juist niet op in een drukke buurt, maar 'op een boerderij in een klein gehucht in Drenthe, waar het heel rustig was'.

Ze woont sinds vier jaar in hartje centrum: in de Handboogstraat, hoek Heiligeweg. "Boven coffeeshop de Dampkring. Ik tref weleens mensen voor de deur die iets te veel hebben geblowd, maar dat is wel grappig. En als je in het centrum gaat wonen, mag je ook overlast verwachten, je hoort mij dus ook niet klagen. Nu Disco Dolly en de Bloemenbar er zijn, is het altijd druk 's nachts. Het geluid went, maar ik word elke nacht wel een keer wakker van schreeuwende, dronken mensen. Ik slaap altijd met oordoppen in. Aan slaappillen begin ik niet, dan kan ik elke nacht wel een pil innemen."

Kruidenier
Na vier jaar wonen in een uitgaansbuurt weegt Iris de voor- en nadelen tegen elkaar af. "Het is een heel fijn huis, ook al is het oud. Maar nu heb ik zin om iets rustiger te gaan wonen, in Noord, of buiten de stad. Ik merk dat ik, nu ik iets ouder ben, de behoefte heb om de natuur op te zoeken. Ik ga nog weleens uit, maar meestal naar feesten die buiten de stad zijn. Je zult mij niet zo snel vinden op het Leidseplein of het Rembrandtplein."

Een minder tevreden centrumbewoner is de 46-jarige freelance schrijfster en journalist Ilonka ('liever geen ­achternaam'), die al een jaar of achttien in een steeg in de Negen Straatjes woont.

"Toen ik hier kwam was het een ­oase! Ik kwam uit Oost, daar was het veel erger, met elke nacht vechtpartijen en inbraken. Toen ik hier kwam ­wonen, heette het nog niet eens de Negen Straatjes: het was gewoon een buurt met echte bewoners en een bakker, een slager, een kruidenier en een groenteboer. Die zijn ­allemaal verdwenen toen het een trekpleister werd voor toeristen. In de buurt noemen we het tegenwoordig ook wel de Negen Kalverstraatjes, vanwege de menigtes die er in het weekend doorheen sjokken."

De Runstraat, een van de Negen StraatjesBeeld anp

Voetballiederen
Maar die shoppers zorgen niet voor de grootste overlast. Die komt 's nachts pas. "Mijn steeg is nogal uitnodigend, alles gebeurt er: van dealen tot seks, van drinkpartijen op de stoep tot plassen én zelfs wildpoepen. Ontzettend vervelend. De meeste herrie komt als de buurtcafé's dichtgaan. Dan gaan de bezoekers bij mij op de stoep zitten, of met zijn ­allen om een auto heen hangen met de ­muziek hard aan. Britten die tot zes uur in de ochtend voetballiederen zingen of mensen die om drie uur 's nachts een uur lang onder mijn raam telefoneren met de luidspreker aan, zodat ik ook de andere kant van het gesprek hoor. En als het dan een ­interessant gesprek is, maar het is meestal zó saai!"

Om beter te slapen kan Ilonka niet zonder oordopjes. "En af en toe neem ik een slaappil, al klinkt dat nogal Marilyn Monroe-achtig. Ik bel zelden de politie, vaak helpt het al om iets uit mijn raam te roepen, maar als ze erg dronken zijn, worden ze daar alleen maar agressief van. Voordat ik zover ben dat ik iets uit het raam roep, lig ik al uren wakker. Zie dan maar weer eens in slaap te komen. Afgelopen ­zaterdag heb ik drie uur geslapen, mét oordoppen in!"

Heilige toerist
De onvermijdelijke vraag dringt zich op of het voor ­Ilonka niet eens tijd wordt om te verhuizen als ze zo veel hinder ondervindt van de plek, maar daar piekert ze niet over: "Ik vind het nog steeds mijn buurt, mijn dorp.

Ik denk wel vaak aan Venetië, waar de 'echte' bewoners ook uit het centrum zijn verjaagd. Hier worden de bewoners óók weggetreiterd uit het centrum, ook door de gemeente met ­allerlei onzinnige regels, terwijl de toeristen zich aan geen enkele regel lijken te hoeven houden. Alles wordt gedaan voor de heilige toerist, maar niets voor de bewoners die er last van hebben. Dus waarom moet ík verhuizen? Bovendien zijn de huren in Amsterdam zo hoog geworden dat ik niet eens kán verhuizen, al zou ik het willen."

De toegenomen drukte in Amsterdam eist dus ook 's nachts zijn tol, op slaapgebied. Al blijkt de mate van nachtrust eerder persoonlijk te zijn dan afhankelijk van de ­locatie: je hebt nu eenmaal diepe slapers en slechte ­slapers.

Welk lawaai waar?

- 60% van de Amsterdammers zegt in zijn slaap gestoord te worden door lawaai van buiten.
- De grootste boosdoeners zijn de buren (18%).
- Horeca en uitgaanspubliek zijn een 'goede' tweede met 12%.
- 12%­ van de ondervraagden ­heeft last van wegverkeer. Maar als je overlast door vliegtuigen (8%) en trams (4%) meerekent,
is verkeer met 24% zelfs de ­belangrijkste bron van overlast.

De mate van overlast verschilt sterk per stadsdeel:
- In West, het dichtstbevolkte stadsdeel, komt burenoverlast het vaakst voor (26%), in Noord (9%) het minst.
- Horeca vormt, zoals verwacht, de grootste bron van overlast in ­Centrum (32%), in Noord (2%) speelt dat (nog) nauwelijks.
- In Zuidoost is het vliegverkeer met 20% de grootste bron van geluidsoverlast.

Onderzoek van OIS in ­opdracht van Het Parool onder 529 Amsterdammers.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool .nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden