Plus

De stad lijkt 'scootercity' te zijn

Amsterdam is de scooterhoofdstad van Nederland. Het zijn omstreden voertuigen, maar gebruikers vinden ze ideaal. Ook nu ze waarschijnlijk van het fietspad verdwijnen, blijven scooters onverminderd populair.

Een scooter geeft vrijheid, maakt de wereld groter en kleiner tegelijk, vinden de rijders Beeld Eva Plevier

Als de scooter er nog niet was, dan zou je 'm nooit opnieuw op deze manier uitvinden. Maar waarom eigenlijk niet? Vraag het een gemiddelde scooterrijder en je krijgt bijna alleen maar voordelen opgesomd.

Scooters zijn snel, wendbaar en gemakkelijk te parkeren. Ideaal voor gebruik in de stad, voor vervoer van huis naar werk en terug zonder die natte rug of die verprutste tijd in de file.

Een scooter geeft vrijheid, maakt de wereld groter en kleiner tegelijk. Met de scooter zit je zo in Zandvoort én in de Jordaan. Je trapt je niet suf, maar je bent wel lekker buiten. En, ook niet onbelangrijk: geen helmhaar, wel die natuurgeföhnde coiffure. De scooter, zeggen de gebruikers, die is ideaal.

Bontkraag
Of, klinkt er dan al snel achteraan, nee, misschien toch niet helemáál ideaal. Want een scooter roept ook weerstand op. Ga er maar eens op zitten en beweeg je door de stad.

Je hoeft er echt de binnenstad niet voor in om norsige blikken om je heen te zien, waar je ook kijkt. Fietsers, traag als ze zijn, gaan niet opzij. Scooters zijn stigmatiserend: de berijder heeft een bontkraag of is makelaar.

Scooters zijn ongewenst. Maar waarom eigenlijk? De oorzaak daarvan zit 'm waarschijnlijk vooral in het feit dat er eigenlijk nergens een natuurlijke plek is voor het vervoermiddel.

Ooit had je fietsers en je had brommers. De snorfiets of de Solex, dat waren beperkt voorkomende, een beetje buitenissige tussenvormen. De brommer rijdt op de rijweg, de fiets heeft het fietspad. Maar de snorfiets, die tegenwoordig vooral de snorscooter is, die heeft geen plek. Waar hij zich ook bevindt, nergens ligt ie echt helemaal lekker.

Meer dan 60.000 stuks
Vreemd genoeg heeft al die onduidelijkheid de scooter er niet van weerhouden uit te groeien tot een extreem populair vervoermiddel. Telde de stad er in 2008 nog slechts 8000, het afgelopen jaar bleek dat aantal te zijn opgelopen tot maar liefst meer dan 35.000 exemplaren, en milieu­organisatie de Gezonde Stad spreekt zelfs van 60.000 scooters die door de stad rijden.

En daarmee begonnen de problemen. Want scooters rijden vrij massaal te hard. Niet alleen harder dan fietsen, die andere verkeersdeelnemers op het fietspad, maar ook harder dan veilig is. Uit de laatste meting in 2016 bleek dat 87 procent de snelheidslimieten overschrijdt.

Die massa, die snelheid, gevoegd bij het feit dat ook steeds meer Amsterdammers fietsen en dat de fietspaden stelselmatig smaller zijn dan de normen voorschrijven, betekent problemen. Ongevallen vooral, waarbij berijders van de snorfiets relatief vaak op straat en in het ziekenhuis terechtkomen.

In de periode 2007-2012, de jaren dat de scooter aan zijn opmars begon, nam het aantal slachtoffers toe met 128 procent, van 210 naar 480: bijna een kwart van het totale aantal verkeersslachtoffers. En dat voor een groep die goed is voor één à twee procent van het totaal aantal verplaatsingen in de stad. Of de cijfers nu beter zijn? Het is niet aannemelijk.

De binnenstad hoef je niet in om norsige blikken om je heen te zien Beeld Eva Plevier

De stad neemt nu dan maatregelen, uiteindelijk. Meer controleren helpt niet, daarvoor is het verschijnsel scooter inmiddels te groot gegroeid.

Na jaren van discussies intern en gelobby in Den Haag heeft Amsterdam nu dan toestemming van de minister (de Kamer en de Raad van State moeten nog oordelen in september) om de snorfiets naar de rijweg verplaatsen. Mét een helmplicht. Niet in de hele stad, zelfs niet alleen binnen de Ring: waarschijnlijk overal waar vrijliggende fietspaden zijn, zal de snorfiets zich met ingang van komend jaar niet meer mogen vertonen, is de bedoeling. De ­Eerste Constantijn Huygensstraat bijvoorbeeld. De Overtoom. Dat soort straten.

De scooter staat dus onder druk, maar blijft onverminderd populair. Zeggen scooterrijders die deze krant bijna dagelijks aanschrijven. En Ewoud Rouwenhorst, eigenaar van Scooter City, de grootste scooterdealer van de Benelux, zegt het ook. De afgelopen jaren wist hij jaar na jaar een plus te noteren in zijn verkoopcijfers en zelfs de eerste maanden van dit jaar werden weer meer scooters verkocht dan in dezelfde periode vorig jaar.

Helmpje op, helmpje af
Een scooter is op een aantal momenten de meeste praktische manier om je door de stad te verplaatsen, zegt Rouwenhorst. "Met de auto kom je nergens, sta je steeds vast in het verkeer. En sommige afstanden zijn net te ver voor de fiets. Een scooter is dan handig, dat is heel eenvoudig."

Er is nog zoveel onduidelijk, zegt Rouwenhorst. Moet in de ene straat het helmpje op en in de andere het helmpje af? En voor welke straten moet de scooter wel van het fietspad af en in welke straten niet?

"De Wibautstraat? Moet je straks op het Zeeburgereiland op de IJburglaan tussen de auto's, die daar met minstens tachtig kilometer per uur rijden? Dat zou absurd zijn."

"Dat ondanks al die onzekerheden de scooter toch nog gretig aftrek vindt, zegt iets over het gebruiksgemak van het vervoermiddel. Maar het vertelt ook dat mensen niet wíllen weten dat de kans groot is dat er van alles gaat veranderen. Ze sluiten de ogen, ze willen het vergeten."

Snorren, brommen

Er is veel verwarring over snorfietsen en bromfietsen. Wie een snorfiets rijdt, hoeft nu nog geen helm op, maakt gebruik van het fietspad en heeft een blauw kentekenplaatje. Maximumsnelheid: 25 kilometer per uur. Bromfietsers zijn wel helmplichtig, moeten meestal gebruikmaken van de rijweg, waar ze maximaal 45 kilometer per uur mogen rijden.

Op sommige plekken geldt voor bromfietsen echter dat ze verplicht op het bromfietspad moeten rijden. Hier geldt een maximumsnelheid van 30 kilometer per uur. Bromfietsen hebben een geel kentekenplaatje. Om het nog verwarrender te maken: veel snorfietsen zijn vormgegeven als een scooter, maar zijn toch geen brommers. In het algemeen geldt: wanneer mensen spreken over een scooter, meestal zo’n breed uitgevoerd exemplaar, gaat het toch echt over een snorfiets.

'Stikstofhappen' in de rij bij het stoplicht

Het gaat bepaald nog niet hard met de elektrische scooter, de uitstootvrije variant van de snorfiets.

Vorige week maakten twee ondernemers bekend binnenkort te gaan beginnen met een 'deelplatform' voor elektrische scooters en bijna honderd exemplaren te hebben besteld. Maar elektrische scooters maken naar schatting slechts twee procent uit van het Amsterdamse scooterpark.

Over hoe vies al die overige scooters zijn, wordt veel gesproken, maar duidelijke antwoorden zijn er niet. TNO-onderzoek dat veel wordt bekritiseerd, stelt dat snorfietsen niet veel bijdragen aan de totale hoeveelheid stikstofoxiden en fijnstof. Snorfietsen dragen wel voor 10 tot 20 procent bij aan de uitstoot door verkeer van koolmonoxide en voor 25 tot 30 procent voor de uitstoot van schadelijke koolwaterstoffen.

Het feit dat scooters en fietsers zo dicht op elkaar zitten, wordt door veel weten­schappers gezien als schadelijk voor de gezondheid. Wie voor het stoplicht achter een ouder model staat, krijgt relatief veel schadelijke stoffen binnen.

Voormalig verkeerswethouder Eric Wiebes stelde enkele jaren geleden bij verkeerslichten altijd een flink eind achter scooters te wachten om zo verschoond te blijven van 'stikstofhappen'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met Het Parool?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van Het Parool rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@parool.nl.